Er vliegt een vogeltje in uw richting - reconstructie neerschieten vlucht MH17

In het gebied in Oost-Oekraïne waar vlucht MH17 overheen voerde, werd op 17 juli 2014 hevig gevochten. Een Boek-raketinstallatie stond op scherp om Oekraïense gevechts- en transportvliegtuigen uit de lucht te schieten. Maar er kwam ook bijna ieder kwartier een verkeersvliegtuig over.

©

Midden in zijn betoog wordt rebellencommandant Igor Strelkov opeens gestoord. „ Mortierstelling waargenomen in het maisveld!”

„Waar”, vraagt Strelkov. „Vernietigen! Omsingelen en vernietigen!”

De camera zwenkt naar rechts, een strijder beent weg, de mobiele telefoon aan zijn oor. Onder de schaduw van de bomen staat militair materieel verscholen: een militaire truck, een pantserwagen met daarop een Strela-lanceerinrichting.

De Strela-10 is een luchtafweersysteem voor de korte afstand. De 9M37-raketten kunnen gevechtsvliegtuigen neerhalen tot een hoogte 3,5 kilometer. De Strela is geen bedreiging voor de verkeersvliegtuigen die hier elk kwartier overvliegen, op een veilige hoogte van tien kilometer. Maar achter het korenveld, aan de andere kant van de heuvel, zullen de rebellen de volgende dag een Boek M-1 in stelling brengen. Het plafond van een Boek-raket ligt op zo’n twintig kilometer. Ver boven de kruishoogte van een Boeing-777.

Het is hoogzomer, de leeuweriken zijn stil gevallen, over het slagveld hangt een diepe stilte. Slechts af en toe klinkt er een schot. Strelkov draait zich naar de camera van de Russische tv. Zijn neus is roodverbrand. „Het is nu even rustig.”

Veldslag

Het is 16 juli 2014, de dag voor de ramp. De oorlog in Oekraïne wordt intensief verslagen door Westerse media. Maar bijna niemand heeft een goed beeld van de omstandigheden op de grond. Als vlucht MH17 een dag later het luchtruim boven de Donbas binnen vliegt, wordt daar beneden een complete veldslag uitgevochten.

De rebellen hebben een grote aanval ingezet op het dorpje Marynivka, op nog geen zeven kilometer van de Russische grens. Als de aanval slaagt, zitten duizenden militairen van de Oekraïense Nationale Garde klem tussen separatistengebied en de Russische grens. Om de aanval te leiden heeft Strelkov zijn hoofdkwartier opgeslagen in Pervomajskyj, luttele kilometers van het front, waar hij 16 juli wordt gefilmd. „We hebben hebben een aantal heuveltoppen bezet, en we hebben verschillende voertuigen van de vijand vernietigd”, zegt Strelkov in de camera. „Maar we hebben nog niet kunnen doorbreken naar de grens. De vijand is hier te sterk.”

Het sluimerende conflict in Oekraïne is uitgelopen op een regelrechte oorlog. Begin juni is Petro Porosjenko gekozen tot president, maar in de opstandige gebieden in Oost-Oekraïne is niet gestemd, en de gevechten zijn alleen maar geëscaleerd. Op 11 juni meldt de regering in Kiev voor het eerst dat Rusland tanks de grens over heeft gestuurd. Volgens Kiev is het Oekraïense leger nog steeds bezig met een ‘anti-terroristische operatie’ (ATO). Intussen schieten de Oekraïense strijdkrachten met zware houwitsers op woonwijken en komen elke dag burgers om het leven.

Het Oekraïense offensief heeft effect. Na weken van beleg heeft Igor Strelkov op 5 juli de noordelijke stad Slavjansk moeten opgeven. De Russische rebellenleider trekt zich terug op de hoofdstad Donetsk, en grote delen van de Donbas vallen in handen van het Oekraïense leger. De Oekraïners proberen nu een wig te drijven tussen de twee grote steden in het gebied, Donetsk en Loegansk. Tegelijkertijd trekken Oekraïense eenheden van twee kanten op langs de Russische grens. Als de omsingeling lukt, heeft het Oekraïense leger de rebellen afgesneden van Rusland – hun levensader. In de afgelopen dagen zijn Oekraïners ver opgerukt langs de flanken – té ver. Nu slaat de val dicht.

Bij de gevechten gaat het hard tegen hard. In de afgelopen weken hebben de rebellen de beschikking gekregen over steeds meer zware wapens. De separatisten krijgen ook hulp van het Russische leger, dat vanaf de andere kant van de grens beschietingen uitvoert op de Oekraïense troepen met artillerie en met Grad-raketwerpers.

