Interview

Leer focussen van de meester

Het is weer 1995, op een goeie manier. Dus geen Guus Meeuwis of Scatman John, maar knallen met Chemical Brothers en Underworld. Voorman Karl Hyde van Underworld geeft vast vijf levenslessen om van Lowlands een succes te maken.

In sommige opzichten lijkt Lowlands 2015 op Lowlands 1995. Want dit jaar zijn er, net als twintig jaar geleden, optredens van Britse dancefavorieten Chemical Brothers en Underworld. Hoe Chemical Brothers het er inmiddels live vanaf brengt is onbekend, maar Underworld gaf onlangs in Nederland een paar zinderende concerten waarbij het publiek zich gewillig liet meevoeren op een warme stroom vibrerende bromtonen en de hypnotiserende lispelstem van voorman Karl Hyde.

Karl Hyde en elektronicamagiër Rick Smith richtten Underworld op in 1987, en maakten hun doorbraakplaat Dubnobasswithmyheadman in 1994. De grootste hit van de band zou ‘Born Slippy’ (1996) worden, met het eindeloos aangehouden dronkenmansrefrein ‘Shouting lager..lager..lager’. Hyde en Smith bekeerden een nieuw publiek tot elektronische dance, juist door de organische versmelting van synthetische beats en gitaarakkoorden waarmee zowel house- als rockfans werden aangesproken.

Hyde, nu 58, speelt al sinds zijn zevende; hij weet hoe je muziek fris en avontuurlijk moet houden. Daarom in de aanloop naar Lowlands: vijf dancy levenslessen van Karl Hyde.

Leer van andermans ideeën

„In 1992 stonden we in Paradiso, in Amsterdam, op het feest Welcome to the Future dat werd georganiseerd door mijn vriend Gert van Veen. Er waren optredens van bands afgewisseld met dj’s. Die aanpak was toen nog nieuw. In de zaal waren gogodanseressen, er was een lichtshow – het publiek staarde niet uitsluitend naar wat er op het podium gebeurde. Wat zich in de zaal afspeelde was evengoed belangrijk.

„Ik raakte niet alleen geïnspireerd door de manier van dansen van de gogodanseressen – zoals je nog steeds aan mijn manier van bewegen kunt zien –, dat feest gaf me bovendien een nieuw idee over hoe we konden optreden: door de cross-over tussen band en dj, en de plaats van de muzikant. Daarna speelden we onze optredens vanaf de mengtafel. Het betekende een ‘heruitvinding’ van onze groep.”

Concentreer, en wees vrij

„Op het podium ben ik me nergens van bewust. Ik vergeet alles. Ik voelde me altijd al aangetrokken tot mensen die zich volledig kunnen concentreren. Dat wilde ik ook leren. Inmiddels weet ik hoe: voordat ik het podium opga, neem ik alle details van de show door in mijn hoofd. Ik bedenk wanneer ik wat doe, waar de overgangen zitten. Als ik vervolgens het toneel opstap, gooi ik al die kennis van me af.

„Zo lukt het me ‘los’ te voelen en te reageren op wat zich per moment voordoet. Aan Rick zie ik binnen een seconde hoe we kunnen inspelen op de sfeer in de zaal, wat we aan de muziek zullen veranderen.

„Het was een les van Miles Davis: ‘Concentreer je, maar wees vrij’.”

Wees perfectionistisch…

„Als we op tournee gaan nemen we zo mogelijk een complete eigen geluidsinstallatie mee. We hebben een geluidssysteem ontworpen dat onze muziek het best weergeeft. Dat moet ook wel, want soms spelen we in een oude fabriek, en de andere keer in een klassieke concerthal. Dat vraagt om flexibiliteit.

„Perfectie is vooral een karaktertrek van Rick. Hij produceert de muziek, doet uitputtend onderzoek naar de details van het geluid. Ik ben spontaner, ik reageer op hem en op de behoeften van het publiek bij het concert.”

…maar blijf naïef

„Rick heeft net een grote analoge synthesizer gebouwd, samengesteld uit modules. Als ik in onze studio kom, heeft hij meestal net weer een nieuw geluid uitgevonden. Dat wordt dan het uitgangspunt voor de nieuwe track. Hij leert, altijd. Persoonlijk speel ik graag instrumenten waar ik niet goed in ben. Voor onze nieuwe nummers is dat bijvoorbeeld het ‘laptopkeyboard’. Ik ben al niet goed op het keyboard, maar de laptopversie is helemaal lastig.

„Vorig jaar werkte ik samen met Brian Eno. Ik speelde toen gitaar in een door hem bedachte bijzondere ‘stemming’, waardoor ik niet wist waar de toonladders zaten. Daardoor speel ik in een naïeve stijl, dat is prettig. Ik speel al vijftig jaar gitaar, dan is het moeilijk om niet slim en kundig te willen zijn.”

Dans niet te vroeg

„Het klinkt als een contradictie: je maakt dansmuziek, maar tijdens het maken mag je niet dansen. Dansen kost te veel energie. Rick en ik werken nu aan een nieuwe cd, maar terwijl we daarmee bezig zijn hoor je eigenlijk weinig. Een track begint bij ons met zachte geluiden. Daar wordt eindeloos op door gewerkt, tot het een dancy nummer is.

„Of ik dans als het nummer af is? In de studio nooit, daar ben ik me te bewust van mezelf.

„Ik dans pas bij de optredens. Is dat tegenstrijdig? Het podium vind ik een intieme omgeving. Het concert is een viering, de uitwisseling van positieve energie, met anderen. Als het goed gaat, vang ik die energie op en vertaal ik hem in klank en beweging. Op die momenten ben ik me niet bewust van mezelf. Ik ben vrij.

„Ik weet nog hoe het was in die tent op Lowlands, in 1995. Het geloei dat opsteeg uit de kelen van het publiek, de eensgezinde cadans van lichamen, op het podium en in de zaal. Het is een beeld dat ik nooit zal vergeten: de mensen, de muziek, en Rick en ik op het podium die als antennes de vibraties uit de lucht pikten.”