Turkse lucht- en grondaanvallen op IS en PKK

Vuur in de straten van Istanboel gisteravond. Betogers gingen de straat op in de Gazi-buurt om te protesteren tegen de politie-operatie tegen Koerdische militanten. Foto AFP / Yasin Akgul

Turkse gevechtsvliegtuigen hebben vannacht kampen van de Turks-Koerdische Arbeiderspartij PKK in het noorden van Irak aangevallen. Eerder op de avond zijn er luchtaanvallen en grondaanvallen uitgevoerd op Islamitische Staat (IS) en de PKK in Noord-Syrië. De Turkse regering heeft deze berichten vanochtend bevestigd.

Turkije voerde aanvallen uit op onder meer schuilplaatsen van PKK-rebellen, bunkers, opslagfaciliteiten en andere “logistieke punten”, zo laat de regering weten. De PKK is de schade nog aan het inventariseren, maar volgens een PKK-woordvoerder uit Irak ziet het ernaar uit dat er geen slachtoffers bij zijn gevallen.

Gisterochtend viel Turkije ook al doelen van IS in Syrië aan en waren er door heel Turkije invallen. Turkije heeft de Verenigde Naties gisteren formeel op de hoogte gebracht van de aanvallen op doelen van IS. “Het is duidelijk dat het regime in Syrië niet in staat is of niet bereid is om wat te doen aan de bedreiging die afkomstig is van het Syrische grondgebied en die duidelijk een gevaar is voor Turkije en het Turkse volk”, schrijft de Turkse plaatsvervangend VN-ambassadeur Levent Eler in een brief aan VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon, ingezien door persbureau Reuters.

Turkije niet langer terughoudend

Tot nu toe nam Turkije in de strijd tegen IS een ambivalente positie in, schrijft buitenlandredacteur Toon Beemsterboer vandaag in NRC.

“De regering in Ankara is officieel lid van de coalitie tegen IS. Maar de facto hield Turkije afstand van haar NAVO-bondgenoten die deelnemen aan de militaire strijd tegen IS. Het doet niet mee met Westerse landen, waaronder Nederland, die in Irak IS bombarderen en Koerdische militairen trainen. En het hielp tot nu toe ook maar mondjesmaat de VS, die opereren in zowel Irak als Syrië.

“Dat heeft alles te maken met Turkijes binnenlandse en regionale belangen. Turkije maakt zich grote zorgen over de Syrische Koerden, die in het noorden van Syrië een autonoom gebied met zelfbestuur hebben gevestigd. De Syrische Koerden zouden in principe dezelfde rol kunnen vervullen als de Koerden in Noord-Irak, die wapens en training krijgen van het Westen. Maar Turkije is er fel op tegen dat het Westen deze militie gaat bewapenen. Want die is gelieerd aan de Turks-Koerdische Arbeiderspartij PKK, die al dertig jaar een bloedige guerrilla voerde in Turkije.”

Lange tijd hield Turkije zich nagenoeg afzijdig in de strijd tegen IS, maar de zelfmoordaanslag maandag in Suruç lijkt een keerpunt. De weigerachtige houding van de Turkse regering heeft veel kwaad bloed gezet bij de Koerden, schrijft Beemsterboer. Ze verwijten Erdogan heimelijk samen te werken met IS om het autonome Koerdische gebied in het noorden van Syrië te ondermijnen.

embed-3-w1280

Turkije pakt 251 verdachten op

Donderdagavond werd bekend dat Turkije en de Verenigde Staten een akkoord hebben bereikt over het gebruik van de Turkse luchtmachtbasis Incirlik om aanvallen uit te voeren op IS. Al maanden probeerden de VS dit militaire vliegveld in Zuid-Turkije te gebruiken voor luchtaanvallen op de terroristische organisatie. Volgens de Turkse premier Ahmet Davutoğlu staat het gebruik van Incirlik los van de militaire aanval op IS.

Naast de luchtaanvallen in Syrië is Turkije in eigen land een politie-actie gestart tegen militante groepen. Donderdagnacht zijn meer dan vijfduizend Turkse agenten verspreid over dertien provincies, honderden panden binnengevallen waarbij 251 mensen zijn opgepakt. Bij deze grootschalige operatie zijn ook helikopters en militaire eenheden ingezet. Naast mogelijke IS-panden werden ook locaties binnengevallen die mogelijk worden gebruikt door Koerdische strijders gelieerd aan PKK.

Reden om ook leden van de verboden Turks-Koerdische PKK aan te pakken is een aanval van eerder deze week. Toen schoten leden van de partij twee Turkse politieagenten dood in een dorp nabij de Syrische grens. Volgens de PKK, die in Turkije en in het Westen beschouwd wordt als terroristische organisatie, steunden de agenten IS.

Wanneer kan de Navo ingrijpen?

Onze correspondent in Brussel, Tijn Sadée, legt uit wanneer de NAVO kan ingrijpen:

Turkije is sinds 1952 lid van de NAVO, de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie. En elk NAVO-lid kan zich beroepen op de belangrijke Artikelen 4 en 5 van het NAVO-handvest. Artikel 4 is de milde variant van Artikel 5. Dit artikel kan van kracht worden als een land vindt dat zijn ‘territoriale integriteit, politieke onafhankelijkheid of veiligheid wordt bedreigd’.

Turkije beriep zich op dit Artikel in 2012 toen het Syrische leger een Turks gevechtsvliegtuig had neergehaald. Na een vergadering van de NAVO-raad (de ambassadeurs van alle 28 landen) kreeg Turkije politieke en diplomatieke steun van de NAVO.

Maar dus nog geen militaire steun. Dat kan pas gebeuren als een aangevallen land zich beroept op Artikel 5. Een gewapende aanval op een NAVO-lid wordt opgevat als een aanval op álle NAVO-landen.

Lees ook uit NRC: Hoe Turkije de Syrische oorlog ingesleurd wordt en een interview met NAVO-watcher Sinan Ülgen: Oorlog tussen Turkije en IS, NAVO wacht af