Maar in de lucht zijn de Oekraïners dominant. De Oekraïense luchtmacht gebruikt gevechtshelikopters, en de Soechoj-25, een licht gevechtsvliegtuig dat bedoeld is voor aanvallen op gronddoelen. In het gevecht geven de SU-25’s vaak de doorslag.

1107spmh17_2.jpg

Grote moed en professionaliteit

De Oekraïense luchtmacht kan niet ongestraft opereren. De rebellen bijten van zich af met lichte luchtdoelraketten (‘Manpads’), die vanaf de schouder worden afgevuurd. In de afgelopen weken hebben de separatisten al verschillende helikopters en vliegtuigen neergeschoten.

Toch gaan de luchtaanvallen door. Op 16 juli, zo meldt de Nationale Veiligheidsraad in Kiev, komen Oekraïense gevechtsvliegtuigen twaalf keer in actie. Gevechtshelikopters voeren zeventien missies uit.

Op de ochtend van 17 juli meldt het Oekraïense ministerie van Defensie dat gevechtsvliegtuigen drie tanks en verschillende pantserwagens van de rebellen hebben vernietigd. Iedere missie, zo benadrukt Kiev, vereist „grote moed en professionaliteit van de Oekraïense vliegers”.

Dat is ’s ochtends. Als aan het eind van de middag duidelijk wordt dat er een passagiersvliegtuig met 298 inzittenden is neergeschoten, zwijgt Kiev ineens over de inzet van het luchtwapen. Oekraïne wil niet de indruk maken betrokken te zijn bij de ramp. Op het moment van de crash, zo benadrukt de woordvoerder Andrij Lysenko op 18 juli, „waren er geen gevechtsvliegtuigen van de Oekraïense strijdkrachten in de lucht”. Drie dagen later geeft het Russische ministerie van Defensie een persconferentie in Moskou. Russische radars hebben wél een Oekraïense SU-25 opgepikt, die in de buurt van MH17 vloog. De suggestie: de Oekraïense luchtmacht heeft de Boeing 777 uit de lucht geschoten.

Daarvoor is geen enkel bewijs. Maar de propagandaoorlog die het afgelopen jaar is gevoerd, heeft de aandacht wel afgeleid van de extreme omstandigheden in het Oekraïense luchtruim op de dag van de ramp.

Ondanks de oorlog is dat luchtruim op 17 juli nog open. Over het zuidoosten van Oekraïne loopt een aantal grote ‘airways’, snelwegen in de lucht. Vluchtroute L980 is een belangrijke verbinding tussen Europese luchthavens als Heathrow en Schiphol en Azië. L980 loopt dwars over Donetsk, langs de stedelijke agglomeraties rond Sjachtarsk en Torez naar de Russische grens. In dit gebied zijn op 16 juli twee Oekraïense SU-25’s geraakt door vijandelijk vuur. Van een van de vliegtuigen staat vast dat het is getroffen door een luchtdoelraket. De piloot weet de gehavende kist veilig aan de grond te zetten in Dnjepropetrovsk. Een tweede vlieger moet gebruik maken van zijn schietstoel, als zijn toestel wordt geraakt.

Vanwege de dreiging heeft de Oekraïense verkeersleiding UkSATSE de onderste regionen van het luchtruim boven de Donbas tot verboden verbied verklaard. Burgervliegtuigen moeten een hoogte van tenminste 26.000 voet (bijna acht kilometer) aanhouden. Daaronder mag alleen worden gevlogen door de Oekraïense luchtmacht.

Maar dat lijkt niet hoog genoeg meer. Op 14 juli wordt boven Izvaryne, vlak aan de Russische grens, een Oekraïens transportvliegtuig door een raket neergehaald. Voor de Oekraïners is het een schok: de Antonov-26 vloog op een hoogte van 6,5 kilometer. Zelfs de modernste Russische ‘Manpads’ komen niet zo hoog. „Dit betekent dat de AN-26 is neergehaald met aan ander, krachtiger wapen”, meldt het Oekraïense ministerie van Defensie in een persbericht.

Volgens Kiev zijn er twee mogelijkheden: de Antonov is geraakt door een Russisch vliegtuig, of het toestel is neergeschoten door een „moderne kanonraketinstallatie van het type ‘Pantsir’”.

Die dag geeft de Oekraïense minister van Buitenlandse Zaken Pavlo Klimkin in Kiev een briefing aan diplomaten van Westerse landen. De situatie in het oosten is in een „kritieke en gevaarlijke” fase terecht gekomen, zegt Klimkin. De Nederlandse diplomate Gerrie Willems noteert: „[De] Antonov kan alleen maar met Russisch materieel (…) zijn beschoten, aangezien separatisten zelf niet over dit soort anti- aircraft wapens beschikken.”

