Column

Dit was allesbehalve komkommertelevisie

Argos reconstrueerde het spel van Asscher.

Je kunt je voorstellen hoe het kan zijn gegaan, op de redactie van Argos Medialogica (HUMAN). De journalisten kregen te horen voor wanneer de nieuwe reeks gepland stond. Dinsdagavond, eind juli. Hartje komkommertijd.

Grote ogen. Want: Kamer met reces, kabinet op vakantie, kranten dunner, talkshows zwijgen – als het programma iets pikants boven tafel zou krijgen, zou dat onherroepelijk doodvallen in de vakantieluwte. Waarop de chef misschien zei: dan zórgen jullie maar dat de Kamer terugkomt van reces, en de minister erbij.

Zonder flauw te doen: de nieuwe aflevering van Argos Medialogica was namelijk allesbehalve komkommertelevisie. Het was een relevante en uitstekende reconstructie van een alweer half vergeten relletje, dat wel veel zegt over de politiek van minister Lodewijk Asscher (PvdA, Sociale Zaken). Het relletje ging over de ‘steun’ voor IS onder Turks-Nederlandse jongeren. Asscher bracht in november een peiling van Motivaction naar buiten waaruit bleek dat 87 procent van hen het ‘goed’ vindt ‘dat er steun is van Nederlandse moslims voor groepen zoals IS’. „Verontrustende cijfers”, zei Asscher er toen meteen bij, toen hij in een interview de uitkomsten openbaarde én meteen van commentaar voorzag. Nederlandse Turken boos, Turkije boos.

Want het was pas verontrustend, als de cijfers klopten. Dat het onderzoek niet zo representatief was dat het die zorgelijkheid rechtvaardigde, was her en der al vastgesteld – al miste je in deze reportage wel wat details. Niet representatief, niet goed opgezet: die statements hadden hier meer technische argumentatie kunnen gebruiken.

Dat Motivaction het zélf niet verstandig vond om het onderzoek naar buiten te brengen, was nieuws van de HUMAN-journalisten Frederick Mansell en Judith Konijn. Het ging om een „verkenning”, zei Motivaction-directeur Pieter Paul Verheggen, een „eerste sondering van wat er leeft”, een aanzet tot vervolgonderzoek.

Wat is er dan gebeurd? Argos reconstrueerde het politieke spel van Asscher, met behulp van scherp commentaar van deskundigen.

Dit was het spel: er kwam rond die tijd nog een ander onderzoek uit, van wetenschappers Thijl Sunier en Nico Landman, naar de invloed van vier Turks-Nederlandse organisaties. Hun conclusie was genuanceerd: de invloed was dan wel groot, maar zou integratie niet in de weg staan. Daar was Asscher niet blij mee, schreef hij de onderzoekers: „Het onderzoek heeft niet de resultaten gehad die ik voor ogen had.”

„Best eerlijk van Asscher, complimenten”, zei historicus Zihni Özdil met een holle lach. Volgens hem werd het minder genuanceerde Motivaction-onderzoek vervolgens ingezet als „handige munitie om Asscher naar voren te schuiven als het nieuwe harde gezicht van de PvdA”. Nietes, zei het ministerie in een schriftelijke reactie: dit was „explosieve informatie”. Hoogleraar bestuurskunde Wim Derksen merkte vinnig op: „Een simpele enquête is nooit explosief.”

Dat werd hij dus wel. Dat staaltje medialogica en vooral politiek spel ligt nu bloot. Asscher wilde niet reageren. Aan reconstructies doet hij nooit mee. En na het reces zal dit wel weer vergeten zijn. Maar: goed dat er nog iemand terugkijkt.