Haha, het was een karikatuur hoor

Als @GSelevator slingerde een anonieme bankier bij Goldman Sachs de ene na de andere seksistische/hebzuchtige/arrogante onliner het net op. Hij heeft nu een boek geschreven waarin hij vertelt hoe het echt zit. En oh ja, hij werkte niet bij de bank.

Een lariekoekboek of niet? John LeFevre, de man achter @GSelevator, heeft in ieder geval nooit op Wall Street gewerkt. Foto Twitter/@JohnLeFevre

„Als je maar in één ding goed kunt zijn, zorg dan dat je goed bent in liegen. Want als je goed kunt liegen, ben je goed in alles.”

„Ik geef nooit geld aan zwervers. Je moet mensen die falen niet belonen.”

„Als mijn vrouw me een blowjob wil geven, dan is het tijd om naar het uitgavenoverzicht van mijn creditcard te kijken.”

Met tweets als deze verwierf een anonieme Amerikaanse zakenbankier vier jaar geleden internationale faam. De man claimde dat hij voor Goldman Sachs werkte en zette onder de twitternaam @GSelevator opvallende uitspraken op het internet. Het waren uitlatingen die hij in de lift van de bank op Wall Street zou hebben gehoord en die de bankiers van Goldman op een nogal pijnlijke manier neerzetten als arrogant, geldbelust, seksistisch en racistisch.

Binnen een mum van tijd kreeg hij honderdduizenden volgers, geholpen door interviews met media als The New York Times. Zijn identiteit hield hij strikt geheim. Goldman Sachs wist ondanks een intern onderzoek niet te achterhalen wie hij was. Zijn volgers wilde weten waarom hij het deed. En of hij echt was of een fantast. Als hij echt was, dan gaf hij een inkijkje in een wereld die normaal zo gesloten is als een oester: die van Goldman Sachs, en in bredere zin die van zakenbankiers.

Arrogant bolwerk

Goldman Sachs staat bij veel mensen synoniem voor alles wat mis is met banken – al kwam die bank probleemloos de crisis door. Het zou een arrogant bolwerk van graaiers zijn, die leven voor hun bonus en klanten behandelen als imbecielen.

Twee weken geleden verscheen het boek van @GSelevator waarin hij de mores op Wall Street opnieuw uit de doeken zegt te doen. Nu doet hij dat door zijn carrière te beschrijven vanaf het moment dat hij, in 2001, als net afgestudeerde student, als zakenbankier begint. Het beeld dat oprijst is zo mogelijk nog meer onthutsend. Zijn bank zou één grote boevenbende zijn. De titel: Straight to Hell. True Tales of Deviance, Debauchery and Billion-Dollar Deals (Regelrecht naar de hel. Waargebeurde verhalen over abnormaal gedrag, losbandigheid en miljardendeals).

In het boek wordt één ding meteen duidelijk. De bankier twitterde niet omdat hij iets aan de kaak wilde stellen. Hij deed het vooral voor zijn eigen vermaak. Uit het boek blijkt ook dat hij de cultuur mooi vond en dat hij er graag aan mee deed. In zijn boek zijn de bankier en diens collega’s constant dronken of onder invloed van (hard)drugs. In zijn eerste jaar verbrast hij zijn jaarbonus tijdens een vakantie in Saint-Tropez. Als hij in Hongkong gestationeerd wordt, krijgt hij van zijn baas als eerste een telefoonnummer van een drugskoerier. Daarna belandt hij met diezelfde (getrouwde) baas en een klant in een bordeel.

In de Verenigde Staten is het boek wisselend ontvangen. Sommige recensenten loven het, omdat het goed is geschreven en humoristisch is. Anderen kraken het als een lariekoekboek.

Dat heeft er mee te maken dat de betrouwbaarheid van de auteur in twijfel is getrokken. In maart, drie maanden voor publicatie, onthulde The New York Times zijn identiteit. Het bleek om een 34-jarige Texaan te gaan, John LeFevre genaamd, die op een dure kostschool had gezeten en naar eigen zeggen vanaf zijn vijftiende zakenbankier wilde worden omdat iedereen die „cool” was op zijn school een vader had die voor een zakenbank werkte.

Nooit op Wall Street gewerkt

Toen werd duidelijk dat LeFevre nooit bij Goldman heeft gewerkt. En eigenlijk ook nooit op Wall Street, met uitzondering van zijn trainingsperiode toen hij net begon als bankier. LeFevre werkte voor Citigroup, een andere Amerikaanse zakenbank. Voor die bank zat hij het grootste gedeelte van zijn carrière in Londen en Hongkong. Hij stopte daar in 2008, drie jaar voor hij ging twitteren. Vanaf toen werkte hij voor een klein financieel adviesbureau.

In zijn boek is LeFevre daar duidelijk over. Maar dat hij voor Citigroup werkte zou niets afdoen aan de relevantie van zijn verhaal. Evenmin als het feit dat hij in Londen en Hongkong zat. Zo verschillend zou de cultuur tussen banken en verschillende financiële centra niet zijn. Hij noemt de mensen die geloofden dat hij voor Goldman Sachs werkte „idioten”. Voor zijn punt zou het niet uitmaken waar hij werkte.

LeFevre verloor niettemin na de onthulling zijn boekcontract met een prominente Amerikaanse uitgever. In een summier persbericht zei die dat het tot de beslissing was gekomen „in het licht van informatie die recentelijk tot ons is gekomen”. Kort daarna had LeFevre overigens alweer een nieuw contract op zak van een andere uitgever.

Puberaal verhaal

Het is lastig vast te stellen in hoeverre LeFevres relaas waarheidsgetrouw is. Mogelijk overdrijft hij met opzet, inspelend op het sentiment bij veel Amerikanen en anderen leeft dat Wall Street tjokvol gedegenereerde sociopaten zit. Sentiment verkoopt.

Het boek leest in ieder geval als een nogal puberaal verhaal. Een voorbeeld daarvan zijn de vele anekdotes over nogal studentikoze kantoorgrappen. Een zakenbankier staat op het punt om naar een vrijgezellenfeest te gaan van een vriend. Hij moet daarvoor met het vliegtuig reizen. Op een onbewaakt ogenblik stoppen LeFevre en zijn collega’s zijn koffer vol met homoporno en iets dat lijkt op een pistool. Bij de douane wordt zijn koffer eruit gepikt en opengemaakt. Te midden van zijn vrienden.

Goldman Sachs heeft zijn oordeel al geveld. Toen de identiteit van LeFevre werd onthuld twitterde de bank: „Zo te zien gaan liften omhoog én omlaag.”