Ook voor bouwvakkers uit Portugal geldt de cao

Werknemers die in Nederland werken via buitenlandse firma’s hebben recht op Neder- landse arbeidsvoorwaarden, oordeelt de rechter.

Het Ierse uitzendbureau Rimec moet tientallen Portugese en Poolse werknemers die hebben gebouwd aan de tunnel van de A2 bij Maastricht miljoenen euro’s nabetalen. Dat heeft de rechtbank in Utrecht gisteren beslist.

Volgens de rechter hebben de buitenlandse bouwvakkers recht op dezelfde arbeidsvoorwaarden als hun Nederlandse collega’s. Op het loon van de buitenlanders zijn ten onrechte reis- en huisvestingskosten ingehouden, van naar schatting 1 à 2 miljoen euro. Ook moeten achterstallige pensioenpremies van in totaal ruim 3 miljoen euro worden nabetaald.

Op de arbeidsovereenkomsten die het uitzendbureau sloot, is volgens de rechter Portugees en Engels recht van toepassing, maar omdat de werknemers alleen voor het project aan de A2 zijn aangenomen, zijn de rechtsbeschermingsregels uit de Nederlandse wet van toepassing. De buitenlandse bouwvakkers hebben ook recht op alle arbeidsvoorwaarden die geregeld zijn in de cao voor de bouw.

Aan de tunnel in Maastricht wordt gewerkt door een samenwerkingsverband tussen Strukton en Ballast Nedam, onder de naam Avenue 2. Beide ondernemingen zetten eigen werknemers in, naast Poolse en Portugese werknemers. Die werden in 2012 ingehuurd via het internationale uitzendbureau Rimec, dat sinds kort Mecra heet. Rimec was zelf naar de Nederlandse rechter gestapt om te eisen dat vakbond FNV uitlatingen, waarin de werkwijze van Rimec aan de kaak werd gesteld, zou terugnemen. De rechtbank wees die eis af. En veroordeelde Rimec dus tot nabetaling.

„Een heel goede uitspraak”, aldus een woordvoerder van FNV Bouw. „We zien dit vaak bij buitenlandse bouwvakkers. Ze worden ingehuurd omdat ze goedkoper zijn, omdat ze elders belasting en premies afdragen, vaak niet ingeschaald worden als vakkracht en minder dan het basisloon verdienen. Ook worden reiskosten en huisvestingskosten vaak ten onrechte afgetrokken. En overuren worden niet of slechts gedeeltelijk uitbetaald.”

De advocaat die FNV verdedigde, Nico Ruiter van Bosch Advocaten, zegt dat de zaak geen precedent kent. „Ik ken geen vergelijkbare uitspraak over de volledige toepassing van de cao.” Volgens Ruiter kunnen er op basis van deze zaak meer claims komen van buitenlandse bouwvakkers, maar hij acht die kans klein. „Die zijn weer terug in Polen of Roemenië, en die zullen wel geen briefje krijgen van het uitzendbureau dat ze eigenlijk recht hebben op nabetaling.”

Wel verwacht Ruiter dat de uitspraak een preventieve werking zal hebben. „Ik vermoed dat hoofdaannemers voortaan wel drie keer na zullen denken voor ze in zee gaan met een buitenlands uitzendbureau.”

In 2013 kwam Rimec in opspraak toen bekend werd dat het elke maand per werknemer bijna 1.000 euro (ongeveer de helft van hun loon) inhield voor huisvesting, terwijl de buitenlandse bouwvakkers in een slooppand bij de bouwput werden gestopt. Ook bij de bouw van energiecentrales in de Groningse Eemshaven kregen Turkse, Poolse en Portugese arbeiders van Rimec niet waar ze recht op hadden.