Online checken waar je last van hebt? Beter van niet

Foto iStock

Wat als je last hebt van aanhoudende hoofdpijn, een pijnlijk bultje op je rug of vreemde uitslag op je arm? Even googlen?

De kans is groot dat je het doet, maar er te veel op vertrouwen is niet verstandig, blijkt uit een onlangs gepubliceerd rapport van onderzoekers aan Harvard. Drie vragen.

Wat blijkt?

Het team van Harvard voerde 23 Engelstalige zelfcheck-sites een aantal vooraf opgestelde lijstjes met symptomen, die horen bij een bepaalde aandoening. De klachten gingen van “zelf op te lossen” (bijvoorbeeld een verkoudheid) naar “acute hulp nodig” (een falende lever).

Erg betrouwbaar zijn de sites niet: maar in eenderde van de gevallen werd in een keer de juiste diagnose gesteld. Ook waren ze volgens het onderzoek overdreven voorzichtig: voor kwaaltjes die je prima zelf kunt verhelpen, adviseerden de sites in tweederde van de gevallen tóch een arts te raadplegen.

Evaluation of symptom checkers for self diagnosis and triage: audit study

Hoe zit het hier?

Ook in Nederland grijpen we snel naar Google als we ergens last van hebben:

Moetiknaardedokter.nl behandelt bijvoorbeeld specifieke vragen aan de hand van een snelle enquête en verwijst vervolgens door naar een huisarts of naar Thuisarts.nl, een site van het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) met gezondheidsinformatie. Naar eigen zeggen komen er zo’n 80.000 mensen per dag. En dat heeft effect op hoe vaak we ook écht een afspraak bij de dokter maken:

E-health, gedigitaliseerde gezondheidszorg, groeit gestaag in Nederland. Een consortium van onder meer het NHG, de hartstichting en het longfonds lanceerde onlangs een nieuwe online gezondheidscheck. En het aantal mensen dat online een afspraak bij de huisarts kan maken of via internet herhalingsrecepten kan aanvragen neemt langzaam toe:

Tegelijkertijd hebben sommige doelstellingen van het kabinet op het gebied van e-health nog een lange weg te gaan, schrijven onderzoekbureau Nivel en e-health expertisecentrum Nictiz. Zo zou 80 procent van alle chronisch zieken in 2019 directe, online toegang moeten hebben tot zijn eigen gegevens, maar momenteel geeft maar ongeveer 10 procent aan dat al te hebben.

Hoe zit het met toezicht?

We willen onze pijntjes trouwens ook graag mobiel kwijt. De markt voor medische smartphone-applicaties (inclusief fitness-apps) groeit snel, blijkt uit Duits onderzoek. In 2017 gaat er naar schatting 23,5 miljard euro in om.

De onderzoekers van Harvard benadrukken dat een zelfcheck beter is dan geen medisch advies inwinnen, maar volledig afgaan op wat een app of site je voorschotelt, is niet per se een goed idee.

Hoe weet je dan of een online oordeel toch enigszins betrouwbaar is? Het teleurstellende antwoord: dat weet je nooit helemaal zeker. Een echte dokter vervangen ze voorlopig in elk geval niet.

Toch is er wel wat toezicht. Sites en apps die je vertellen of een consult wel of niet nodig is, of die zelf een diagnose stellen, moeten volgens de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) een Europees CE-keurmerk hebben. Ze gelden als medisch hulpmiddel en moeten aan eisen voor veiligheid, gezondheid, milieu- en consumentenbescherming voldoen. Momenteel zijn het er ongeveer dertig, waaronder Moetiknaardedokter.nl, maar een overzicht ontbreekt, zegt de IGZ.

Ook werkt artsenorganisatie KNMG sinds kort aan een richtlijn voor medische apps, die in de toekomst meer duidelijkheid moet gaan bieden. Tot die tijd zul je gewoon in de wachtkamer moeten gaan zitten. Tenzij je huisarts kan videobellen natuurlijk.