Janneke Vreugdenhil Papillote met perzik

Illustratie Jet Peters

De Franse keukenterm ‘en papillote’ betekent niets anders dan dat ingrediënten gaar worden gestoomd in een pakketje (meestal van papier of aluminiumfolie). In dit recept laat Mimi Thorisson perziken en kersen garen in zo’n papillote. Ze maakt 1 grote, terwijl ik het aardige aan deze bereiding juist vind dat ieder een eigen pakketje krijgt met daarin een dampende ‘verrassing’. Ik deed het daarom zelf in individuele porties. Voor de smaak maakt het niet veel uit; die is erg goed, dankzij dat heerlijke sappige zomerfruit en de zoete rodewijnsiroop.

Verhit de oven tot 200 °C. Breng 65 g suiker met de wijn tegen de kook en roer tot de suiker is opgelost. Laat het mengsel op matig vuur, regelmatig roerend, in 5-10 minuten tot een siroop inkoken (tot circa de helft van het volume). Neem een groot stuk bakpapier of aluminiumfolie (30 x 45 cm). Leg het fruit op een helft, samen met het vanillemerg en -stokje. Strooi de verbenablaadjes of munt erover en besprenkel met de rodewijnsiroop. Strooi 1 eetlepel suiker erover. Sla de andere helft over het fruit en vouw de randen twee keer dubbel tot de papillote goed gesloten is. Leg het pakket op een bakplaat met opstaande rand en zet 10 minuten in de oven tot het fruit gaar is. Open de papillote voorzichtig, verwijder verbena en vanillestokje, en verdeel fruit en saus over de borden. Serveer met een bolletje vanille-ijs.