Fiets eens in een kostuum-met-stropdas

Waarom genoegen nemen met een shirt vol sponsornamen? Herbert Blankesteijn roept wielrenners op wat creatiever hun outfits te kiezen.

Het moet een van de meest gênante foto’s zijn uit de wielergeschiedenis. Zes Colombiaanse wielrensters poseerden trots voor de teamfoto, vorig jaar september bij de Ronde van Toscane. Hun tenue had de gebruikelijke schetterende kleuren en sponsornamen, maar niet overal. Het gebied tussen de navel en de dijen was vrij van tekst en uitgevoerd in effen vleeskleur – zo leek het tenminste. Alsof ze in hun blote kont stonden.

De sociale media lustten er wel pap van. De BBC was preuts en geestig tegelijk door één zwarte balk over zes onderbuiken te plaatsen.

Later bleek de vleeskleur eigenlijk goudkleur. Er was geen sprake van verdorven opzet – het ontwerp was van een teamlid – en de dames zelf zaten er niet mee.

Maar het geval liet zien dat er meer kan met wielerkleding. Het publiek raakt immuun voor de felle kleuren en vette letters. Echte aandacht trek je alleen nog door daarvan af te wijken. Less is more.

Een mooi, vroeg voorbeeld was het shirt van sponsor La Vie Claire van Bernard Hinault in de jaren 80, met een smaakvol Mondriaanachtig motief en weinig tekst.

Een fanatieke verlegger van grenzen was sprintkoning Mario Cipollini, in de jaren 90. Toen hij eens de gele trui droeg in de Tour de France, trok hij er meteen een gele broek bij aan. Dat was in strijd met de regels en het leverde hem een boete van de organisatie op, maar de regels werden wel veranderd. IJdele Cipo droeg zebra- en pantertenues en zelfs een keer een outfit gebaseerd op de film Tron.

Om ideeën op te doen hoef je alleen maar naar de vrije markt te kijken. Daar vind je bijvoorbeeld superheldenkostuums te kust en te keur: Superman, Spider-Man, Batman, verzin het maar. Fietskleding met een spierenpatroon is ook commercieel verkrijgbaar. Zelf heb ik een wielertrui met skeletmotief en ik kan verzekeren dat je daarmee in iedere haarspeldbocht aanspraak hebt.

Tenues die eruitzien als maatpak (inclusief vlinderdas) dan wel spijkerbroek zijn helaas kort geleden van het web verdwenen.

Mogelijkheden te over dus voor sponsors om reclame te maken met alléén beeld. Een scheurend Hulk-shirt voor een filmstudio. Een bloot bovenlijf voor zonproducten of een sportzalenketen. Een galerie of veilinghuis kan een kunstwerk kiezen, naar het voorbeeld van La Vie Claire. Een incidenteel stil protest is ook mogelijk, bijvoorbeeld door een broek met schaafwondenpatroon of een politie-uniform.

De kledingregels van de UCI schrijven verrassend weinig voor. Er mag geen verwarring ontstaan met de diverse leiderstruien, dat is het zo’n beetje (daar wordt veel te weinig op gelet, maar dat terzijde). Wel moet elk ontwerp aan de UCI worden voorgelegd en een goedgekeurd ontwerp moet een heel seizoen worden gebruikt. Daarmee kan de organisatie alles tegenhouden wat haar onwelgevallig is.

Maar het geval-Cipollini laat zien dat je de regels kunt veranderen, zeker als winnaar, door ze gericht te overtreden. Alleen op kop? Rits de boel open en fiets verder voor je kledingmerk in een kostuum-met-stropdas. Hoe strenger je wordt bestraft, hoe waardevoller de publiciteit.