Overal online via een ballon

In zijn lab Google X werkte de techgigant er jaren aan: een ballon die een heel land van internet voorziet. Nu is ie klaar.

Illustratie en beeldbewerking studio NRC

In 2013 brengt internetgigant Google de eerste details naar buiten. In een gelikt filmpje legt het bedrijf uit dat tweederde van de wereldbevolking geen internet heeft. Oplossing: balloon-powered internet for everyone. Het project, met de toepasselijke naam Loon (Engels voor gek), wordt vanaf maart concreet als er boven heel Sri Lanka Loons gaan vliegen.

1 Hoe werkt het?

De Loon-ballonnen zijn van laagjes polyethyleen en 15 meter breed. Ze zweven op 18 en 27 kilometer hoogte in de stratosfeer. Het besturen wordt een technische uitdaging: ze drijven mee op (relatief trage) windstromen. Moet een ballon de andere kant op, dan kan er vanaf een besturingscentrum op de grond helium uit worden gelaten, zodat hij zakt en meedeint op een andere stroom. De ballonnen kunnen tot honderd dagen in de lucht blijven – Google’s record is zelfs 187 dagen. Ter vergelijking: de langste bemande ballonvlucht ooit duurde 21 dagen, volgens het Guiness Book of Records. En weerballonnen van het KNMI knappen binnen een uur in de stratosfeer.

2 Is dat internet een beetje snel?

Het eerste prototype zag eruit als een vliegende vuilniszak vol plakband. Hij bestond uit een wifi-modem met een antenne die onder een ballon werd gehangen. De huidige Loons bestaan uit twee ballonnen in elkaar. Eronder hangt een pakketje met onder meer een zonnepaneel. De ballonnen staan met elkaar in contact via LTE, een veelgebruikte technologie voor mobiel internet. Een van die ballonnen staat ook in contact met een grondstation, voor contact met de rest van het internet. Binnen een straal van 40 kilometer, op de grond, kun je ermee het internet op – al is de snelheid lager dan de meeste wifi-verbindingen in Nederland.

Financiële details zijn er nog niet. Google werkt samen met providers als Telefónica. Via deze bedrijven kan het de dienst verkopen.

3 Is dat veilig met vliegtuigen?

Google zegt van wel. De ballonnen zweven kilometers hoger dan het ander luchtverkeer. Ze zijn te zien op de radar en Google staat in contact met plaatselijke luchtverkeersleidingen. Maar de ballonnen hebben hun kinderziektes. Projectleider Mike Cassidy zegt in een YouTube-video: „Veel ballonnen lekten om de een of andere reden. En na een paar uur of dagen kwamen ze naar beneden.” Ter geruststelling: het KNMI laat al jarenlang elke nacht – vroeger zelfs vier keer per dag – een weerballon op in De Bilt. Daar is nog nooit een ongeluk mee gebeurd, laat het weerinstituut weten.

4 Hoe uniek is het?

Google investeert naar eigen zeggen miljarden dollars in de internetsatellieten. Concurrent Facebook heeft gisteren een prototype van zijn eigen wifi-drone gepresenteerd. En er zijn ook nog kleinschaliger initiatieven zoals Outernet, waarmee je zelfs in gebieden zonder elektriciteit nog kunt internetten.