Pannenkoekjes bij Café Molen in het Rifgebergte

Nederlandse Marokkanen zoeken op vakantie in de Rif een stukje thuis: liever koffie en verse jus dan een kokosnoot en een afgesneden schapenkop.

In het moderne stadshart van Nador kom je overal Nederlandse invloeden tegen. Foto Koen Greven

Bij de grensovergang tussen de Spaanse exclave Melilla en het Marokkaanse Beni Enzar voelt het al direct anders dan anders. Op duizenden kilometers van Nederland doemen tussen Europa en Afrika opeens overal de zo herkenbare gele nummerborden op. In een kakofonie van geluid vang ik tussen Berbers, Arabisch en Frans hele flarden Nederlands op. Vakantiepraat. Over het weer en de lange reis. Voor het Marokkaanse douanehokje is het aansluiten in een lange rij. Naast me staat een donkere man gekleed in het blauwe uitshirt van het Nederlands elftal. „Holland? You like football?”, probeer ik. Er volgt een brede glimlach. „Natuurlijk man. Alle Nederlanders houden toch van Oranje?”, antwoordt de man, die zich voorstelt als Aziz uit Amsterdam.

Op weg naar de kuststad Nador zet het vreemde feest van herkenning zich voort. Het is grappig om op de achterkant van geparkeerde Mercedessen de namen van garages uit plaatsen als Huizen, Apeldoorn en Hilversum te lezen. De eigenaren van de auto’s gaan onherkenbaar in de massa op. Maar als ik plaatsneem aan een tafeltje in een visrestaurant vlakbij de boulevard hoor ik opeens weer overal mijn moedertaal. Sommigen mensen zie ik juist met een blik van herkenning naar mij kijken. Blonde Nederlanders zijn nog altijd zeldzaam in het noordoosten van Marokko.

Maar ik ben er meer dan welkom. Overal waar ik kom of loop is er vriendelijkheid. Geen moment word ik vervelend lastiggevallen. Foto’s maken van duikende jochies is geen enkel probleem. Ze voeren voor het oog van de camera een show op. Een zwerver wenst me op straat zelfs in vloeiend Duits een heerlijke vakantie toe.

Maar ik ben niet naar Nador gekomen om zelf vakantie te vieren. Ik volg de Nederlandse Marokkanen een paar dagen bij de terugkeer naar hun wortels in het Rifgebied. Voor een nieuwe generatie Nederlandse Marokkanen is Nador steeds vaker de stad van hun ouders en grootouders. Ze herkennen de kleuren en geuren niet meer als de eerste indrukken uit hun jeugd. Ze voelen zich als een gast in een vreemd land als ze zich met hun wagens in het chaotische verkeer storten. Het is even zoeken naar de claxon. Op onnodig toeteren staat in Nederland een boete van 90 euro, in Nador kun je niet zonder de claxon. Op de weg is het een constante botsing van culturen. Hier geldt het recht van de sterkste. Dat is doorgaans de local.

In de rest van de stad maakt de hoeveelheid dirhams in de portemonnee veelal het verschil. Daarbij staan de Nederlandse Marokkanen aan de betere kant van de streep. Ze zouden graag hun eigen stukje Marokko bouwen met de luxe van Europa. Aan de rand van Nador wordt ingespeeld op die wens. Daar wordt een paradijsje voor de emigranten uit de grond gestampt. Inclusief golfbaan en jachthaven.

Op het afgeschermde schiereiland staan prachtige villa’s te blinken in de zon. Nederlandse auto’s rijden af en aan om de modelwoning van tweeënhalve ton te bekijken. Op een maquette is te zien hoe het exclusieve gebied er in 2020 uit moet komen te zien. Niet iedereen is hier welkom, laat de projectmanager weten. „Bezoek wordt gefilterd”, verklaart hij zich nader. Met andere woorden: op dit stuk grond is de gewone Marokkaanse arbeider uit Nador een ongewenste gast.

Nederlandse Marokkanen zijn vernederlandst. Ze geven hun geld niet uit aan afgesneden schapenkoppen, stukjes kokosnoot of een ritje op een paard over de boulevard. Gewend als ze zijn aan de Nederlandse standaard ontbijten ze liever met koffie, verse jus d’orange en pannenkoekjes bij Café Molen of Restaurant Select. Hier in het moderne stadshart van Nador voelt het terras als ‘klein Amsterdam’. Een Hollandse kolonie in Noord-Afrika zonder bier, bitterballen en Borsato. Vooraf had ik nooit kunnen indenken dat de reis naar Marokko voor mij zelfs even thuiskomen zou zijn op een plek waar ik nooit eerder was.