Bewonderd, gehaat en gevreesd

Nieuwe hoofdredacteur van De Telegraaf is ‘niet rechts’, maar hekelt ‘linkse hypocrisie’.

Voor bewoners van het Binnenhof begint de dinsdagochtend standaard met de column van politiek commentator Paul Jansen in De Telegraaf. De echte fanaten lezen deze nog nog vóór ze opstaan, in bed op hun smartphone of tablet. Want de artikelen van Jansen bevatten altijd een scherpe analyse en vaak nieuws dat nog nergens anders is verschenen. Wat Jansen schrijft kan het gesprek en het humeur van de week bepalen.

Dat dinsdagochtendritueel dreigt te verdwijnen nu hij hoogstwaarschijnlijk hoofdredacteur wordt van de grootste en machtigste krant van Nederland (betaalde oplage 452.000). Na zijn voordracht vrijdag had Paul Jansen gisteravond zijn gesprek met de redactieraad. Als die vandaag een positief advies geeft, kan hij worden benoemd.

Jansen, die niet aan dit artikel wil meewerken, is door de directie gekozen uit zes kandidaten. Eigenlijk was misdaadverslaggever John van den Heuvel de keuze van de redactie en de hoofdredactie. Van den Heuvel: „De redactie heeft mij gevraagd en toen heb ik gesolliciteerd. Maar de directie zette vraagtekens bij mijn tv-activiteiten. En ook bij het feit dat ik niet op meerdere redacties had gediend. Dus toen ik heb ik mij teruggetrokken.”

Bij De Telegraaf heeft Jansen heel wat op te ruimen. Hij moet waarschijnlijk mensen ontslaan en hervormingen doorvoeren en daarbij laveren tussen directie en redactie. Jansen is de opvolger van Sjuul Paradijs, die op 17 mei met ruzie vertrok na een conflict met de directie. De redactie kwam in opstand en ook de drukkers morden. Helemaal toen moederconcern TMG aankondigde een van de twee drukkerijen te sluiten en de andere te halveren. Een ander omstreden plan is het opknippen van de krant: TMG zou sterke submerken als Telesport, De Financiële Telegraaf en Vrouw los van het hoofdmerk willen uitbaten, zonder zeggenschap van de hoofdredactie.

TMG wil snel snijden in de kosten en hervormen. De krant krimpt: inkomsten uit abonnementen en losse verkoop zijn volgens TMG de afgelopen vijf jaar 10 procent gedaald, de advertentieomzet 60 procent. TMG leed in 2014 een verlies van 31,8 miljoen euro.

Bovenop de apenrots

Interessant is ook hoe Jansen zijn krant verder zal brengen in het digitale tijdperk. Hij twittert bijvoorbeeld niet zelf, maar zijn rechterhand en de huidige chef van de politieke redactie, Wouter de Winther elke week op Twitter zijn column laat promoten.

Jansen staat in Den Haag bovenop de journalistieke apenrots. Hij wordt bewonderd, gehaat en gevreesd. Typerend is dat Jansen vaak het hoogste woord voert tijdens de persconferentie van de premier op vrijdagmiddag, en bij het ‘off the record’ moment dat journalisten daarna aan de bar van sociëteit Nieuwspoort met Mark Rutte hebben. Anderzijds weigerde hij in 2012 de Anne Vondelingprijs voor politieke journalistiek. Erkenning waar hij blijkbaar geen behoefte aan had.

Weinig Haagse politici en medewerkers hebben „zin om een journalist te recenseren”, zeker niet wanneer die de baas wordt van een bepalende krant. Jansen zou een goede verstandhouding hebben met Rutte, ondanks de bijnaam ‘Marx Rutte’ die hij de premier gaf toen de VVD met de PvdA ging samenwerken, en vooral met VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra. Gezien de rechtse signatuur van zijn krant, is de relatie met coalitiepartner PvdA moeizamer. In een interview met Vrij Nederland in 2010 – andere Binnenhof-commentatoren hadden hem net tot de beste uit hun midden verkozen – zei hij zelf „niet zo rechts” te zijn. „Ik heb gewoon een hekel aan hypocrisie. En dat kom ik bij links meer tegen dan bij rechts.”

Bleef zich opwinden over politiek

Communicatieadviseur Simon den Haak, die binnen de PvdA zowel voor Wouter Bos als Diederik Samsom werkte, heeft desalniettemin vooral lovende woorden voor Jansen. „Je kunt van alles vinden van de campagnejournalistiek van De Telegraaf, of hoe Jansen sommige mensen persoonlijk aanvalt, maar ik kan hem vrijwel nooit betrappen op dingen die feitelijk niet kloppen.”

Jansens podium beperkt zich niet tot de pagina’s van De Telegraaf. Hij is politiek commentator bij praatprogramma’s op televisie en hij is als dagvoorzitter of spreker in te huren voor 2.000 tot 3.500 euro.

Jansen is sinds midden jaren negentig aan de krant verbonden. Eerst werkte hij voor de Financiële Telegraaf en de buitenlandredactie. Daarna werd hij van 2002 tot 2006 correspondent in Indonesië. Studievriend Hans van der Beek: „Dat heeft hem op de kaart gezet bij De Telegraaf.” Michiel Maas, correspondent van de Volkskrant, herinnert hem als een ‘heel serieuze correspondent’: „We gingen wel eens gezellig biljarten.” En: „Hij is recht door zee, heeft sterke meningen, en daarmee strijkt hij mensen wel eens tegen de haren in.”

Maas vertelt dat Jansen in Jakarta het Nederlandse nieuws goed in de gaten hield: „Hoewel wij aan de andere kant van de wereld zaten, bleef hij de Haagse politiek nauwgezet volgen. De meeste correspondenten kijken daar wat afstandelijker naar, maar hij bleef zich erover opwinden.”

In 2006 dunde De Telegraaf zijn correspondentenbestand uit en kwam Jansen terug. Hij was kandidaat om correspondent in Washington te worden, maar het werd Den Haag. Voordat Paradijs dit voorjaar vertrok, was er opnieuw sprake van dat Jansen voor de krant naar de VS zou gaan.

Geen people manager

In het interview met Vrij Nederland vertelt Jansen dat de toenmalige commentator Kees Lunshof hem vroeg om chef in Den Haag te worden. Toen Lunshof in 2007 overleed, nam Jansen diens invloedrijke column over. Michel Maas van de Volkskrant: „De column van Lunshof, dat was echt een instituut, dus daar zat hij in het begin wel tegenaan te hikken. Hij vond het een zware opdracht.” Jansen in het Vrij Nederland-interview: „Zelf dacht ik in het begin: who the fuck is die Paul Jansen?” Maar de column bleef een instituut en Jansen werd zelf een autoriteit.

Chef was hij niet lang. Volgens sommigen omdat hem dat niet lag, volgens Maas omdat het te zwaar werd: de column, het tv-werk én het chefschap.

Een voormalig journalist aan het Binnenhof zegt dat de parlementaire redactie van De Telegraaf „sidderde” voor Jansen. „Hij was inhoudelijk een goede chef, maar niet bepaald een people manager. Maar als je kijkt naar wat er allemaal moet gebeuren bij De Telegraaf, waar nog allerlei medewerkers op riante contracten zitten, moet je misschien een klootzak zijn om dat op te schonen.”