Serena zit met haar hoofd al in New York

Serena Williams won zaterdag het Wimbledontoernooi. De titel is slechts een deel van dat ene grote doel: alle vier grand slams winnen.

Serena Williams versloeg zaterdag de Spaanse Garbine Muguruza in de finale en won daarmee haar zesde Wimbledontitel. Foto Stefan Wermuth/Reuters

Australian Open: check. Roland Garros: check. Wimbledon: check. Next: US Open.

Het is bijna oneerbiedig voor het heilige gras hoe snel de Wimbledontitel van Serena Williams naar de achtergrond wordt gedrukt. Alsof haar zesde eindzege in Londen zaterdag een formaliteit is, een tussenstop op weg naar het hogere doel. Maar het is de realiteit, het draait dit jaar om haar jacht op die buitengewone seizoensgrandslam: alle vier grandslamtoernooien binnen één kalenderjaar winnen. De laatste wie dat lukte was de Duitse Steffi Graf, in 1988.

Een paar minuten na de overwinning (6-4 en 6-4) in de finale op de Spaanse ontdekking Garbine Muguruza schiet het al door het brein van de jongste van de zussen Williams, verklapt ze later. De US Open, laatste missie in een grote machtsoperatie. Start: maandag 31 augustus. Te beëindigen: zaterdag 12 september.

Vier uit vier, kan ze het? Het vooruitzicht is goed, Williams is al sinds 2011 ongeslagen op de US Open, het laatste grandslamtoernooi van het jaar. Opgeteld bij het gebrek aan tegenstand en de onoverwinnelijke flow waar ze nu in zit – 28 partijen ongeslagen op grand slams – lijkt niemand haar te kunnen stoppen.

Vooruitkijkend naar de US Open, waar dacht ze zaterdag aan na de finale? „Oh man, ik heb New York drie keer op rij gewonnen. Ik hoop niet dat ik dit jaar ten onder ga.”

Ooit zal de Williams-machine gaan sputteren, maar niets wijst erop dat dat moment dichtbij is. Ze is op haar best in crisistijd. Als de storm toeneemt, als een achterstand onoverbrugbaar dreigt te worden, komen er andere krachten in haar los. Dan klinkt het gekreun wat harder en worden de slagen harder en giftiger. En speelt ze het spel dat dicht tegen het mannentennis aan zit, met opslagen van rond de 200 kilometer per uur.

Dansen om fit te blijven

Ze wankelde in de derde ronde tegen de Britse Heather Watson, die twee punten verwijderd was van een stunt. Op zo’n moment staat de ware krijger in Williams op, grijpt ze een tegenstander bij de keel en laat niet meer los.

Williams prikkelt zichzelf door keer op keer nieuwe trainingsmethoden uit te proberen. Ze fietste veel, daarna ging ze kilometers lopen, gevolgd door kort sprintwerk en op een gegeven moment stond ze te boksen. „Er zijn zoveel sporten die je kunt doen om fysiek fit te blijven.” Nieuwste vondst: ze danst. Specifieker: hedendaagse dans. „Veel bewegingen”, legt ze uit. „Met soms veel vloerwerk.”

Ze staat nu op 21 grandslamzeges, waarmee ze Graf, recordhouder in het professionele tijdperk, tot op één nadert. Williams oogt nog jong, soms meisjesachtig. In een modieus wit pakje wandelt ze op sneakers de persruimte binnen – kort rokje, naveltruitje, colbert en een grote bos krullen. Als je haar zo ziet kun je je bijna niet voorstellen dat ze sinds zaterdag de oudste winnares van een grandslamtoernooi is in het proftijdperk, met een leeftijd van 33 jaar en 289 dagen. Daarmee gaat ze Martina Navrátilová met 26 dagen voorbij.

Serena Williams tuit haar glimmende lippen en kijkt dan bedenkelijk. „Ben ik officieel de oudste?” Ja dat is ze. „Maar ik voel me niet oud.” Het einde van haar loopbaan is nog niet aan de orde, ze is nog te goed en er is nog te veel te winnen. Haar tweede ‘Serena Slam’ heeft ze overigens binnen: vier grandslamzeges op rij, over twee seizoenen. Maar dat was iedereen alweer bijna vergeten.