Nog dezelfde dag vaardigt de Oekraïense verkeersleiding een nieuwe ‘Notice to Airmen’ (Notam) uit. Verkeersvliegtuigen moeten nu een minimale hoogte van 32.000 voet (9,7 kilometer) aanhouden als ze het zuidoosten van Oekraïne overvliegen. Waar die hoogte op is gebaseerd is onduidelijk. De radargeleide raketten van de ‘Pantsir’ waarvan het Oekraïense ministerie van Defensie zelf spreekt, halen een hoogte van ten minste twaalf kilometer.

Waarom wordt het luchtruim niet gesloten? Noch de Oekraïense luchtverkeersleiding, noch de Oekraïense luchtvaartautoriteit had tot en met vrijdag gereageerd op schriftelijke vragen van deze krant.

1107spmh17_4.jpg

Afgetapte telefoongesprekken

„Grote broer! Hoe gaat het?”

„Nou, zo-zo.”

Sergej Petrovski klinkt vermoeid. „Ik ben nu in Marynivka, dus je begrijpt …we houden ons staande zal ik maar zeggen.”

Bij Marynivka leveren rebellen zware gevechten met het Oekraïense leger.

„Ze beschieten ons de hele tijd met Grads (raketwerpers)”, vertelt Petrovski aan ‘Bootsman’. „Wij hebben net een vliegtuig neergeschoten, een Soesjka. Wij hebben immers nu een Boek-M gekregen.”

Generaal Petrovski is op 17 juli de hoogste inlichtingenofficier bij de rebellen, en de tweede man na Igor Strelkov. ‘Chmoeri’ (brompot) heeft een lange carrière bij de Russische militaire inlichtingendienst GROe achter de rug. In het voorjaar is hij afgezwaaid met de rang van generaal-majoor, om meteen daarna dienst te nemen als ‘vrijwilliger’ in de Donbas. Chmoeri doet niet alleen inlichtingen, hij is ook verantwoordelijk voor de aanvraag van nieuw materieel uit Rusland: tanks, pantserwagens. En luchtafweerraketten.

Het is Petrovski geweest die de Boek heeft besteld. De lanceerinstallatie is deze ochtend om negen uur aangekomen in Donetsk. Eigenlijk had ‘Chmoeri’ gerekend op meer dan een lanceervoertuig, maar chauffeur ‘Boerjat’ heeft zich verontschuldigd: er was enige onduidelijkheid ‘daar’. Volgens de internationale onderzoeksgroep die de crash van MH17 onderzoekt, doelt Boerjat daarmee waarschijnlijk op Rusland.

De gesprekken zijn opgenomen door de Oekraïense geheime dienst en zitten nu in het strafdossier van het Landelijk Parket in Rotterdam.

Chmoeri heeft daarna gebeld met een zekere ‘Sanitsj’.

„Sanitsj! Met die van jou gaat ook die van mij … de Boek-M mee. Hij staat op een trailer. Waar moeten we hem naartoe brengen zodat hij mee kan in het konvooi?”

„Achter het motel, bij Hornostaivska”, zegt Sanitsj.

Hoewel er tanks meerijden in het konvooi, en ander militair materieel, is de Boek-lanceerinstallatie op een witte Volvo-dieplader een opvallend gezicht. Verslaggevers van het Franse blad Paris Match fotograferen de Boek in Donetsk. Een lokale inwoner filmt het konvooi, terwijl het voorbij dendert in Zugres. Op een ander filmpje is te zien hoe de Boek-lanceerinstallatie op eigen kracht de weg afrijdt naar Pervomajskyj. Even na het middaguur kiest de bemanning van de Boek positie in een veld even ten westen van Pervomajskyj, bij het gehucht ‘Rode Oktober’.

Het Boek M1-systeem is een Russisch wapensysteem uit de tweede helft van de jaren zeventig. Een Boek-batterij bestaat uit meerdere voertuigen: lanceerinrichtingen (Telars), een commandovoertuig en een radarwagen. Maar vandaag hebben de rebellen slechts één Telar tot hun beschikking. Omdat de lanceerinrichting zelf ook een radar heeft, kan een voertuig ‘autonoom’ opereren. Maar de Boek-bemanning heeft een stuk minder overzicht dan normaal.

Op hun radarschermen ziet de driekoppige bemanning naderende vliegtuigen als een oplichtende stip. De Telar kan eigen jagers onderscheiden van die van de vijand, maar kan geen burgervliegtuigen als zodanig herkennen. Maar de Boek-bemanning kan wel de hoogte aflezen. Verkeersvliegtuigen vliegen op grote hoogte en steeds in een rechte lijn.

1107spmh17_1.jpg

Geraas van straaljagers

Het veld bij Rode Oktober ligt recht onder airway L980. Bijna ieder kwartier komt er op grote hoogte een verkeersvliegtuig over.

