‘Als een hond renne, renne, renne’

Pakketbezorgers mogen geen depots blokkeren van PostNL. Maar ze zijn nog steeds boos, om allerlei redenen. Twee vrienden leiden het verzet.

Pakketbezorgers mogen in dienst komen van PostNL als ze dat willen. De mensen die afgelopen dagen staakten, vinden het aanbod van PostNL te slecht. Foto Robin van Lonkhuijsen / ANP

De pakketbezorgers wijzen driftig naar het opschrijfboekje van de verslaggever, schrijf op! Te hoge werkdruk. Te veel stops op de route. Te veel moeten investeren in de bussen. Te lage tarieven. Intimiderende onderhandelingsgesprekken. Geen pensioen of verzekering. Nooit vakantie. „Als een hond moeten renne, renne, renne”, elke dag weer.

De pakketbezorgers die voor de rechtbank in Utrecht staan en staken, hebben allemaal hun eigen klachten over opdrachtgever PostNL. Ze hebben ook allemaal een ander contract. De één is zzp’er. De ander is zmp’er met tien man personeel. De derde is een zmz’er die zelfstandigen aanstuurt. Of er een rode draad in hun klachten is? „Zeker!” En dan tuimelen de boze woorden weer over elkaar.

De stakers zijn meegekomen met stakingsleider Celil Ören. Die heeft net van de rechter te horen gekregen dat hij geen depots van PostNL mag blokkeren – een overwinning voor PostNL, dat het kort geding aanspande. De reden: zelfstandigen zijn geen werknemers en hebben geen stakingsrecht. Nu was daar nog wel een mouw aan te passen, als de stakers voldoende duidelijk hadden gemaakt wat hun onderhandelingspositie eigenlijk was.

Twee vrienden

Maar welke positie? In de bonte verzameling contracten en dienstverbanden die pakketbezorgers hebben, zijn nauwelijks gezamenlijke belangen te ontdekken. En dat is precies de tactiek van PostNL, zegt Maurice Jacobs van branchevereniging Subco Partners. „Verdeel en heers.”

PostNL ligt al jaren in de clinch met een deel van z’n zelfstandige pakketbezorgers. Twee mannen zijn belangrijke leiders van dit verzet: Celil Ören en Maurice Jacobs. Samen begonnen ze in 2013 Subco Partners, dat opkomt voor de belangen van zelfstandige pakketbezorgers. Ören zit er niet meer bij, maar, zegt Jacobs, „we zijn nog steeds de beste vrienden”.

Die vrienden vonden elkaar in 2013. Toen was voor Ören, ruim tien jaar pakketbezorger, de maat vol. Het lag niet per se aan de werklast, al vindt hij 30 kilo kattengrit op vierhoog afleveren wel zwaar. Het ging erom dat PostNL opeens de tarieven verlaagde, net nadat hij nieuwe bestelbussen had aangeschaft. Nooit vakantie, weinig van zijn kinderen zien, schulden maken en geen uitzicht op verbetering. Hij riep een staking uit. Inmiddels is Ören manager bij een logistiek bedrijf, maar hij maakt zich nog steeds druk om de pakketbezorgers bij PostNL.

Maurice Jacobs had het iets beter geregeld. Die vormde met zijn vrouw een vof’je, gunstig voor de belasting. Maar hij zag zoveel onrecht dat hij besloot Subco Partners op te richten, waar hij nu van leeft. Zijn vrouw is te klein voor die grote bussen van nu, die rijdt ook geen pakketten meer.

Jacobs en Ören verwierpen allebei het voorstel dat PostNL eerder deze maand aan de pakketbezorgers deed. Dat was uitonderhandeld met de FNV. Wie wil, mag in loondienst. Wie niet wil, krijgt extra toelages per gewerkt uur, „om de loonstijging niet afhankelijk te maken van het aantal pakketten”, volgens een woordvoerder. Maar dan is wel een ‘eurovergunning’ voor zwaar transport nodig. En PostNL wil praten over overname van de dure aangeschafte bus of het leasecontract. „We willen met iedereen een individueel gesprek over ons aanbod.”

Aanbod niet goed genoeg

Maar voor een flinke groep pakketbezorgers is dat aanbod niet goed genoeg. Hoe groot die groep is, is onduidelijk. PostNL heeft 600 pakketbezorgers in vaste dienst en ruim 1.100 ‘vervoersovereenkomsten’ met zelfstandigen. Van die 1.100 zijn 800 zzp’ers. De rest bestaat uit mensen die weer anderen in dienst hebben. PostNL weet zelf niet hoeveel dat er zijn. Subco houdt het nu op 600 stakers (Jacobs: „Plus iedereen die hier niet durft te zijn of geen dag omzet kan missen”), PostNL op veel minder.

Deze boze mensen wijzen het voorstel af om allerlei redenen. Het zijn de zelfstandigen die achterlopen met btw betalen. Gaan zij in loondienst, dan komt de belastingaanslag in één keer „en kunnen we zo de schuldsanering in”. Het zijn de mensen die niet kredietwaardig genoeg zijn voor zo’n eurovergunning, waardoor ze een toelage mislopen. Het zijn de mensen die geen geld hebben voor het halen van het benodigde vakbekwaamheidsdiploma.

En het zijn de mensen die, na jaren hard werken, loondienst een nederlaag vinden. Ze hebben toch al een pensioengat. En waren ze niet zelfstandig geworden omdat ze hoopten dat juist het ondernemerschap hun voorspoed zou brengen?