Zuid-Afrika ruimt zijn migranten op

Om het geweld tegen migranten in te dammen, pakt de regering vooral de migranten aan.

Agenten zoeken naar drugs en wapens in een hostel in een township van Johannesburg. Foto Gianluigi Guercia/AFP

De marktkramen zijn net opgebouwd aan Voortrekker Road, in Parow, een buitenwijk op de winderige vlaktes aan de rand van Kaapstad. Somaliërs hebben hun textiel uitgestald. Congolezen hun verse fruit. Nigerianen hun mobiele telefoons en batterijopladers. Dan draait een colonne politiewagens de parkeerplaats op, aan de achterkant van de markt. Zwaarbewapende agenten breken met breekijzers de deuren van omliggende panden open. Bewoners worden tegen de muur gezet en gefouilleerd op drugs en papieren.

Operatie Fiela noemt de Zuid-Afrikaanse regering dit. ‘Ruim het vuil op’ betekent Fiela in het Sotho. Volgens regeringswoordvoerder Phumla Williams is dit een operatie „om het land te verlossen van illegale wapens, drugsnesten, prostitutienetwerken en andere illegale activiteiten”.

Dat vinden de Afrikaanse handelaren in Parow moeilijk te geloven. „Als het echt om misdaad te doen is, waarom komt de politie dan niet als we bellen als er voor mijn winkel iemand is neergestoken? Wij zijn gewoon een gemakkelijk doelwit”, zegt Avila Mukom, die acht jaar geleden van Kameroen naar Zuid-Afrika verhuisde.

De arrestatiewagen rijdt voor. Tien verdachten worden ingeladen, alle tien niet-Zuid-Afrikanen. „Laat me iemand bellen. Niemand weet dat ik hier ben”, roept een arrestant uit Kameroen door de tralies van de arrestatiewagen. Een Zuid-Afrikaanse agent lacht. „Wat kan ik daaraan doen?”

Operatie Fiela is het antwoord van de regering-Zuma op de nieuwe opleving van geweld tegen buitenlanders, nu drie maanden geleden. Gewapende Zuid-Afrikanen, vooral Zulu’s, joegen migranten uit buurlanden de townships uit. Duizenden vluchtten naar opvangkampen of keerden terug naar hun land van afkomst: Mozambique, Zimbabwe, Malawi.

Furieuze reacties

Regeringen elders op het continent reageerden furieus op het geweld tegen hun onderdanen. Mozambique stelde een negatief reisadvies in. Zimbabwe en Malawi riepen hun landgenoten op terug te keren. Nigeria dreigde Zuid-Afrikaanse bedrijven te boycotten.

De Zuid-Afrikaanse regering zette niet alleen een grote politiemacht in om de kritiek te smoren, maar stuurde ook het leger de buitenwijken in, voor het eerst sinds de noodtoestand tijdens de apartheidsjaren.

„Een leger moet de buitengrenzen bewaken. Soldaten zijn niet opgeleid om mensen te arresteren. Schieten en doden is alles wat ze kunnen”, zegt Dianne Kohler-Barnard, van oppositiepartij Democratische Alliantie. Ook de oppositie worstelt met de vraag hoe Zuid-Afrika moet omgaan met de groeiende instroom migranten door de poreuze grenzen. „We hebben de regering al jaren geleden gewaarschuwd voor de corruptie aan de grens. Duizenden tegelijk kopen hun weg naar binnen”, zegt Barnard.

De oppositie vraagt zich af wat met de negenduizend buitenlanders is gebeurd die volgens hun telling sinds het begin van de operatie zijn opgepakt. Mensenrechtenadvocaten beklagen zich over deportaties van asielzoekers. Ook worden huiszoekingen gedaan zonder gerechtelijke toestemming of arrestatiebevelen.

„Operatie Fiela werd ingezet om misdaad te bestrijden. Dat steunen we van harte”, zegt Marc Gbaffou, de Ivoriaanse woordvoerder van het African Diaspora Forum in Johannesburg. „Maar nu blijkt dat de operatie vooral bedoeld is om Zuid-Afrika te ontdoen van buitenlanders. Migranten zijn de zondebok bij alle problemen in dit land.”

Rookgordijn

Zelfs de methodistenkerk in het centrum van Johannesburg werd niet gespaard. De kerk biedt sinds de uitbraak van het eerste geweld tegen buitenlanders in 2008 (zeventig doden) migranten uit andere Afrikaanse landen opvang aan. Het riep herinneringen op aan 1972, toen de blanke apartheidspolitie de St. George-kathedraal in Kaapstad binnenviel om studenten te arresteren die tegen de rassenscheiding protesteerden.

„Operatie Fiela is een rookgordijn van een regering die haar eigen volk tekortdoet bij gebrek aan echt leiderschap”, vindt de jezuïtische priester Russell Pollitt. De torenhoge jeugdwerkeloosheid (66 procent volgens zijn telling) en economische problemen door de bijna dagelijkse stroomuitval hebben volgens Pollitt geleid tot een giftige cocktail die aanzet tot geweld tegen buitenlanders.

„Met Operatie Fiela probeert de regering haar verantwoordelijkheid te ontlopen voor die cocktail, die de vruchtbare grond voor xenofobie heeft geschapen. En als het allemaal voorbij is, drinken ze hun glas Johnnie Walker en feliciteren ze zichzelf.”

De regering ontkent dat buitenlanders het doelwit zijn. Minister Jeff Radebe verklaarde dat meer dan de helft van de gearresteerde verdachten Zuid-Afrikanen zijn. Voor de tv-camera’s worden in Parow ook Zuid-Afrikanen tegen de muur gezet en gefouilleerd. In een latere politieverklaring wordt onderstreept dat de operatie ‘tegen alle illegale activiteiten is gericht om een veiliger omgeving voor gezagsgetrouwe burgers te scheppen’.

Voor David Cote van Lawyers for Human Rights ligt het probleem juist in die bewoordingen. „De autoriteiten versterken het idee dat buitenlanders gelijkstaan aan misdaad. Daarmee bestrijd je xenofobie niet, je maakt het probleem alleen maar groter.”