Kelderman kon weer even volle bak knallen

Wilco Kelderman viel in de tweede etappe en sindsdien moet de jonge renner elke dag, elke rit, zichzelf overwinnen. Gisteren in de ploegentijdrit lukte dat, en was hij een van de motoren van de Lotto-Jumbo-ploeg. Kan hij deze Tour nog schitteren?

Lotto-Jumbo tijdens de ploegentijdrit, de Nederlandse formatie eindigde als negende. Foto Yorick Jansens/ANP

Met een serene glimlach om de lippen peddelt Wilco Kelderman het hobbelige voetbalveld van La Mélécienne op, waar de teamauto’s zijn verzameld na de ploegentijdrit in de Tour. „Prima”, ging het. Geen last van de gekwetste rug, voldoende kopbeurten kunnen doen. Met nieuwe moed het vliegtuig in naar Pau, voor het vervolg van de Tour? „Ik hoop dat het de goede kant op keert. Ik wil me kunnen laten zien. Anders rijd je hier voor spek en bonen mee.”

Vanaf morgen droomde de 24-jarige Tourdebutant van Lotto-Jumbo te schitteren tussen de toppers in de bergen. Zoals vorig jaar in de Giro, toen hij als zevende eindigde. Of in de daarop volgende Dauphiné, waarin hij brutaal Alberto Contador en Chris Froome attaqueerde. Gedoodverfd opvolger van Joop Zoetemelk, of toch minstens van zijn ‘evenbeeld’ Erik Breukink. Meteen al kopman naast Robert Gesink in zijn eerste Tour. Maar op de eerste rustdag, aan de voet van de Pyreneeën, vindt Kelderman zichzelf terug op de 106de plaats in het klassement, op 32 minuten en 34 seconden van geletruidrager Froome. „Ik hoop dat de rustdag me goed doet.”

Trots kondigde hij een paar dagen voor de Tourstart in Utrecht zijn nieuwe website aan. Het motto ervoor leende hij van Sir Edmund Hillary, een van de eerste bedwingers van de Mount Everest: It’s not the mountain we conquer but ourselves. „Een dag om nooit te vergeten”, meldt hij enthousiast na zijn prachtige negende plaats in de openingstijdrit. Daarna vallen website en Twitter snel stil.

Gevallen in de tweede rit naar Zeeland. „Wilco zat niet op te letten”, oordeelt ploeggenoot Jos van Emden snoeihard. Gevallen een dag later in de Ardennen. ‘Beurse’ rechterkant, kneuzing aan de rug. De gevreesde kasseienrit? „Wilco was een openbaring”, prijst ploegleider Nico Verhoeven. Maar de volgende dag betaalt zijn jonge kopman de prijs. „Het was worstelen op de fiets”, zegt hij in Amiens, al bijna een kwartier achter op het geel. „Steken in de rug”, meldt hij in Le Havre. Opgeven? „Ik heb nog een paar dagen tot de ploegentijdrit.” Conquer yourself.

„Veel pijn” heeft Kelderman volgens ploegleider Merijn Zeeman ook ’s ochtends nog tijdens de verkenning van het lastige parcours. Buigen of barsten, weet hij vooraf. In 2012 was het op de Lange Raarberg al vroeg barsten bij het eerste WK ploegentijdrit in Valkenburg. Niet aan denken. Osteopaat Björn Vanmelkebeke maakt de rug los. „Het probleem is vaak dat je pijn ergens anders gaat compenseren”, legt de ervaren Belg uit. Voor de start wat pijnstillers erin en Kelderman en zijn ploeggenoten zijn vertrokken. „Ik had mijn kop niet bij die rug, dan kan je volle bak knallen.”

Misschien zijn de kopbeurten iets minder lang dan normaal, maar Kelderman doet zijn werk. Sterker, hij is een van de motoren van de ploeg, die Laurens ten Dam en Bram Tankink al vroeg kwijtraakt en eindigt in de middenmoot. „Ik ben erg trots op Wilco”, zegt Zeeman. „Hij was een van de besten vandaag. Er ligt flink wat vel af en zijn rug blokkeert net op de plek waar je de kracht vandaan moet halen. Ook mentaal heeft hij de eerste week heel wat te verwerken gehad. Des te knapper dat hij dit kan opbrengen voor de ploeg en voor Robert.”

Medekopman Gesink debuteerde in 2009 in de Tour, na de zevende plaats in de Vuelta het jaar ervoor. Hij viel met een gebroken pols uit na rit vijf. Twee jaar later startte de nieuwe hoop Bauke Mollema voor het eerst in de Tour, met in zijn bagage de twaalfde plaats in de Giro. Overdonderd door het spektakel werd hij 69ste. „Vergeleken met de Tour, is een Giro of Vuelta drie weken vakantie”, vergelijkt trainer Louis Delahaye.

Is Kelderman te vroeg als kopman voor de leeuwen gegooid? „Nee”, is Zeeman stellig. „Sinds hij overkwam naar de profs volgt hij een meerjarenplan. Het eerste jaar geen grote ronde, het tweede de Giro in dienst van Robert, het derde als kopman naar de Giro. Dan is het logisch om hem nu als schaduwkopman uit te spelen. Door valpartijen is het niet zo gelopen als hij en wij verwacht hadden. Maar hij doet hier wel onmisbare ervaring op.”

Maar alleen voor de ervaring rijdt Kelderman niet mee. Hij wil de wereld laten zien hoe goed hij is. Kan het, met een bont en blauwe rug? Zichzelf overwinnen zoals in de ploegentijdrit, dat lijkt het maximale. Schitteren? „Ik bekijk het van dag tot dag.”