Vrouwen op tv? Ja, als aankleding op de eerste rij

Het aantal vrouwen op televisie neemt niet toe, maar af. Ondanks afspraken die de publieke omroep heeft gemaakt. Ze zijn er bijna niet. Of ze willen niet.

De laatste reguliere uitzendingen van het afgelopen seizoen van De Wereld Draait Door en Pauw hebben één ding gemeen. De gasten: Kees van der Staaij, Prem Radhakishun, Wim Pijbes, Paul Verhoeven, Jelte Sondij, Lars Gierveld, Daan Boom, Jaap de Groot, Lucky Fonz III en Ad Visser. Juist, allemaal mannen.

Toeval? Nee, een actualiteiten– of opinieprogramma op de publieke omroep is al jaren een mannenavondje. Een probleem dat, ondanks inspanningen van de NPO om dit te veranderen, niet afneemt. Integendeel, blijkt nu. Het aantal mannen neemt alleen maar toe.

In 2010 was 37,6 procent van iedereen die in beeld komt op de publieke omroep een vrouw. Dat is vijf jaar later gedaald naar 35,4 procent, blijkt uit een inventarisatie van de NPO. Met name bij opinie– en nieuwsprogramma’s gaat het niet goed. Daarmee schendt de publieke omroep één van de prestatieafspraken die het vijf jaar geleden maakte met het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, om meer vrouwen op televisie te krijgen.

Toezichthouder Commissariaat voor de Media heeft hierover vorige week een kritische brief naar staatssecretaris Dekker (VVD) gestuurd. „Vrouwen zijn in 2015 zowel op de gezichtsbepalende televisiekanalen als op toonaangevende radioprogrammakanalen in onvoldoende mate gerepresenteerd”, zo staat in de brief die nog niet openbaar is gemaakt.

Grote boosdoener zijn de dagelijkse talkshows bij de publieke omroep, de belangrijkste plek voor opinievorming in Nederland. Uit onderzoek van LJS Nieuwsmonitor in opdracht van NRC blijkt dat gemiddeld driekwart van alle gasten in Jinek, Pauw en De Wereld Draait Door het afgelopen seizoen mannen waren.

De Wereld Draait Door heeft, ondanks het ‘lichtere’ karakter met meer cultuur– en mediaonderwerpen, de meeste mannen aan tafel: ruim vier op de vijf (‘tafelheren/tafeldames’ niet meegerekend). Ter vergelijking: bij RTL Late Night is dit twee op de drie. Wat is dat toch? En waarom lukt het niet om vrouwen op televisie te krijgen?

Welke vrouwen dan?

Voor de televisieprogramma’s zijn de cijfers vooral een nieuwe confrontatie met een al langer bestaand probleem. „DWDD bestaat tien jaar. Elk jaar komen deze vragen terug en elk jaar geven we dezelfde antwoorden”, laat DWDD-eindredacteur Dieuwke Wynia weten in een e-mail. „We doen ons best om vrouwen uit te nodigen. De redenen waarom ze er minder vaak zitten dan mannen kun je teruglezen in vorige interviews en stukken hierover.”

Want, zeggen de makers: welke vrouwen moeten we dan boeken? In Nederland is één op de elf bestuursleden en één op de zes hoogleraren vrouw. „Als het aantal vrouwelijke ministers, politici, directeuren, commentatoren, muzikanten, hoofdredacteuren, presentatoren, componisten, regisseurs, professoren, wereldbestormers, ontdekkingsreizigers en andere mondige durfals zou toenemen zie je dat meteen in De Wereld Draait Door terug”, zegt Wynia.

Het zijn inderdaad de „bestaande structuren” die de komst van vrouwen bemoeilijken, zegt eindredacteur Herman Meijer van Pauw – het programma met een redactie die voor tweederde uit vrouwen bestaat. „Als wij een item maken over hartchirurgie en we een medisch centrum bellen, schuift zo’n ziekenhuis toch altijd het hoofd van de vakgroep naar voren”, zegt Meijer. „En dat is meestal een man. Die vaak ook nog graag met zijn hoofd op televisie wil.”

En, zeggen de programma’s: áls ze dan een vrouw benaderen, willen de vrouwen vaak niet. Het cliché is waar, zeggen ze: mannen zeggen ja en zien dan wel of ze ook wat van het onderwerp weten. Vrouwen willen doorgaans „beter beslagen ten ijs komen”, aldus Meijer.

Of ze geven de opdracht door, omdat ze denken dat een mannelijke collega het misschien beter kan.

Vrouwelijke rolmodellen

Janneke van Heugten van mediaplatform Vaker in de Media brengt programma’s met (vooral) vrouwelijke deskundigen in contact. De grote talkshows tonen weinig interesse, zegt Van Heugten. „Ze zien het niet als een probleem.”

Liever houden de redacties het zoeken naar deskundigen in eigen hand. En dat is vaak steeds hetzelfde kringetje van tv-gezichten die weten hoe televisie werkt. De programma’s zitten niet per se op ‘nieuwe gezichten’ te wachten. Een geschikte vrouw zoeken kost te veel moeite en die tijd is er niet, erkent Meijer. „We hebben de mankracht niet om een positief discriminerend beleid te voeren.”

Maar hebben de programma’s niet ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid? Met een tafel vol directeuren, hoogleraren en lijsttrekkers van politieke partijen krijg je vast een heel inhoudelijk programma, maar met het resultaat dat de vrouwelijke helft van de bevolking zich niet in de samenstelling van diezelfde tafel herkent. En laat die representativiteit nou net één van de ‘kernwaarden’ zijn van de publieke omroep. Iets waar programma’s de komende jaren hard op worden afgerekend, zo schrijft het nieuwe vijfjarenplan van de NPO tenslotte voor.

Vrouwen hebben „een schop onder hun kont nodig”, zegt Van Heugten. Maar het wordt ook tijd dat de televisieprogramma’s hun verantwoordelijkheid nemen. „Als vrouwen zichtbaar zijn, is het negen van de tien keer als aankleding op de eerste rij. En als een vrouw nu naar een programma komt, heeft ze het gevoel dat ze een mannenarena betreedt”, zegt ze. „Vrouwelijke kijkers hebben rolmodellen nodig. Als je die niet laat zien, zeg je ook: het is verdomd moeilijk om als vrouw deze plek te bereiken.”