Column

Eindelijk een president achter de tralies

Het was al bijzonder genoeg dat Barack Obama gisteren een gevangenis bezocht – in Reno, in de staat Oklahoma. Niet eerder had een Amerikaanse president zich verwaardigd om een kijkje te nemen achter de tralies. Terwijl het gevangeniswezen toch decennialang een politiek uiterst populaire groeisector is geweest.

Obama wilde met het bezoek aandacht vragen voor zijn initiatief om het beruchte Amerikaanse strafrechtsysteem te verbeteren. Eerder in de week had hij al de straffen verminderd van 46 gevangenen die niet voor geweldsmisdrijven vastzaten, maar die voor relatief kleine misdaden in verband met drugs heel hoge straffen hadden gekregen, in sommige gevallen zelfs levenslang.

Nog bijzonderder dan het bezoek zelf was dat de Amerikaanse president zich na afloop vereenzelvigde met de gevangenen. Dat leidde in een reportage van The New York Times tot deze fraaie eerste alinea: „Ze openden de deur van cel 123 en president Obama stapte naar binnen. In de ruimte van amper 3 bij 3 meter zag hij drie bedden, een wc zonder bril, een kleine wasbak, metalen kasten, een houten nachtkastje met een woordenboek en nog wat andere boeken – en het leven dat hij had kunnen hebben.”

Want Obama herinnerde er na zijn bezoek aan dat hij in zijn jonge jaren zelf ook dingen had gedaan waardoor hij in de cel had kunnen belanden. Hij had regelmatig marihuana gerookt, hij had cocaïne uitgeprobeerd – alleen had hij het geluk in een omgeving te verkeren waarin je je wat misstappen kon veroorloven en op tijd werd bijgestuurd.

Door het zo persoonlijk te maken onderstreepte de president wat hij eerder in de week al over gevangenen had gezegd in een toespraak voor de zwarte burgerrechtenbeweging NAACP: „De mensen in onze gevangenissen hebben fouten gemaakt, soms grote fouten, maar het zijn ook Amerikanen.” En die Amerikanen zitten vaak in erbarmelijke omstandigheden in overvolle gevangenissen, waar ze door medegevangenen belaagd en verkracht worden en nauwelijks worden voorbereid op terugkeer in de maatschappij.

Dat de president dat probleem nu benoemt en aanpakt is een keerpunt. Afgelopen twintig jaar is het aantal gevangenen in de VS verdubbeld, tot 2,2 miljoen. Politici spraken alleen over gevangenissen in combinatie met de woorden ‘meer’ en ‘harder straffen’.

Maar het méést bijzondere aan dit initiatief van Obama is nog iets anders. Dit is geen soloactie van een Democratische president die toch niet meer herkozen kan worden en nog iets leuks wil doen voor linkse mensen. Het is deel van een politieke wending die zowaar wordt gesteund door Republikeinen en hun geldschieters. Ook zij zien in dat de massale opsluiting van Amerikanen maatschappelijke en financiële kosten met zich meebrengt die onzinnig zijn.

Niemand minder dan de Republikeinse voorzitter van het Huis van Afgevaardigden, John Boehner, doorgaans een grote tegenspeler van Obama, zei deze week dat „er veel mensen in de gevangenis zitten die daar niet horen”. En hij beloofde steun voor een wetsvoorstel dat onder meer minimumstraffen voor drugsmisdrijven verlaagt.

De tijdgeest verandert, ook op dit terrein. Veel Amerikanen zijn de afgelopen jaren al in hoog tempo anders gaan denken over het homohuwelijk en legalisering van marihuana. Nu begint ook het geloof te verdwijnen in keihard straffen en opsluiten bij lichte drugsmisdrijven, beleid waarvan onevenredig veel zwarte mannen het slachtoffer zijn. Obama probeert die verschuiving in het denken te versnellen en er met steun uit beide partijen meteen concrete maatregelen aan te verbinden. Hij heeft de wind mee en grijpt zijn kans.