Brieven

Geen sorry, ik ben Duitser

Af en toe is het nog best wat onwennig, maar toch: de laatste 10 jaar begin je er als Duitser in Nederland een beetje aan te wennen dat je, door sommigen althans, niet meer te pas en te onpas voor mof wordt uitgemaakt.

De afgelopen maanden slaat echter het mediterrane Zuiden toe: de Hitlergroet is weer van stal gehaald en de swastika’s worden weer Outre-Rhin gegooid, waarbij met name de ‘FreiBier-socialisten’ zich openlijk (Syriza, hartstochtelijk gevolgd door ‘solidaire’ Fransen als Mélenchon en Montebourg), dan wel klassiek-opportunistisch meeliftend (Hollande en Cambadélis) onderscheiden.

Vroeger trok je je dan wat terug, hopende dat het weer snel voorbij zou gaan. IJdele hoop, naar nu blijkt. Dan maar op een andere, meer eigentijdse manier reageren: Jetzt erst recht: Je suis un Boche!

Zelfredzame burger

Autonomie is ook welzijn

Het betoog van Dirk-Jan van Baar (17/7) berust op een denkfout en miskenning van een risico dat reëel is gebleken: de enorme groei van de zorgkosten. Feit is dat duurzaam welzijn van een individu mede bepaald wordt door ‘ervaren autonomie’. Zelfredzaamheid en participeren zijn concrete invullingen van de autonomiebehoefte. Het risico dat hulp de afhankelijkheid vergroot en daarmee de zelfredzaamheid en de participatie verkleint, is niet denkbeeldig. Het is een valse belofte dat het collectief voor het welzijn van een individu verantwoordelijk is of dat de overheid het alleen kan borgen. Dat is een recept voor teleurstelling. De denkfout van Van Baar is dat het principe van zelfredzaamheid als vertrekpunt betekent dat er geen hulp geboden zou worden. Die hulp is er, zij het pas nadat het individu en naasten aangesproken zijn op het eigen vermogen bij te dragen aan (zorg-)oplossingen. Met de ervaren zelfredzaamheid kan het welbevinden toenemen. De koers die Van Baar voorstaat, doet die zelfredzaamheid eerder afnemen.

Godfried Westen

Vrije School

Gewoon geloofsonderwijs

Gingen ouders maar wat minder af op de leuke dingen die ze op de Vrije School doen. Ze zouden zich eens in het gedachtegoed van Rudolf Steiner (1861-1925) moeten verdiepen.

Het racisme waarvan de antroposofen een aantal jaren geleden zo schrokken, is maar een deel van een volkomen gedateerde ideologie van het type dat rond 1900 zo populair was, naast theosofie, Christian Science, spiritisme en dergelijke.

Anders dan Montessori- of Jenaplanscholen is de Vrije School namelijk geen vorm van systeemonderwijs, maar komt het voort uit de onfeilbaar geachte leer van de grote goeroe. Zijn pedagogie reduceert kinderen tot slechts vier typen: sanguinisch, melancholisch, cholerisch of flegmatisch. Dit is de oeroude sappenleer van Hippokrates van 2500 jaar geleden.

Pseudowetenschap beroept zich graag op oude wijsheden. Ooit vertelde een docent van de Vrije Lerarenopleiding in een lezing volkomen serieus hoe de Meester als meester in een klas was opgetreden. Hij zag een leerling glazig kijken: „Aha, een flegmaticus.” Steiner pakte zijn sleutelbos uit de zak en gooide die kletterend op het tafelblad van de afwezige scholier. Toen was hij er weer bij. Oefenen ze sleutelbosgooien op de Vrije PA?

Helaas maakt de vrijheid van onderwijs het mogelijk dat ook antroposofen hun confessionele scholen hebben met religieuze rituelen, zoals kinderen ’s morgens laten uitroepen: „Ik ben een kind van de aarde.”

Anton van Hooff Classicus en oud-voorzitter van De Vrije Gedachte

Interview Denys

Psyche is ook wetenschap

De hoogleraar Denys ontdekte dat hij waarheden over zijn aandachtsgebied binnen de psychiatrie niet kwijt kon in de wetenschap (18/7, L6). Hij heeft geen hard bewijs voor wat hij weet, toch is hij er zeker van dat zijn observaties kloppen. En zijn patiënten beamen het ook.

Ik moest denken aan Karl Popper die omstreeks 1930 in Wenen voordrachten bijwoonde van volgelingen van Adler en Freud. Popper was verbaasd dat beide totaal verschillende, maar schijnbaar onweerlegbare uiteenzettingen gaven over hetzelfde onderwerp. Dit bracht hem op het idee dat wetenschappelijke theorieën moeten kunnen worden gefalsifieerd.

