Europese politici liegen, draaien en spinnen

De dame die op de dorpsvergadering haar populistische stem verheft, valt op door haar ‘uitgegroeide permanent’. Met een scherp oog voor sprekende details doet Caroline de Gruyter (Europa-correspondent voor deze krant) verslag van de jaren 2004-2008, als zij met haar gezin verblijf houdt in Crans, een plaatsje vlakbij Genève. Zwitserlevens is een smakelijk geschreven boekje dat de lezer mee trekt in zeer gevarieerde dorpsbelevenissen.

In Crans wonen bankiers, diplomaten, bedrijfsdirecteuren en oliemagnaten. Deze gemeente is tot in haar vezels geglobaliseerd en de Zwitsers profiteren van het geld dat de vreemdelingen binnenbrengen. Maar tegelijk zetten de oorspronkelijke bewoners zich af tegen een buitenlandse vloedgolf die hun identiteit aantast. Ze koesteren hun folklore: de plaatselijke jodelclub is het centrum van opgepompte tradities. Ook stemmen ze in groten getale op de rechts-populistische UDC, die in Zwitserland de grootste partij is.

In een overtuigend betoog laat De Gruyter zien dat het er in de lidstaten van de Europese Unie ongeveer net zo aan toegaat als in Crans. Burgers trekken economisch profijt van de open grenzen, maar willen tegelijkertijd hun identiteit afschermen. Populistische partijen exploiteren de onlust. In het Griekse drama wordt duidelijk hoe de nationale wil van de kiezers, die een links-populistische partij aan de macht brengen, zelfs in frontale botsing kan komen met de financiële eisen van de eurozone.

De Gruyter is verontwaardigd over al die politici in de EU-lidstaten die niet durven te kiezen. Zij zouden het electoraat voor moeten houden dat soevereiniteit en globalisering niet samengaan. In plaats daarvan doen politici niet anders dan schipperen. Ze zijn zo weinig ‘visionair’, klaagt De Gruyter, ze missen ‘diep inzicht’. Erger nog, ze ‘liegen, draaien en spinnen’.

De toon van deze kritiek doet merkwaardig genoeg denken aan de populistische anti-establishment klanken die De Gruyter nu juist nadrukkelijk afkeurt. Een beetje historisch perspectief (dat in Zwitserslevens geheel ontbreekt) had haar kunnen leren dat doormodderen in de Europese integratie al sinds 65 jaar een onvermijdelijke vorm van stuurmanskunst is. Kan het anders als de verantwoordelijke politici worden geconfronteerd met het dilemma van tegenstrijdige doelstellingen? Met kiezers die willen profiteren van gemeenschappelijke markt en munt, maar niet te veel bevoegdheden willen afstaan aan ‘Brussel’? Zwitserlevens is onderhoudend en instructief, maar helemaal bevredigen doet het niet.