Twintig minuten zakelijk rondsnuffelen in de Modefabriek

Bo&Caro gaan elke dag naar een bedrijf. Ze zijn bij aandeelhoudersvergaderingen, productpresentaties of vrijdagmiddagborrels en willen graag weten: wie is hier belangrijk?

Wat: ‘Fashion Match’, een netwerk-initiatief van Enterprise Europe Network, de Kamer van Koophandel en Rijksdienst voor Ondernemend Nederland tijdens de Modefabriek in de RAI in Amsterdam.

Wie: Kvk-adviseur Fabienne Schoesetters, oprichter schoenenmerk Ballinas Shoes Germaine Veenstra en oprichter van modezaak Dress me Dutch.

“Hier kunnen bezoekers een beetje aan elkaar snuffelen.” Fabienne Schoesetters kijkt er geheimzinnig bij. Dan werpt de Kamer van Koophandel-adviseur een blik op het rooster voor haar op de balie. Direct keihard gerinkel. Ze drukt de kookwekker uit en roept dat de twintig minuten om zijn. Tijd om van gesprekspartner te wisselen. Blijven hangen is niet de bedoeling, dan spreken ze later nog maar eens af. Twintig minuten zijn twintig minuten, en dat is helemaal niet te kort, zegt Schoesetters.

De modeontwerpers, kledingproducenten en winkeleigenaren in de ‘Fashion Match’-hoek van de Modefabriek in de RAI staan op en schuiven door. Vinden ze dan nu die investeerder voor hun kledinglijn? Of die winkeleigenaar die besluit hun gehele schoenencollectie in te kopen?

Leuk schoentje

Germaine Veenstra schudt hoopvol de hand van Daniëlle Derksen, oprichter van modezaak Dress me Dutch. “Leuk schoentje heb je”, zegt die. Veenstra knikt. Haalt dan de brochure uit haar tas, en laat Derksen de collectie zien. “Ik laat ze maken in een fabriek op Bali. Die heb ik eerst goed geïnspecteerd voordat ik besloot zaken met ze te doen.” Klinkt goed, zegt Derksen. Veenstra:

“En ik maak zelf nauwelijks winst. Het geld gaat grotendeels naar de stichting die bedrijfjes op Bali helpt bij het ondernemen, en naar de fabriek. Zo kunnen ze betere apparatuur aanschaffen.”

Hier wordt modieus genetwerkt #modefabriek #raiamsterdam

Een foto die is geplaatst door Bo&Caro (@boencaro) op

Goed verhaal, zegt Derksen. Ze is zelf ook erg van het verantwoord ondernemen.

“Mijn kleding is diervrij. En ik laat alles in Nederland produceren zodat makkelijk langs kan gaan bij de fabrieken om te zien hoe het eraan toe gaat.”

Zeer positief, vindt Veenstra. Er worden anekdotes uitgewisseld, ervaringen, telefoonnummers.

Maar nu even zakelijk

Gebruikt Veenstra ook nepleer? Ja! En regelt Derksen haar fotoshoots ook altijd zelf? Ja! Ze zijn het eens over Poolse kledingproducenten: die zijn niet te vertrouwen. En ze steunen ook beiden het goede doel. Gezéllig.

Maar nu even door naar de zaken, vindt Derksen. Ze hebben tenslotte nog maar tien minuten. Die schoenen van Veenstra, wil ze weten, zijn die alleen voor in de zomer? Veenstra knikt. “Ik verkoop alleen open schoeisel.” Aha. Helaas.

“Dan kan ik geen zaken met je doen”, zegt Derksen. Ze is op zoek naar een collectie die ze het hele jaar door kan verkopen. Veenstra kijkt wat teleurgesteld. Derksen ook, al heeft ze nog wel een interessant contact voor Veenstra. “Een kennis van mij heeft een zaakje met allerlei Ibiza-achtige kleren.” Veenstra knikt, belooft te mailen. En dan wachten ze op de kookwekker.