Vandaag in de Tour: hard gaan, maar ook de ploeg bijeenhouden

Het team van BMC Racing Team tijdens de Tour van 2013. Foto ANP / Bas Czerwinski

De ploegentijdrit is misschien wel de moeilijkste disciplines in het wielrennen. Aan de ene kant willen ploegen zo hard mogelijk rijden, maar het is ook zaak om de renners bijeen te houden, omdat de tijd van de vijfde renner telt. Extra complicerende factor vandaag: de finish ligt bovenop een heuvel.

Lang is de tijdrit tussen Vannes en Plumelec niet -28 kilometer - maar lastig eens te meer. Tijdens de rit moeten de ploegen namelijk al over twee heuvels heen en aan het eind wacht de Côte de Cadoudal (1,7 kilometer à 6,2 procent). Met al een tijdrit in de benen steil genoeg om je compleet op te blazen.

Ploegen zullen daarom op zoek moeten gaan naar de juiste verhouding: hoeveel renners offer je al op tijdens de eerste 26 kilometer en hoeveel man heb je nog nodig om zonder schade bovenop de Côte te eindigen. Voor ploegen die in de eerste week al renners kwijt zijn geraakt door valpartijen wordt het helemaal puzzelen.

Hoe verging het vorige keer?

De laatste keer dat de Tour Plumelec aandeed was in 2008, toen de eerste etappe van de ronde in het dorp finishte. Alejandro Valverde sprong in die rit vlak voor de streep weg (die dat jaar ook op de Côte de Cadoudal lag) en won de etappe voor Philippe Gilbert. Jérôme Pineau werd derde.

Wie maken er kans?

Alleen goede tijdrijders zijn tijdens de rit van vandaag waarschijnlijk onvoldoende. Wie wil meedoen om de overwinning moest een aantal renners hebben die óók aardig bergop kunnen rijden. BMC is zo’n ploeg: niet alleen kopman Tejay van Garderen kan klimmen en tijdrijden combineren, maar Rohan Dennis ook, bewees hij dit jaar in de Tour Down Under.

Maar ook Astana (Nibali) en Movistar (Quintana) hebben de ploegentijdrit onder controle, zo bewezen ze vorige maand in het Criterium du Dauphiné. Sky verging het tijdens die etappe wat minder, maar moet normaliter ook in staat zijn om met de beste ploegen mee te doen.