Na bierfiets ook varende badkuip?

Inwoners ergeren zich aan drukte met feestende toeristen. Nu loopt er een zaak tegen hottugs: varende badkuipen.

Vandaag komt een man bij de rechtbank die een badkuip door de Amsterdamse grachten wil laten varen, een badkuip met een houtkachel erin. Voordat horeca-exploitant Pim Evers zijn ‘hottug’ mag uitbaten, moet hij hopen dat de rechtbank de bezwaren van de Vereniging Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad tegen zijn vergunning wegwuift.

De bezwaren die de Vrienden zullen aanvoeren, zijn velerlei: het bootje is niet veilig, het vaart zo langzaam dat het niet snel genoeg naar de kant kan. De passagiers zitten er ook te laag in, zeggen ze; gevaarlijk in de drukte van het grachtenverkeer. En die kachel, die is niet milieuvriendelijk: uitstoot van fijnstof, waar de stad juist beleid tegen voert.

Maar de bezwaren die de Vrienden hebben, zijn minstens zo belangrijk. Ze zien de hottug als het zoveelste partyvaar- of voertuig dat wordt losgelaten in de grachtengordel, „werelderfgoed nota bene”, zegt Vriend Diana Wind. De vereniging bekommert zich om het erfgoed van Amsterdam, en dat zijn niet alleen de gevelstenen en de kroonlantaarns – daar zijn weer verwante verenigingen voor – maar ook de sfeer in de stad. En die sfeer wordt volgens hen verpest door bezoekers die Amsterdam enkel gebruiken als decor voor de viering van hun allereigenste evenement. Dat kan op een partyboot zijn, op de bierfiets en straks allicht in de hottug. Er is altijd drank bij, en ze maken altijd een hoop lawaai.

De Vrienden hebben het tij mee. De toegenomen drukte in de stad, en dan vooral in de binnenstad, begint steeds meer bewoners op te vallen en te ergeren. De vereniging heeft de strijd aangebonden tegen wat zij de „pretparkisering van de binnenstad” noemt en een drijvend badkuipje valt volgens de vereniging in die onwelkome categorie. „Heel leuk zo’n hottug”, zegt Diana Wind, „maar dan in een sloot op de Veluwe. Niet in de overvolle Amsterdamse grachten.”

Exploitant Pim Evers probeert al meer dan twee jaar de Vrienden van de Binnenstad – „ik noem ze inmiddels de Vijanden van de Binnenstad” – te overtuigen van de vriendelijkheid van zijn bootje. Milieuvriendelijk om te beginnen. Het kuipje vaart op een elektromotor: maakt geen herrie. „Het hout in de kachel is er speciaal voor geplant. De uitstoot valt mee. Het is helemaal niet zo’n vies vervuilend ding.”

Maar Evers weet ook dat die andere bezwaren het zwaarst wegen. Dat het gaat om de „stad in balans”, zoals een nota over de drukte van wethouder Kajsa Ollongren (economische zaken, D66) heet. Evers: „We spreken juist een heel andere groep dan de passagiers van de feestboten aan. Wij richten ons op Amsterdammers. Heb je weleens een filmpje van de hottug in Londen gezien? Het lijkt wel een natuurfilm. En de mensen die erin zitten zijn toch een soort van verlegen.”

Het wordt geen partyboot, bezweert Evers, die met zijn Hannekes Boot al een partyvaartuig uitbaat: zestig mensen of meer. Twee euro voor een biertje, vijftien voor een fles wijn of Prosecco. „In een hottug gaan met moeite acht mensen.” Over drank hoeven de tegenstanders zich volgens Evers geen zorgen te maken. „Heb je weleens bier gedronken in bad? Dat wordt meteen lauw.”