Met een speciale id-pas gaat de bouw fraude en uitbuiting te lijf

„We hebben hier geen idéé wie er allemaal op bouwplaatsen rondlopen.”

Op grote bouwlocaties log je straks met de Bouw-ID in bij een poortje, op kleine terreinen via de smartphone van de baas.

Helemaal zuiver zal de bouw nooit worden, erkent FNV-bestuurder Mieke van Veldhuizen. „Daar zijn mensen en bedrijven veel te creatief voor, heb ik wel geleerd.” Maar vanaf 1 januari 2016 moet fraude en uitbuiting in de bouw wel veel moeilijker worden. Nu komt dat op grote schaal voor.

Vanaf volgend jaar moet iedereen die een bouwplaats in Nederland betreedt in- en uitchecken met een speciale identiteitspas, de Bouw-ID. Naar schatting 300.000 passen worden verstrekt voor onder anderen werknemers, uitzendkrachten, zzp’ers en toeleveranciers uit binnen- en buitenland.

De pas staat in de nieuwe bouw-cao die eind vorige week ook door de achterban van respectievelijk werkgevers en vakbonden werd geaccepteerd. Anderhalf jaar lang is er gesteggeld over de arbeidsvoorwaarden. Even lang heeft een werkgroep zich beziggehouden met de Bouw-ID, samen met de Belastingdienst en Inspectie SZW, de vroegere arbeidsinspectie.

Het wordt een pasje met ambitie. De Bouw-ID moet het inzetten van goedkope schijn-zzp’ers (verkapte werknemers) tegengaan en eerlijke concurrentie op de arbeidsmarkt bevorderen. De pas moet naleving van de cao stimuleren en malafide uitzendbureaus weren. Ook moet de pas het vakmanschap in de bouw bevorderen en het werk veiliger maken. Mieke van Veldhuizen: „Het is een grote stap.”

De pas werd aanvankelijk bedacht voor de champignonteelt, waar veel plukkers onderbetaald worden. De Aannemersfederatie Nederland heeft vervolgens in 2013 in de bouw een eerste proef gehouden met een elektronisch ‘vakbewijs’, om valse concurrentie en illegale arbeid door met name buitenlandse bouwvakkers tegen te gaan, zegt Gijs Buijs van de branchevereniging. „Er zijn open grenzen in Europa. We willen geen muur om Nederland, maar wel gelijke kansen voor iedereen.”

Achterlopen op Europa

De pas wordt gekoppeld aan het elektronische legitimatiesysteem eID van de overheid. Er staat een foto op van de houder plus een chip. Naam, vakdiploma’s, werkgevers of opdrachtgevers, het salaris en het aantal gewerkte uren worden in de cloud opgeslagen. Op grote bouwlocaties kun je ‘inklokken’ via bijvoorbeeld een poortje, op kleine terreinen scan je de pas via de smartphone van de baas.

„Vergelijkbare passen heb je al in België, Zweden, Denemarken, Frankrijk en Italië en wel ook in andere sectoren”, zegt Bernet van Leeuwen, beleidsadviseur bij FNV Bouw en lid van de werkgroep. „In Nederland hebben we geen idéé wie er allemaal op bouwplaatsen rondloopt. Daarmee lopen we echt achter in Europa.”

De opdrachtgever en hoofdaannemers zijn verantwoordelijk voor wie waar werkt. De pas sluit aan bij de ‘ketenaansprakelijkheid’ in de nieuwe Wet aanpak schijnconstructies. De opdrachtgever moet eerst inloggen en een bepaald bouwproject invoeren, daarna kan hij een locatie eraan koppelen plus de werknemers, uitzendkrachten en zzp’ers.

Nieuw in de bouw-cao is dat er ook voor het eerst een definitie van een zzp’er in staat. Van Veldhuizen: „Belangrijk, want dan kun je het onderscheid maken tussen een echte zelfstandig ondernemer en een zzp’er die door een uitzendbureautje als een arbeidskracht wordt ingezet waardoor malafide werkgevers loonbelasting en sociale premies ontduiken.”

„Over de definitie van dé zzp’er is eindeloos getheoretiseerd en gepraat”, zegt Henk van der Schaft, projectleider zzp bij FNV Bouw. De korte versie: een zzp’er is iemand die zelfstandig een ‘afgebakende klus’ verricht met een ‘resultaatverplichting’. „Dus niet een schijn-zzp’er die als verkapte werknemer dagelijks aan het werk wordt gezet om de ene keer dit en dan weer dat te doen.”

De werkopdracht van een zzp’er, de nieuwe ‘modelverklaring’, komt ook op de pas. „De feitelijke werkelijkheid moet wel kloppen met de papiereren werkelijkheid”, zegt Van Leeuwen. „Als we op de pas van een zzp’er allerlei tussenbureaus zien, controleren we toch of geen sprake is van schijnconstructies.”

Zwart bijklussen

De grote vraag is: zal het werken? In theorie kan een bouwvakker zijn pas aan een ‘collega’ geven en zelf zwart bijklussen. Misschien ontstaat levendige handel in de passen of wordt op kleine locaties niet gescand. Van der Schaft: „Een enkel geval kun je nooit voorkomen, maar massale fraude en uitbuiting kan straks eigenlijk niet meer.” Van Leeuwen: „Het staat of valt met goede controle. We verwachten dat opdrachtgevers ook zelf steekproeven gaan houden. Door de wettelijke ketenaansprakelijkheid kunnen zij nu een boete krijgen als sprake is van onderbetaling bij hun onderaannemers. De arbeidsinspectie gaat actiever namen publiceren van dubieuze tussenbureaus – ook dat zal een afschrikwekkende werking hebben op opdrachtgevers. En de administratie is straks inzichtelijk voor de Belastingdienst en de arbeidsinspectie.”

„Het controlemechanisme van ons werk verandert niet met deze pas”, zegt een woordvoerder van de Inspectie SZW, die circa 550 inspecteurs telt en 35 specifiek voor de bouw. „We geloven niemand op zijn blauwe ogen en zullen toch steeds de hele administratie moeten doorlopen.”