Pianoleraar zonder subsidie? Ga maar weg

Muzikant en ZZP’er

Pianist, geliefd in Rotterdams muziekleven, krijgt geen verblijfsvergunning.

Pianist en muziekdocent Harimada Kusuma vertrekt op 3 augustus naar Indonesië. Dat moet van de immigratie en naturalisatiedienst (IND). Hij kreeg 28 dagen om vrijwillig te vertrekken. Anders wordt hij uitgezet.

Hij gaat vrijwillig.

Het valt hem zwaar. Veel mensen willen hem in Nederland houden omdat hij goed is in het werk dat hij doet. Hij geeft muziekles aan leerlingen van het Rudolf Steiner College in Rotterdam en aan de hogeschool Leiden. Hij richtte de concertreeks Kamermuziek in Kralingen op. Hij treedt regelmatig op, alleen of met een andere muzikant. Hij begeleidt verschillende amateurkoren in de regio Rotterdam. En Kralingse kinderen zitten bij hem op pianoles.

Harimada Kusuma (32) verdient als zzp’er in de muziek anderhalf keer modaal en heeft het druk. Hij is in Nederland sinds 2003, studeerde aan het conservatorium van Rotterdam en Amsterdam en behaalde in 2010 zijn mastertitel cum laude. Daarna ging hij aan het werk.

Waarom moet hij dan weg?

Dat zit zo. Om een verblijfsvergunning te krijgen moet hij een ‘Nederlands cultureel belang dienen’. En dat doe je als je werkt voor een instelling die ‘structurele subsidies of een regelmatige projectsubsidie ontvangt van het ministerie van Onderwijs of een cultuurfonds’. Harimada Kusuma voldoet daar niet aan, dat staat althans in de afwijzingsbrief van de IND. De dienst vraagt daarvoor een advies aan het betreffende vakministerie, zegt de woordvoerder, in dit geval aan het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Dat ministerie laat weten dat het naar een subsidierelatie kijkt omdat er dan ook toezicht is op de kwaliteit van de instelling waar de persoon in kwestie voor werkt.

Dat vind ik zo gek, zegt Kusuma. „Ik wil met mijn eigen concertserie juist bewijzen dat muziek niet per se subsidies nodig heeft om van hoge kwaliteit te zijn en voor een breder publiek toegankelijk. Dat heb ik nu al twee seizoenen laten zien.

De leerlingen van het Rudolf Steiner College in Rotterdam hebben er lak aan dat hun muziekleraar volgens de regels niet in Nederland mag blijven. Zij maakten een event op Facebook aan en schrijven: „Kusuma heeft vele van ons de ogen geopend voor de schoonheid van muziek en heeft met zijn baan als docent een enorm belangrijke rol in onze maatschappij.” Leerlingen haalden meer dan 7.000 handtekeningen op en gaven die na een muzikale protestmars door Rotterdam met tranen in de ogen aan burgemeester Aboutaleb. Die zei dat een burgemeester niet beslist of een muziekdocent mag blijven of niet. Hij beloofde wel de kwestie onder de aandacht te brengen in Den Haag.

Kusuma was er niet bij toen de leerlingen de handtekeningen overhandigden. Hij was met een groep muzikanten aan het werk in Frankrijk. Hij is geroerd door hun gebaar, zegt hij. Maar hij kon de muzikanten en zangers met wie hij maanden geleden had afgesproken om in Frankrijk te repeteren, niet in de kou laten staan.

Verschillende Rotterdammers uit de cultuursector hebben per brief voor Kusuma aan Aboutaleb gevraagd zich in te zetten. Onder meer Rijksmuseumdirecteur Wim Pijbes, Kunsthal-directeur Emily Ansenk en fotograaf Vincent Mentzel ondertekenden de brief.

Kusuma heeft de mogelijkheid om in beroep te gaan. „Ik heb besloten dat niet te doen”, zegt hij. „Ik ben al een keer of vijf in beroep gegaan. Ik werd er nogal moe van. Ik wil mijn toekomst niet door de IND laten bepalen. Ik vind het lastig om te accepteren dat de regels mij niet willen, terwijl ik omringd wordt door mensen die graag willen dat ik blijf. Ik ben hier niet om tegen regels te strijden die naar mijn mening nogal vreemd zijn. Ik ben hier om iets te betekenen voor de muziek en voor mensen die van muziek houden.”

De muzieksector in Indonesië heeft al lucht gekregen van zijn terugkomst. „Dat gaat heel snel, via social media.” Hij heeft verschillende aanbiedingen

Hij zal ook wel weer eens in Nederland komen. Voor muziekprojecten. „Dan ben ik op bezoek. Als buitenlander. Dat zal echt anders zijn.”