Keuze van Turkije tegen IS moet keuze zijn vóór Koerden

Het heeft er alle schijn van dat Turkije zijn dubbelzinnige houding in de strijd tegen de zogeheten Islamitische Staat (IS) heeft laten varen. De aanvallen van vanochtend met gevechtsvliegtuigen op enkele doelen van IS in Syrië duiden daarop, net als de arrestaties in Turkije zelf waarvan de regering melding maakte en die gericht waren tegen zowel IS als Koerdische strijders.

Ook kregen de Verenigde Staten en andere leden van de coalitie die tegen IS strijdt na maanden onderhandelen toestemming om een vliegbasis in de Turkse stad Incirlik, niet ver van de grens met Syrië, te gebruiken voor bombardementen.

De houding van Turkije jegens IS liet zich kenmerken als: de vijand van mijn vijand is dan wel niet mijn vriend, maar ook niet zo’n grote vijand. Anders gezegd: verdrijving van het regime van Assad uit Syrië en het tegengaan van de Koerdische strijd om autonomie genoten meer prioriteit dan te voorkomen dat IS op gewelddadige wijze een kalifaat sticht en uitbreidt. Ook al is Turkije lid van de internationale coalitie van landen die IS een halt willen toeroepen.

Wat het motief voor de Turkse koerswijziging is, laat zich niet zomaar raden. De moordaanslag deze week van IS op 32 Koerden in Suruç zou een voor de hand liggende aanleiding zijn. Maar Turkije heeft eerder laten blijken zich van het lot van de Koerden weinig aan te trekken, bijvoorbeeld toen de Syrische stad Kobani vorig jaar door IS onder de voet werd gelopen. De aanval gisteren van IS op een Turkse grenspost, waarbij een militair werd gedood, kan evengoed de Turkse regering op andere gedachten hebben gebracht.

Het bloedbad in Suruç was een forse klap van IS op het grondgebied van een NAVO-lidstaat en dat is niet zonder betekenis. Een reden te meer om de westerse druk op Turkije op te voeren dat het zijn tweeslachtige houding moet laten varen – en bijvoorbeeld niet langer stiekem toestaat dat jihadisten via Turks grondgebied de aansluiting bij IS vinden. Intussen resulteerde de oorlog met de jihadisten in een stroom van honderdduizenden vluchtelingen naar (onder meer) Turkije. Een complicerende factor, omdat zich onder hen ook infiltranten van IS kunnen bevinden.

Een besluit van Turkije om omwille van zijn eigen veiligheid IS ondubbelzinnig te bestrijden is daarmee nog geen keuze voor een akkoord met de Koerden. Niet voor niets benadrukte de regering dat onder de 251 arrestanten die de politie vanochtend oppakte zich ook Koerden bevonden die van terreur worden verdacht. Maar aan die keuze ontkomt Turkije niet. Hopelijk dringt dat besef door bij de partijen die met elkaar onderhandelen over de vorming van een nieuwe regering.