Sleutelen aan de eurozone

Duitse en Franse pleidooien voor verdere economische integratie.

Demonstratie in Thessaloniki, Griekenland, tegen bezuinigingen en hervormingen die de andere achttien eurolanden stellen als voorwaarde voor handhaving van Griekenland in de eurozone. Foto Konstantinos Tsakalidis / Bloomberg

Eens, maar nooit weer. Dat is het gevoel dat heerst in Europese hoofdsteden over het uiterst moeizaam tot stand gekomen (en nog steeds broze) akkoord van 13 juli om Griekenland in de euro te houden. Na de deal blijft het onbehagen: laat ‘Griekenland’ niet zien dat de eurozone in huidige vorm onhoudbaar is?

In Berlijn en Parijs is opnieuw het debat op gang gekomen over de toekomst van de Europese muntunie. Het Duitse blad Der Spiegel schrijft deze week dat minister van Financiën Wolfgang Schäuble voelt voor een economische regering voor het eurogebied. Mét een eigen begroting en zelfs met eigen belastinginkomsten.

De Franse president François Hollande pleitte daags na de Griekse redding ook voor een „regering voor de eurozone” met een „eigen budget”. Parijs wil na de zomer concrete voorstellen doen. En het Franse ECB-directielid Benoît Coeuré bepleitte maandag in Le Monde een „ministerie van Financiën” voor de eurozone.

De discussie is ook opgelaaid bij denktanks en academici. De Duitse Sachverständigenrat, een groep topeconomen die de regering adviseert, zegt in deze week verschenen rapport dat het Griekse conflict „heeft gerammeld aan de grondvesten van de Europese monetaire unie”. Er zijn „zeer dringend” hervormingen nodig.

De ideeën die nu de ronde doen zijn niet nieuw. Maar de intensiteit van de discussie in Duitsland en Frankrijk suggereert wel dat de twee belangrijkste eurolanden zich opmaken voor verdere integratie.

En dat kan problemen gaan opleveren voor Nederlandse politici. Zeker na het overtuigende ‘nee’ tegen de Europese grondwet, tien jaar geleden, liggen pleidooien voor ‘meer Europa’ gevoelig.

Enkele voorstellen op een rij.

1 Euroregering met eigen schatkist

Al sinds de oprichting van de euro zeggen economen dat een monetaire unie niet werkt zonder een gemeenschappelijk economisch beleid. Regelmatig klinken pleidooien voor een ‘economische regering’ in de eurozone, zowel in Duitsland als in Frankrijk. Alleen, Duitsers en Fransen bedoelen er verschillende dingen mee.

Duitsland wil dat eurolanden soevereiniteit overdragen aan Brussel, dat nationale begrotingen strenger moet controleren. Dit heet in Berlijn ook wel een ‘politieke unie’. Maar Duitsland is huiverig voor het herverdelen van middelen via zo’n centraal bestuur: dat zou uitlopen op een permanente geldstroom van noord naar zuid (een ‘transferunie’). Frankrijk is altijd ambivalent. Het wil meer financiële risicodeling tussen eurolanden en centrale stimulering van de economie, maar la grande nation wil zelf geen soevereiniteit afdragen.

Nu lijkt er beweging te zitten in zowel het Duitse als het Franse denken. Volgens Der Spiegel denkt Schäuble aan een Europees ministerie van Financiën, met een eigen schatkist, gefinancierd uit afdrachten uit de btw of uit de inkomstenbelasting van lidstaten. Hij lijkt bereid Parijs tegemoet te komen. Bondskanselier Angela Merkel zou echter weinig voelen voor het idee: zij vreest een transferunie.

2 Eigen parlement voor de eurozone

Tegelijkertijd denkt Frankrijk een beetje mee met de Duitsers. In een artikel over Europa dat Hollande op 19 juli schreef in de krant Le Journal du Dimanche valt op dat hij aan een economische regering en „parlement” wil koppelen, om „de democratische controle” te waarborgen.

Frankrijk houdt van oudsher niet van politieke integratie, het wil de macht bij nationale regeringen houden. Een eurozoneparlement komt wél neer op politieke integratie, hoewel het valt te bezien hoe machtig zo’n orgaan wordt. In Duitsland staat een eurozoneparlement al langer op de agenda van denktanks en politieke partijen. Bij soevereiniteitsoverdracht hoort democratische controle.

Hoe zo’n eurozoneparlement eruit zou zien blijkt uit recente voorstellen van de Franse minister van Economische Zaken Emmanuel Macron en zijn Duitse collega Sigmar Gabriel. Een club van leden van het Europees Parlement, maar dan alleen afkomstig uit de eurolanden, zou exclusief kunnen beslissen over eurozonekwesties.

3 Gecontroleerd faillissement en exit van eurolanden

De Duitse raad van topeconomen is sceptisch over de haalbaarheid van dit soort integratievisioenen: de eurolanden „willen over het algemeen geen soevereiniteit afstaan over hun begrotingen”, zo schrijft de raad.

De raad trekt een heel andere les uit het Griekse fiasco. Eurolanden moeten, net als tegenwoordig voor banken geldt, failliet kunnen gaan zonder dat de belastingbetaler in andere eurolanden daarvoor moet opdraaien. Bezitters van staatsobligaties moeten verliezen nemen, net als aandeelhouders bij een failliete bank.

En als laatste remedie moet een lastig euroland de muntunie kunnen verlaten, zeggen de economen. Nu is hier nog geen procedure voor, maar volgens de raad „mag een permanent niet meewerkende staat de euro niet existentieel bedreigen”.

Op dit voorstel kwam deze week felle kritiek van andere economen, die menen dat de financiële markten er dan vanuit zullen gaan dat de muntunie uiteen kan vallen. Dit zou juist nieuwe instabiliteit veroorzaken.