De nieuwe Chinese toerist wil ook naar de coffeeshop

Europeanen die klagen over zomerdrukte, hebben geen idee wat hun te wachten staat. De Chinezen komen! Niet in groepen, maar alleen. De nieuwe Chinese toerist sjokt namelijk niet braaf achter een gids aan.

Foto Corbis

Haar moeder kan er maar niet aan wennen dat Yang Lulu (33) „zo zwart als een boerin” terugkomt van buitenlandse strandvakanties. „Ik hou van de zon, van duiken en ik kom dus meestal lekker bruin terug, maar volgens de generaties van mijn moeder en oma, en ook van sommige mannen, hoort een nette Chinese vrouw een lelieblanke huid te hebben, anders denken de mensen dat je een arbeider of een boer bent’’, vertelt de auto-ontwerpster die in Shanghai bij een Duits bedrijf werkt, goed verdient, graag reist en beschouwd kan worden als „de nieuwe Chinese toerist”.

Het is een veelzeggend detail in het verhaal over de veranderende mores in reislustig China. „Een gebruinde huid is een teken van welvaart aan het worden: je hebt blijkbaar de tijd en het geld voor vakanties en allerlei sportieve dingen, zoals wandelen in de Alpen of trekken over de Zuidpool”, zegt de koperkleurige Yang Lulu, „ik zie steeds meer pas teruggekeerde vakantiegangers op straat”.

Yang Lulu behoort tot de 120 miljoen reizigers die dit jaar naar buitenlandse bestemmingen gaan en daar 140 miljard dollar aan uitgeven. Dat zijn nieuwe records in de duizelingwekkende ontwikkeling van het Chinese toerisme; records die in de komende jaren veelvuldig zullen worden gebroken. Volgens de Chinese president Xi Jinping zullen over een jaar of vijf rond de 500 miljoen Chinese toeristen over de wereld uitzwermen.

De tijd dat Chinezen te arm waren om te reizen is voorbij, net als de tijd dat weinigen over een paspoort beschikten en er tal van politieke reisrestricties golden. Duidelijk is dat Europeanen die nu al klagen over zomerdrukte niet beseffen wat hun nog te wachten staat.

Yang Lulu is een „nieuwe Chinese toerist”. Ze houdt van sportieve vakanties, gaat drie keer per jaar op pad en onderscheidt zich daarmee van de gewone Chinese toerist, legt Sven Dong, de Europa-manager van Ctrip uit. Het in 1999 in Shanghai opgerichte Ctrip is op de vleugels van het Chinese toerisme uitgegroeid tot het op twee na grootste, Nasdaq-genoteerde reisbureau ter wereld.

De „nieuwe Chinese toerist”, vertelt hij, reist individueel of in kleine vriendengroepen, boekt vliegtuigen en hotels online bij Ctrip, gaat duiken in Thailand, de Malediven, de Filippijnen of Indonesië, bergen beklimmen in Nepal of Noorwegen of brengt een weekje door in de duurste hotels en resorts van Italië of Turkije.

Het aantal „nieuwe Chinese toeristen” stijgt snel. Een op de vijf behoort al tot deze categorie die ook steeds vaker voor meer cultuur kiest. Hun ouders en grootouders hadden vaak geen geld voor meer dan een paar schoenen.

Winkelen en selfies maken

„Maar de meerderheid van de Chinese toeristen, die heel vaak voor het eerst in hun leven een paspoort hebben aangevraagd en voor het eerst China verlaten, reist het liefst in een groep door meerdere landen”, weet manager Dong. Hij kent zijn groepsreizigers goed. De meesten zijn tussen de 20 en 55 jaar oud, willen zoveel mogelijk landen in een trip aandoen en zijn meestal alleen geïnteresseerd in winkelen. Na winkelen volgt het fotograferen van zichzelf en van reisgenoten voor bekende bezienswaardigheden, zoals de Eiffeltoren. Musea of oude steden bezoeken boeit hen minder, althans op de eerste buitenlandse reis. Als je geen foto hebt van jezelf bij een bezienswaardigheid als de Eiffeltoren of de Toren van Pisa, ben je er niet geweest”, zegt hij grijnzend. Deze groepen worden begeleid door gidsen die reizigers hebben geïnstrueerd niet op straat te spugen, niet voor te dringen, niet te schreeuwen en al helemaal niet te proberen in een opstijgend vliegtuig de deur te openen „om de hemel beter te kunnen bekijken’’. Wie zich toch misdraagt en China voor paal zet, loopt het allerminst theoretische risico op een officieel zwarte lijst te worden geplaatst.

Doorgaans verlopen deze groepsreizen zonder grote problemen, hoewel Ctrip veel klachten krijgt over de matige kwaliteit van het Chinese eten in Europese hotels, het gebrek aan service in goedkopere onderkomens en de onveiligheid op straat in steden als Rome en Parijs.

Sorry, Nederland heeft geen Alpen

De Ctrip-manager weet ook dat van de Europese bestemmingen Parijs, Rome en Venetië het populairst zijn, want „die hebben wereldberoemde bezienswaardigheden die iedereen van televisie kent”. Sven Dong: „Het spijt mij, maar voor Nederland en België is minder belangstelling, maar dat komt misschien doordat jullie minder aan marketing doen. En er is in Nederland ook niet zoveel te zien behalve tulpen, molens en Giethoorn. Jullie hebben geen kastelen en geen Alpen.”

En, vervolgt hij: „Italië, Frankrijk en ook Zwitserland daarentegen doen daar heel veel aan. Het scheelt ook dat Chinezen heel erg van Italiaans eten houden.

Italië sponsort een van China’s meest bekeken realityshows, waarin zeven pop- en filmsterren die familie van elkaar zijn door Italië reizen. Met kijkcijfers die in de tientallen miljoenen lopen is Huaying Jiejie (Zusters boven bloemen) een lange Italië-advertentie, niet alleen voor steden als Rome en Venetië, maar ook voor Italiaanse modehuizen en automerken. Het modieuze en beroemde zevental verkleedt zich heel vaak en verplaatst zich afwisselend in Maserati’s en Alfa Romeo’s. Yang Lulu: „Door deze show heb ik Italië heel hoog op mijn lijst van reisbestemmingen gezet, ik heb vriendinnen die precies de route van deze sterren hebben gevolgd.”

Gebruik jullie voetballers!

Nederland mag dan relatief laag scoren in de belangstelling van de Chinese toerist, Sven Dong ziet wel mogelijkheden in het kader van de meerlandentrips. „Nederland is minder geschikt voor het groepstoerisme, maar wel een goede bestemming voor de nieuwe, individuele reiziger. Jullie zouden jullie voetbalsterren beter kunnen gebruiken. Iedereen in China kent het Nederlandse voetbal en de Nederlandse toppers. Misschien kunnen jullie ook jullie koning en koningin vragen om Chinese toeristen te verwelkomen”, stelt hij strikt zakelijk voor.

Voor Yang Lulu hoeft dat helemaal niet. Zij heeft Amsterdam al op haar lijstje staan. Vanwege de musea zeker? „Ja natuurlijk”, antwoordt zij op ironische toon om daar snel aan toe te voegen, „en de coffeeshops, want daar heb ik net op internet veel over gelezen”.