De psychoanalytische theorieën waren volgens Popper niet om te zetten in te toetsen hypothesen, daarom waren zij niet wetenschappelijk. Een hypothese werd bij psychoanalytici een overtuiging, die vervolgens de waarneming beïnvloedde en die waarnemingen leidden tot bevestiging van hun hypothese.

Ik vrees dat bij Denys hetzelfde euvel gaande is. Ik ben benieuwd of zijn decaan hem aanspreekt over zijn opvattingen die alleen nog in kringen van alternatieve geneeskundigen kunnen worden gehoord en niet meer in academische centra acceptabel zijn.

Rien Vermeulen Neuroloog

Engels koningshuis

Niet alle Britten waren fout

NRC-correspondent Titia Ketelaar ziet in het opduiken van een filmpje uit de dertiger jaren van leden het Koninklijk Huis in Engeland aanleiding om de Engelsen van toen de maat te nemen ten aanzien van hun houding tegenover de nazi’s (20/7). Goed idee, maar wel een heel slecht idee om te kiezen voor de term „De Brit” in de kop van dit verhaal. Was Engeland in die tijd niet ook al een democratie met onderdanen met allerlei opvattingen en natuurlijk ook tegenstellingen? Hoe gaan journalisten over tachtig jaar over ons schrijven? Over mensen die in een land leven waar je op VVD, Groen Links, PVV en PvdA kan stemmen. Wie blijkt er over 80 jaar aan de ‘goede’ kant gestaan te hebben? Of zijn we dan collectief toch een beetje fout geweest?

G. Näring

Veroordeling agenten

Politie, geef goed voorbeeld

We leven in een rechtsstaat. Dat betekent onder andere een onafhankelijke rechter. Dat geldt voor iedereen en voor elke instantie. Dus ook voor de politie. De ophef die ontstaan is naar aanleiding van de (voorlopige) veroordeling van de Limburgse politie is onterecht, gelet op het feit dat opnieuw twee Rotterdamse agenten vanwege een ander schietincident zich deze week verantwoorden moeten voor de rechtbank.

Laat er geen misverstand over bestaan dat dit soort procedures – en achter de schermen vinden er talloze plaats – diep ingrijpt. Nadrukkelijk negatief is de lengte van zulke procedures: veelal een jaar of langer (zie de Rotterdamse agenten: schietincident uit 2013). Die onzekerheid is slopend. Jarenlang hangt een mogelijk ontslag uit de dienst als een zwaard van Damocles boven hun hoofd.

Maar de politie is zich tegelijkertijd onvoldoende bewust van de voorbeeldfunctie die zij heeft. Te vaak overtreedt zij de regels zonder aanwijsbare reden, waaraan de burger zich te houden heeft. Te denken valt aan door rood rijden (zonder zwaailicht en/of geluidssignalen), over het trottoir rijden, veel te hard rijden (zowel binnen als buiten de bebouwde kom en op snelwegen); het wegmoffelen van boetes/bekeuringen als ontdekt wordt dat het om een collega gaat (corruptie noemen we zoiets bij Zuid-Europese landen) enzovoorts. De politie heeft – terecht – meer bevoegdheden dan de burger. Ze staat echter niet boven de wet. Voornoemde voorbeelden wekken wel de indruk dat de politie zo handelt. Dat moet snel anders, want dat ondermijnt haar gezag. Hetzelfde geldt voor het onmiskenbare racisme: dat is snoeihard aanwezig. De korpsleiding (burgemeester Van Aartsen) ontkent in alle toonaarden, maar hij weet niet wat er op de werkvloer speelt, zoals zo vaak bij te grote, logge, bureaucratische organisaties. De politie, het zijn net mensen. Maar ze moeten wel het goede voorbeeld blijven geven...

M. Sinke

Meten met twee maten

Politieagenten die onder stress en in een fractie van een seconde een beoordelingsfout maken in een situatie die altijd anders is dan op de training, waardoor ze wat achteraf blijkt ten onrechte van het pistool gebruik maakten, worden standaard streng aangepakt.

Een arts daarentegen die in alle rust een voor hem bekende en getrainde operatie uitvoert, maar waarbij door onachtzaamheid de patiënt ernstige schade ondervindt of zelfs komt te overlijden, wordt nauwelijks aangepakt. Fouten worden nu eenmaal gemaakt. Dit lijkt op klasse justitie zolang er geen goede uitleg voor het verschil gegeven wordt.

Nico de Vries