In het westen van Oekraïne is het nu ook mis

Een jaar na de MH17-ramp is er van stabiliteit in Oekraïne geen sprake. Clans van de oligarchen vechten om de macht.

‘Red en bescherm.’ Bij een kruis vlak bij de rampplaats van de MH17 in Oekraïne lag dinsdag een krans. Foto PIERRE CROM/ANP

Een jaar lang woedde de oorlog alleen in de Donbas in het oosten van Oekraïne. Rond de plek waar een jaar geleden de MH17 werd neergeschoten, eisen de pro-Russische rebellie en de zogenoemde Anti-Terroristische Operatie (ATO) van de Oekraïense regeringstroepen nog steeds bijna dagelijks slachtoffers.

Maar sinds een week is het ook oorlog in het uiterste westen van het land. In de Karpaten, aan de Hongaarse grens, levert de regering rond het stadje Moekatsjeve slag met gewapende mannen van dezelfde fascistoïde Rechtse Sector die aan de andere kant van het land juist met vrijwilligersbataljons meevecht tegen de separatisten in Donetsk en Loegansk.

Van stabiliteit is in Oekraïne weinig sprake. De 64-jarige politieofficier Gennadi Moskal is een bestuurlijk symbool van de wanorde. Tien maanden geleden stuurde president Petro Porosjenko hem naar Loegansk om te voorkomen dat de provincie helemaal in handen van de opstandelingen zou vallen. Gisteren werd Moskal alweer overgeplaatst naar Oezjgorod, aan de Slowaakse grens. Hij moet daar een einde zien te maken aan de uitbarsting van geweld waarop de binnenlandse strijdkrachten van de regering tot nu toe geen greep krijgen. Porosjenko hoopt de controle terug te krijgen over de lokale bestuurders, die tot over hun oren zijn verwikkeld in sigarettensmokkel en corruptie.

De spiegelbeeldige ontwikkelingen in het uiterste oosten en westen van het land illustreren de vier grootste problemen voor Oekraïne.

1 Economisch-politieke strijd

Oekraïne mag in 2014 hebben gekozen voor een Europese oriëntatie, om de economische macht in eigen land wordt als vanouds gevochten tussen oligarchenclans. De handel in contrabande in de Karpaten was tot voor kort in handen van groepen die ooit loyaal waren aan ex-president Viktor Janoekovitsj maar na diens vlucht naar Rusland hun huik naar de nieuwe wind in Kiev laten hangen.

De Rechtse Sector wil zich niet neerleggen bij deze status quo. Vandaar het vuurgevecht afgelopen weekeinde in Moekatsjeve. Dmitri Jarosj van de Rechtse Sector, het enige parlementslid van deze fascistoïde paramilitaire groep, eiste meteen het aftreden van de minister van Binnenlandse Zaken en kondigde aan dat hij zijn bataljons uit de Donbas zou terugtrekken. Daarna drukte Jarosj zijn snor.

Een van de verklaringen daarvoor is dat de Rechtse Sector als los zand aan elkaar hangt. Jarosj speelde aan de vooravond van de val van Janoekovitsj een grote rol bij de straatgevechten met de politie. Zijn aureool is groot. Maar het succes zou krachtpatsers hebben aangetrokken die het ‘merk’ Rechtse Sector gebruiken om op het lokale niveau de oude zakenclans te wippen. Die rol hadden radicaal-rechtse groepen tot nu toe vaker in Oekraïne: als knokploeg voor de ene clan een ‘raideraanval’ op de andere belangengroep inleiden.

Op hoger niveau is eveneens sprake van een machtsstrijd tussen oligarchengroepen. Eerder dit jaar heeft bankier Igor Kolomojski op vergelijkbare manier getracht om zijn controle op het olie- en gasconcern Oekrnafta te behouden. Het mislukte en kostte hem zijn post als gouverneur van de industrieprovincie Dnepropetrovsk.

Maar daarna hebben regering en parlement niet echt willen doorbijten in de strijd tegen corruptie. Gisteren heeft een commissie uit het Oekraïense parlement voorgesteld procureur-generaal Viktor Sjokin te ontslaan. Sjokin is pas sinds februari de hoogste justitiële functionaris in de opsporing.

2 Internationale positie

De MH17-ramp heeft de internationale positie van Oekraïne verstevigd. De Russische suggestie dat de Boeing uit de lucht is geschoten door een jachtvliegtuig van de Oekraïense luchtmacht wordt ook in Moskou niet meer serieus genomen. Dat het Russische leger intervenieerde in de Donbas toen de rebellen de slag om Ilovajsk en Debaltseve niet zelf afkonden, heeft het beeld van ongelijke strijd gevoed.

Ondanks het tweede bestand van Minsk, een akkoord dat zou moeten leiden tot een wapenstilstand en meer zelfbestuur voor de Donbas, hebben de westelijke mogendheden hun sanctiebeleid tegen Rusland niet afgezwakt. Dat is een steun in de rug voor Oekraïne.

Financieel mist de Kiev die dekking nog wel. Volgend week vrijdag moet het land een schuld van 120 miljoen dollar afbetalen. De debiteuren, die in totaal 9 miljard hebben uitstaan, dreigen met een default als dat niet gebeurt. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) is te hulp geschoten met 5 miljard dollar. Maar het IMF dreigt wel de resterende 12,5 miljard niet uit te keren als het Oekraïense parlement zich verzet tegen hervormingen van onder meer de pensioenen en de woonlasten. Het parlement is daar huiverig voor omdat het verzet groeit tegen dit soort ingrepen die leiden tot verarming van het volk.

3 Humanitair drama

De oorlog in de Donbas eist intussen een voortdurende tol. Eerder deze week sneuvelden er elf soldaten bij opgelaaide gevechten. In totaal zijn de afgelopen vijftien maanden circa 6.500 mensen omgekomen in de Donbas en zijn 16.000 mensen gewond geraakt. Volgens de VN heeft de oorlog 1,3 miljoen burgers van huis en haard verjaagd. Zo’n 2,6 miljoen mensen hebben medische hulp nodig, die er onvoldoende is, en 500.000 hebben geen toegang tot stromend water.

4 Porosjenko op tweesprong

President Porosjenko staat zo tussen verschillende vuren. Gisteren heeft hij aangekondigd dat hij de ‘coup’ van de rechtse milities in de Karpaten de kop wil indrukken. Alle bataljons die zich niet schikken naar het commando van de regering zullen als ‘terroristisch’ worden bestempeld. Maar of dat zal helpen? Een jaar na de ramp met de MH17 is Oekraïne nog steeds op drift.