Weduwe huisarts Tuitjenhorn gaat in hoger beroep

Archieffoto uit april 2015 van de weduwe van Nico Tromp die na afloop van een stille tocht voor de huisarts spreekt voor de ingang van Gezondheidscentrum Tuitjenhorn. Foto: ANP / Remko de Waal

Anneke Tromp gaat in hoger beroep tegen het vonnis dat de rechter in Alkmaar velde over de manier waarop de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) in 2013 optrad tegen haar overleden echtgenoot, huisarts Nico Tromp uit Tuitjenhorn.

Dat meldt advocaat Cor Hellingman, die optreedt als woordvoerder van de familie.

De huisarts diende in augustus 2013 aan een terminaal zieke patiënt morfine toe, omdat de patiënt last had van benauwdheid. Een half uur later overleed de patiënt. Later bleek dat Tromp een gram morfine had ingespoten; een hoeveelheid die hoger dan gebruikelijk is en die dodelijk is.

Een co-assistente van het AMC in Amsterdam kaartte dit aan, waarna de inspectie werd ingelicht en de zaak naar het OM werd gebracht. Tromp werd begin oktober door de inspectie een week op non-actief gesteld. Hij tekende bezwaar aan tegen dat besluit, werd depressief en maakte drie weken na het overlijden van de patiënt een einde aan zijn leven.

Eerherstel

Wegens zijn overlijden herriep de inspectie begin 2014 de beslissing, maar volgens Anneke Tromp had het besluit nooit mogen worden genomen. Op zoek naar eerherstel voor haar echtgenoot schreef ze een open brief aan het kabinet waarin ze de handelwijze van haar man verdedigde. Een onderzoekscommissie oordeelde eerder dat de instanties in deze zaak zorgvuldig hadden gehandeld, al stelde de commissie wel dat de relatie tussen de IGZ en huisartsen diende te worden verbeterd.

Tromp daagde de inspectie vervolgens voor de rechter. Die stelde haar eerder deze maand in het ongelijk. Tromp noemde het optreden van de IGZ “onverteerbaar”:

“Mijn man had een onberispelijk verleden, maar één incident was genoeg om hem weg te zetten als gevaar voor zijn patiënten.”

Lees ook in NRC Handelsblad: Zij zijn hun huisarts dankbaar