Met handelsverdrag TTIP ligt pure koopkracht voor het grijpen

De vrijhandelsdeal tussen Europa en de VS heeft grote voordelen. Luister niet naar de ongefundeerde bang-makerij, schrijft Fred Teeven.

Handel, banen, welvaart en vrijheid: Nederland heeft veel te winnen als het vrijhandelsverdrag met de Amerikanen (TTIP) er komt. Een unieke kans die we met beide handen moeten grijpen. TTIP dient een simpel doel: de handel tussen Europa en de VS gemakkelijker maken door onnodige obstakels weg te nemen. Importtarieven tussen Europese landen en de VS zijn al niet hoog – gemiddeld zo’n 4 procent – maar gezien de enorme trans-Atlantische handelsstromen leiden zelfs kleine verlagingen tot forse baten.

De markt tussen de VS en Europa is goed voor meer dan 40 procent van het mondiale bruto binnenlands product. In 2013 berekende The Centre for Economic Policy Research dat de Europese economie met 120 miljard euro – 0,5 procent van het gezamenlijke bbp – kan gaan groeien door TTIP. Uit hetzelfde onderzoek blijkt dat huishoudens door het goedkoper worden van producten jaarlijks gemiddeld 500 euro meer te besteden zullen hebben door TTIP. Dat is pure koopkracht die voor het grijpen ligt. Bovendien is alles wat we ervoor hoeven doen een aantal onnodige regels wegnemen.

Ik schrijf met opzet ‘onnodige’, omdat spookverhalen over chloorkippen en hormoonvlees die de Europese markt door TTIP zullen overspoelen simpelweg uit de lucht zijn gegrepen door tegenstanders die er alles aan doen om de onderhandelingen te frustreren. Zoals hoogleraar Louise Fresco al schreef, is de suggestie dat het verdrag tot onveilige situaties leidt onterecht. TTIP is niet gericht op het omlaag brengen van standaarden, die in de VS overigens ook gewoon hoog – en soms zelfs hoger – zijn.

De intentie van het handelsverdrag is om standaarden die hoewel ze anders zijn toch dezelfde uitkomst hebben, ook als gelijkwaardig te beschouwen. Dan hebben producenten geen last meer van onnodige en onoverzichtelijke verschillen in regelgeving. Ook hoeven zij niet langer aan beide kanten van de oceaan door de bureaucratische molen van controles, die uiteindelijk hetzelfde doel hebben. Dergelijke belemmeringen hebben hetzelfde effect als importtarieven van 10 tot 20 procent. Het wegnemen ervan heeft alleen maar voordelen. „Wat in Europa verboden is, zal niet onder het verdrag ineens toegestaan worden”, schreef Fresco al.

Nederland is bij uitstek een land dat kan profiteren van TTIP. De Nederlandse welvaart drijft op internationale handel. Sinds het uitbreken van de crisis in 2008 is export hier vrijwel de enige pijler van economische groei geweest en voor de komende jaren blijft het de belangrijkste pijler, aldus het Sociaal Economisch Plan van 2015. Iedere toename van handelsvolumes vertaalt zich dus per definitie in een groei van onze welvaart.

Dat geldt zeker voor handel met de Verenigde Staten, onze belangrijkste handelspartner buiten de Europese Unie. In 2014 importeerde Nederland voor 27 miljard euro aan goederen uit de VS, terwijl de export 19 miljard euro bedroeg. Met een handelsvolume van die omvang zullen de effecten van TTIP stevig doorklinken in onze economie. En dan heb ik de export aan diensten à 17 miljard euro nog niet eens genoemd. Zeker Nederlandse land- en tuinbouw, scheepsbouw, baggeraars, en chemie- en hightech-sectoren kunnen garen spinnen bij dit akkoord.

Dat gaat overigens niet (alleen) over de grote multinationals. De grootste voordelen zijn juist te behalen door het midden- en kleinbedrijf, dat nu niet de middelen heeft om zich bijvoorbeeld met een tweede productielijn te vestigen in de VS. TTIP leidt dus ook tot banengroei in tal van sectoren: afhankelijk van de Europese exportcijfers enkele miljoenen in Europa.

Handel zit Nederland in de genen. Vorig jaar nog vierden Nederland en de Verenigde Staten 400 jaar handelsbetrekkingen. Maar handelsstromen zijn constant in beweging. De opkomst van Aziatische landen zet door en de VS zijn ook druk bezig een omvangrijk handelsakkoord te sluiten met een elftal landen uit de Pacific. Om een sterke handelspositie te behouden en welvaart ook in de komende eeuw te laten groeien is TTIP hard nodig. Grijpen we deze unieke kans of laten we ons door gevestigde belangen en spookverhalen in de wielen rijden?