Glaasje limo?

Foto Inge Trienekens

In mijn jeugd was limonade synoniem voor aangelengde oranje, rode of groene siroop. Oranje vertegenwoordigde de smaak van sinaasappel, groen moest die van reine claudes nabootsen en rood stond voor granaatappel. Van de rode werd ik misselijk, de oranje was best lekker, maar die groene was mijn favoriet. Al had ik geen idee wat een reine claude was.

Wij noemden limonade, limo – „Wil je een glaasje limo?”, vroeg mijn oma altijd; zij schonk die rode, waarvan ik op de terugweg naar huis altijd moest overgeven op de achterbank van onze sinaasappeloranje Peugeot – maar bij vriendjes heette hetzelfde spul ranja, of gewoon siroop. Grappig hoe zo’n ouderwets product nieuw leven ingeblazen kan worden. Limonade is namelijk dé zomerdrank van 2015.

Op de toonbank van winkels en lunchtentjes, op festivals, op tuinfeestjes, picknicks en campings; opeens zie je ze overal: grote glazen kraantjesflessen gevuld met helder vocht in geel, oranje, roze, rood en diverse schakeringen daartussen. Soms gaat het om niet meer dan aangelengde siroop. Soms is hij zelfgemaakt van vers fruit. En soms drijven er schijfjes citroen in, of sinaasappel, of takjes verse munt, of, op heel hippe plekken, schijfjes komkommer of bloemetjes.

Hoewel ik niet erg van zoete drankjes houd , begrijp ik de aantrekkingskracht van limonadetaps wel. Ze staan erg zomers en gastvrij. Hier, tap maar een glaasje, en nog eentje als je erge dorst hebt. All you can drink.

Die flessen zijn te koop bij huishoudelijke winkels als Hema, Xenos en Ikea, en het leukste is natuurlijk om de inhoud zelf te fabriceren. Een eenvoudige citroenlimonade maak je door een suikersiroop te koken, af te laten koelen en er het sap van een aantal citroenen, water en veel ijs aan toe te voegen. Maar de ideeën voor varianten liggen voor het oprapen. Als je ergens gemakkelijk je eigen smaakstempel op kunt drukken is het huisgemaakte limo.

Janneke Vreugdenhil