Spanning loopt op na aanslag Turkije

De aanslag van gisteren – 30 doden – was vermoedelijk het werk van IS. Koerden maken verwijten aan Turkse regering.

Honderden betogers verzamelden zich gisteravond in Istanbul uit solidariteit met de slachtoffers. Ze riepen tegen de Turkse regering, die ze ervan beschuldigden te collaboreren met IS.

De aanslag van gisteren in de Turkse grensstad Suruç heeft het complexe conflict tussen de Turkse regering, de Koerden en de Islamitische Staat (IS) op scherp gezet. Zeker 30 mensen kwamen om bij een zware explosie in de tuin van een cultureel centrum. Als blijkt dat IS inderdaad achter de aanslag zit, zoals de Turkse regering vermoedt, dan is dit de eerste keer dat de terreurgroep toeslaat op Turks grondgebied.

Doelwit van de aanslag was een bijeenkomst van jonge Turkse en Koerdische activisten die de verwoeste Syrische grensstad Kobani, direct over de grens bij Suruç, wilden helpen bij de wederopbouw. Het moest een soort zomerexpeditie worden, georganiseerd door de Federatie van Socialistische Jongerenverenigingen. Op amateurbeelden is een groep jongeren te zien met spandoek waarop staat: ‘We hebben [Kobani] samen verdedigd en we zullen het samen opbouwen.’ Op het moment dat ze een lied zingen, ontploft er tussen hen een bom.

De terreur is niet zozeer gericht tegen de Turkse overheid als wel tegen de Koerden, die IS de afgelopen weken zware nederlagen hebben toegebracht in het noorden van Syrië. Begin dit jaar wist de Syrische Koerdische militie YPG de jihadisten te verdrijven uit de grensstad Kobani, vlak over de grens bij Suruç. En vorige maand werd de terreurgroep ook verjaagd uit de grensstad Tal Abyad, die fungeerde als een cruciale doorvoerhaven voor strijders richting het kalifaat.

Bij de slag om Kobani speelde Suruç een belangrijke rol. Koerdische activisten in het Turkse grensstadje stuurden voedsel en medicijnen naar Kobani. Maar de Turkse regering weigerde aanvankelijk dat er wapens en versterkingen via zijn grondgebied naar Kobani werden gestuurd. Later ging president Erdogan alsnog overstag. Via Suruç schoten Koerdische peshmerga uit Noord-Irak hun Syrische broeders te hulp.

De weigerachtige houding van de Turkse regering heeft veel kwaad bloed gezet bij de Koerden. Ze verwijten Erdogan heimelijk samen te werken met IS om het autonome Koerdische gebied in het noorden van Syrië te ondermijnen. Hoewel Turkije formeel deel uitmaakt van de internationale coalitie tegen IS, mogen Turkse legerbases niet gebruikt worden voor bombardementen op de extremisten. Ook knepen de Turkse autoriteiten lange tijd een oogje toe terwijl duizenden buitenlandse strijders via Turkije richting het kalifaat trokken.

De veroveringen door de Syrische Koerden, die nu ruim de helft van het grensgebied in handen hebben, baren de Turkse regering grote zorgen. De angst is dat een autonoom Koerdisch gebied in Noord-Syrië de separatistische sentimenten bij de Koerden in Turkije zal aanwakkeren. De YPG is nauw gelieerd aan de Turks-Koerdische Arbeiderspartij PKK, die de afgelopen dertig jaar een bloedige guerrilla voerde tegen het Turkse leger voor een eigen staat, maar sinds 2013 een wapenstilstand in acht neemt.

Na de val van Tal Abyad heeft Turkije extra troepen en materieel naar de grens gestuurd. Erdogan beschuldigt het Westen ervan met bombardementen boven Syrië „Koerdische terroristen” te steunen, die een bedreiging kunnen vormen voor Turkije. Er zijn in de Turkse media geruchten over een invasie of zelfs de instelling van een bufferzone in Syrië , maar die worden door premier Davutoglu ontkend.

Tegelijkertijd voert Turkije de strijd tegen IS op. Bij invallen van de politie werden de afgelopen weken honderden vermeende aanhangers van IS opgepakt. Vorige week werd de toegang tot enkele islamitische nieuwssites geblokkeerd. En zaterdag arresteerden de autoriteiten bijna 500 mensen die probeerden vanuit Turkije de grens met Syrië over te steken.

Toch kan dit de Koerden er vooralsnog niet van overtuigen dat de Turkse regering de strijd tegen IS nu wel serieus neemt. Honderden betogers verzamelden zich gisteravond in het centrum van Istanbul uit solidariteit met de slachtoffers. De politie dreef ze uiteen met traangas en waterkanonnen toen ze leuzen riepen tegen de Turkse regering, die ze ervan beschuldigden te collaboreren met IS.

De pro-Koerdische partij HDP, die voor het eerst in het parlement zit en openlijk sympathiseert met de PKK, verwijt de regering medeplichtig te zijn aan de ,,barbarij” in Suruc. De PKK liet zich in dezelfde zin uit. Dit belooft weinig goeds voor de vredesbesprekingen met de regering.