Alleen op zeuren staat een boete

Deze zomer bezoekt nrc.next iedere week een club in Nederland. Deze keer: op pad met de bont uitgedoste vrouwen van de Red Hat Society.

Foto Lars van den Brink Foto Lars van den Brink

Annette Pieterman heeft voor de zekerheid een bordje aan het begin van de 400 meter lange oprijlaan neergezet. ‘Red Hat Limbostars’, in duidelijke blokletters, met een pijl naar links. De vorige keer is een heel stel dames rechtdoor gereden en in Reutje beland, zegt Annette, het dorp verderop. En zoiets wil je natuurlijk liever niet. Het grind knispert onder de zolen van haar rode pumps. Tussen de bomen doemt een negentiende-eeuws landhuis op: Kasteel Aerwinkel.

Het begon allemaal zo’n tien jaar geleden, met een item over de Red Hat Society op televisie, vertelt de 66-jarige Limburgse even later bij een kopje koffie in de serre. Ze voelde zich direct aangesproken door de vrolijke vrouwenbeweging en meldde zich aan bij de afdeling in Maastricht. Maar de bijeenkomsten vielen tegen. „Er kon en mocht niks”, bevestigt Wilmien Loumans (71). „Een tuttenclub.” En dus besloot Annette in 2005 een eigen chapter op te richten. Als ‘Queen’ van de Limbostars organiseert ze elke tweede donderdag van de maand een uitstapje voor vrouwen uit de omgeving van Roermond.

Renée Ketelaar (69), alias Queen Valentina („Ik ben op Valentijnsdag jarig”) kwam in contact met Annette nadat ze zich via internet aanmeldde bij de Red Hat Society in Amerika. Nu zijn ze goede vriendinnen en heeft Renée in haar woonplaats Rotterdam een chapter opgericht.

De Red Hat Society heeft zo’n honderd afdelingen door heel Nederland. Het is een informele organisatie. Een „desorganisatie”, zegt Annette. „Wij doen niet aan geloof, niet aan politiek, niet aan goede doelen. Het enige goede doel dat we steunen, zijn we zelf.” Er is slechts één verbod en dat luidt: niet zeuren. „Geloof me: er wordt op onze leeftijd heel wat geklaagd over kwalen en pijntjes.” Negatief gedoe vinden ze bij het genootschap maar niets en op zeuren staat dan ook een boete: een euro in de pot. „Maar bij moeilijke gebeurtenissen staan al mijn meiden klaar hoor. We zijn er in goede en in slechte tijden.”

Er mogen dan geen regels zijn, wel gelden er strikte kledingvoorschriften. Een red hatter draagt paarse kleding en een rode hoed. Wie jarig is, mag het omdraaien. Aspirantleden mogen zich op hun 45ste aansluiten, maar dragen dan tot hun 50ste lila kleding en een roze hoed. Door zich zo uit te dossen, laten de vrouwen hun rebelse kant zien, zegt Renée: „We zijn toch van een generatie die vroeger vrij strak werd gehouden.”

Het gemeenschappelijke zit ’m in de leeftijd, verder zijn de Red Hat-vrouwen heel divers. Getrouwd, ongetrouwd, hoog- en laagopgeleid. Annette: „Als ze in dezelfde straat zouden wonen, zouden ze waarschijnlijk alleen ‘goedendag’ tegen elkaar zeggen.” Op het moment dat ze een rode hoed opzetten verandert er volgens haar iets: „Ik heb vrouwen hier helemaal zien opbloeien.”

Melig bij de alpaca’s

Bij een kolossale beuk uit 1850 verzamelen zich even later zestien opgewekte, bont uitgedoste vrouwen. Op het programma staat een rondleiding door de Engelse landschapstuin, die vermoedelijk ontworpen is door Pierre Cuypers, de architect van het landhuis en van onder meer het Rijksmuseum en het Centraal Station in Amsterdam.

De vrouwen tonen zich onder de indruk van de pluimhortensia’s in de voortuin („Prachtig! Die wil ik ook”) en de indrukwekkende acacia die al vijf decennia op het terrein ligt. „Deze bomen vallen om als ze oud zijn”, vertelt de kasteelvrouwe Petra de Haas. „Net als wij”, grapt een dame met flaphoed. Bij het verblijf van de alpaca’s wordt het gezelschap een beetje melig. (Wilmien, tegen een van de dieren: „Hallo daar! Jij moet nodig je wenkbrauwen epileren”).

De rondleiding wordt afgesloten met een picknick, waarbij wordt gebabbeld over eerdere en toekomstige ontmoetingen. Op 5 september zal de zogeheten Hoot plaatsvinden in Amsterdam, de jaarlijkse internationale bijeenkomst van de Red Hat Society. Annette vond het vorig jaar geen succes. „Wilde ik kennismaken met een paar Britse vrouwen, bleven ze me zo’n beetje aanstaren. Nou, dan denk ik: plof toch in elkaar.”

Renée: „Annette heeft dit jaar haar eigen programma.”

Annette: „We gaan met het chapter in een sloep varen op de grachten.”

Renée: „Met een lekker wijntje erbij. Of misschien wel twee.”