De zorgrobot wordt uw beste vriend

Mits we nú discussie voeren over ethische voorwaarden, aldus Aukelien Scheffelaar en Brechtje Walburgh Schmidt.

Kan een robot de leefomstandigheden van fysiek beperkte mensen en ouderen verbeteren? Ja, kun je al snel concluderen na het zien van de prijswinnende documentaire Ik ben Alice. Op ontroerende manier zien we eenzame ouderen in het gezelschap van Alice, een robot in ontwikkeling om in de toekomst te voldoen aan de vraag naar toenemende zorg. Hulpverleners en familieleden zijn sceptisch en dat is niet vreemd. Maar als aan ethische voorwaarden voldaan wordt, heeft de zorgrobot als BFF (best friend forever) de toekomst.

Praten we over zorgrobots, dan hebben we het over grofweg drie typen robots die in de toekomst van de zorg een rol gaan spelen: de robot die ondersteunt bij dagelijkse handelingen, de robot die toezicht houdt en de robot die gezelschap biedt. Alice valt onder het laatste type en heeft als doel om eenzaamheid tegen te gaan. De grootste uitdaging – de zorgrobot als oplossing voor de toenemende zorg – heeft met een aantal ethische voorwaarden te maken. Het is echter niet makkelijk om aan alle voorwaarden te voldoen.

Ten eerste moet een robot de autonomie van de mens centraal stellen met respect voor de keuzes van de gastheer. Niels Schuddeboom, door een lichamelijke handicap gebonden aan een elektrische rolstoel, experimenteert met een telepresence-robot. Daarmee kan hij virtueel aanwezig zijn bij een opleiding in België. Hij had de ervaring onderdeel van de groep te zijn. „Wanneer iemand iets zei, kon ik mij naar die persoon toe draaien en tijdens een tweegesprek met mijn dialoogpartner konden wij ons een beetje afzonderen voor een betere verstaanbaarheid. Net als in het echt.” Sommigen beargumenteren echter dat een verkeerd ingestelde robot de autonomie kan onderdrukken, doordat ongevoelige communicatie de menselijke waardigheid kunnen aantasten. Maar wanneer is een robot eerlijk en wanneer wordt het bot en ongevoelig?

Daarnaast is het van belang dat een robot de privacy van de mens waarborgt én tegelijkertijd de veiligheid vergroot. Niemand wil dat de mantelzorger via een livestream meekijkt als je naar het toilet gaat. Daarom moet een robot geen informatie kunnen delen zonder toestemming. Het wordt echter lastiger als de robot in een gevaarlijke situatie hulp moet inroepen. Denk aan een extreem geval waarin de robot wordt opgedragen een zelfmoordpoging te faciliteren. Is in zo’n geval veiligheid belangrijker dan privacy en autonomie en moet de robot hulp vragen? Waar wordt de grens gelegd en vooral: wie bepaalt dat?

Een andere voorwaarde voor een succesvolle inzet van een robot is wanneer de robot gevoelens van sociale verbondenheid vergroot en daarmee eenzaamheid tegengaat. Zo kan een robot contact met dierbare vrienden en familie bijvoorbeeld stimuleren via een ingebouwde Skype-mogelijkheid. Of zoals Alice, die een oudere vroeg of ze haar zoon in Portugal nog gesproken had. Alice werd in eerste instantie kritisch ontvangen. We zagen echter dat alle ouderen zich op den duur gingen hechten aan Alice en emotioneel werden bij het afscheid.

Centrale vraag bij dit dilemma: is een robot wenselijk in de rol van iemands beste vriendin? Eén van de zorgverleners vindt van niet: „Intermenselijk contact is een van de belangrijkste dingen die wij kunnen bieden. Het krijgen van een band met de cliënt en daarom iets meer kunnen betekenen als mens met warmte en aandacht.” Maar wat moet een robot doen als de gebruiker zelf beslist dat hij geen behoefte heeft aan sociaal contact met mensen?

Tot slot is er nog één vraag van belang: wie is er verantwoordelijk voor (grote) fouten in de ondersteuning van de robot? Kan een robot verantwoordelijk gehouden worden als hij een hete kop thee over zijn gebruiker heen gooit? De ontwikkelaar definieert de processen en condities waarin een systeem – de robot – wordt gebruikt. Kan daarom de ontwikkelaar aansprakelijk worden gesteld voor mogelijke fouten in het design?

Er zijn nog vele hobbels te nemen voordat robots in de reguliere ondersteuning worden ingezet en de leefomstandigheden van gebruikers gaan verbeteren. Kant-en-klare antwoorden op de ethische dilemma’s bestaan niet. Wel moet de discussie worden gevoerd.

De kans is heel reëel dat u zelf over enkele decennia met een zorgrobot in huis zit. Nu kunt u iets zeggen over uw toekomst. Hoe ziet uw robot-BFF er later uit?