Maar de aandacht van de Boek-bemanning gaat niet uit naar de verkeersvliegtuigen hoog boven hun hoofd, maar naar de Oekraïense gevechtsvliegtuigen daar onder.

Deze middag horen inwoners van het dorpje Grabovo rond vier uur het geraas van straaljagers. Omdat er de afgelopen dagen is gebombardeerd, rennen de mensen hun huizen uit. Daar zien ze ten minste één gevechtsvliegtuig cirkelen. „Ze vliegen de hele tijd, ’s ochtends, ’s avonds”, vertelt een landarbeider uit Rozsypne op 19 juli tegen verslaggeefster Olga Ivsjina van de Russischtalige BBC. „Maar als wij ’s avonds de tv aan zetten, dan meldt onze Oekraïense tv dat er geen militaire vliegtuigen hebben gevlogen die dag. Terwijl wij de hele dag explosies horen, en er jagers vliegen boven ons hoofd.”

Verschillende bronnen melden dat er op 17 juli een SU-25 wordt beschoten. ‘Chmoeri’ meldt het aan ‘Bootsman’. Een andere rebel die ter plaatse was, vertelde aan Reuters dat een half uur voor het neerschieten van MH17, een raket werd gelanceerd tegen een SU-25, „die de Oekraïense piloten dwong de benen te nemen”. Het Oekraïense ministerie van Defensie wilde niet reageren.

Feit is dat er een gevecht van leven en dood wordt gevoerd bij Pervomajskyj. Om de jagers rondom te kunnen zien, moet de bemanning in de Boek hun radar voortdurend aan hebben staan. Daardoor is het voertuig gemakkelijk te detecteren. Als de bemanning een gevechtsvliegtuig ziet, dan is er weinig tijd om te handelen. Het is dan de vlieger of de Boek-bemanning.

Als MH17 koers zet richting Oost-Europa, wordt op het vliegveld van Dnjepropetrovsk een steward aangehouden. Roman S. werkt bij de lokale luchtvaartmaatschappij Windrose. Volgens de Oekraïense geheime dienst SBOe gaf de steward „per mobiele telefoon en per sms” informatie door over „de frequentie en de vertrektijden van vliegtuigen van de Oekraïense luchtmacht”.

Om de ingesloten troepen aan de Russische grens te bevoorraden voeren transportvliegtuigen van de Oekraïense luchtmacht droppings uit. Op 16 juli, zo blijkt uit informatie van de Oekraïense Nationale Veiligheidsraad, zijn er verschillende vluchten met Antonov-26’s uitgevoerd. Oekraïense bronnen melden dat ook voor 17 juli een vlucht gepland stond vanaf Dnjepropetrovsk. Volgens voormalig plaatsvervangend chef-staf Igor Romanenko werd die op het laatste moment afgelast. „De vluchttijd van dit transporttoestel werd doorgegeven door een spion”, zo zei de generaal in de Russische krant Novaja Gazeta. „Maar het bericht van de spion werd onderschept, en het vertrek van de AN-26 is afgeblazen.”

Een woordvoerder van het Oekraïense ministerie van Defensie heeft deze lezing tegenover de BBC bevestigd. „Op dat moment moest er daar een transporttoestel van het Oekraïense leger voorbij vliegen.” Of de Antonov uiteindelijk vertrokken is of niet, is niet duidelijk. Het Oekraïense ministerie van Defensie geeft geen commentaar.

De Antonov-26 is een propellervliegtuig dat een stuk langzamer, en ongeveer half zo hoog vliegt als een Boeing 777. Volgens de Russische luchtvaartexpert Vadim Loekasjevitsj is het echter heel wel mogelijk dat de bemanning van de Boek de Boeing heeft aangezien voor een lager, langzaam vliegend toestel. Loekasjevitsj is een van de weinige experts in Rusland die zich kritisch heeft uitgelaten over het Kremlin, dat de schuld in de schoenen van de Oekraïeners probeert te schuiven.

Vogeltje is neergestort

Kort voor de crash belt iemand met Igor Bezler, een rebellencommandant.

„Nikolajevitsj!”

„Ja huurling.”

„Er vliegt een vogeltje in uw richting.”

„Een drone of een grote?”

„Dat is niet te zien door de wolken, hij vliegt heel hoog.”

„Begrepen.”

De Oekraïense geheime dienst dateert het gesprek op 17 juli, 16.18u lokale tijd. Twee minuten later stort vlucht MH17 neer in de buurt van Grabove, even ten noorden van de stad Torez.

Kort daarna sturen de separatisten een persbericht uit. „Zojuist is er in de buurt van Torez een AN-26 neergeschoten, ergens achter de kolenmijn ‘Vooruitgang’. Het vogeltje is neergestort achter de steenberg. Er zijn geen burgerslachtoffers.”