Wil de Turkse president Erdogan de macht eigenlijk wel delen?

De AK-partij verloor haar meerderheid, maar een maand later zijn de onderhandelingen nog altijd niet begonnen.

Volgens critici frustreert president Erdogan bewust de coalitievorming. Foto Umit Bektas/Reuters

Turken die zich zorgen maken over de machtshonger van president Recep Tayyip Erdogan slaakten na de parlementsverkiezingen een zucht van verlichting. Zijn AK-partij verloor de meerderheid, waardoor een grondwetswijziging die de president meer macht gaf uit beeld verdween. Voor het eerst in dertien jaar lag een coalitieregering in het verschiet.

Maar een maand later zit Turkije nog altijd zonder regering. Sterker nog, de gesprekken over de vorming van een coalitie moeten nog beginnen. Tegenstanders zeggen dat Erdogan de formatie frustreert om de oppositie uit elkaar te spelen en aan te sturen op nieuwe verkiezingen. De man die de Turkse politiek al meer dan een decennium domineert, deelt niet graag de macht.

Dinsdagavond bij de iftar, de maaltijd waarmee moslims tijdens de ramadan het vasten breken, gaf Erdogan voor het eerst een verklaring voor de vertraging. Hij zei te wachten op de andere partijen, die alle drie een vicevoorzitter van het parlement moeten benoemen. Pas dan kan hij een van de partijleiders vragen om een regering te vormen, zei hij.

Na dagen van felle kritiek gaf Erdogan gisteren premier Davutoglu, een partijgenoot, alsnog het mandaat om een regering te vormen. Die heeft daarvoor 45 dagen de tijd. Als dat niet lukt, volgen waarschijnlijk in november nieuwe verkiezingen.

„Ik zal vragen om een onderhoud met alle politieke partijen en wil volgende week de eerste ronde van gesprekken houden”, aldus Davutoglu gisteren. „Als we dit op een openhartige en transparante manier doen, en empathie voor elkaar tonen, zullen we een formule kunnen vinden die Turkije niet zonder regering laat.”

Toch zullen de onderhandelingen niet makkelijk worden. Aanvankelijk sloten de drie oppositiepartijen – de pro-Koerdische HDP, de rechts-nationalistische MHP, en de linkse CHP – een coalitie met de AK-partij uit. Maar daarna volgden tegenstrijdige uitspraken en gekibbel in de media. Dat gaf de politieke straatvechter Erdogan de mogelijkheid de staatsman te spelen die boven het gekonkel staat.

De MHP wordt gezien als de meest logische coalitiepartner, die ideologisch het dichtst bij de AK-partij ligt. De nationalisten hebben Erdogan in het verleden vaak gesteund, zoals bij het schrappen van het hoofddoekjesverbod op universiteiten. Maar de MHP eist dat de vredesbesprekingen met de Koerden worden stopgezet. Erdogan ziet die juist als een belangrijk onderdeel van zijn politieke erfenis.

Premier Davutoglu zei gisteren dat hij als eerste wil praten met de CHP, zo meldde CNN Türk op Twitter. Er zijn geluiden dat een coalitie met de CHP de voorkeur heeft van de top van de AK-partij. Maar de vraag is hoe samenwerking met de linkse seculieren valt bij de achterban, die bestaat uit conservatieve moslims.

Volgens veel analisten zijn dit slechts schijnbewegingen en is de AK-partij erop uit haar almacht te behouden via nieuwe verkiezingen. Door de verdeeldheid onder de oppositie aan te wakkeren, zou Erdogan willen suggereren dat een coalitie slechts leidt tot de politieke en economische instabiliteit van de jaren negentig, toen Turkije werd geleid door coalities.

„Een coalitie is moeilijk te vormen en onmogelijk te handhaven. We hebben dringend vervroegde verkiezingen nodig, zodat onze mensen hun wil kunnen tonen”, zei een anonieme leider van de AK-partij tegen persbureau Reuters. Sommige peilingen suggereren dat de AK-partij meer stemmen had gehad als kiezers hadden geweten dat er anders een coalitie zou komen.