Ode aan de vooruitgang, met fraai uitzicht op het IJ

Vooruitgang, industrialisatie, migratie; die begrippen zijn onlosmakelijk verbonden met de NDSM-werf in Amsterdam, de voormalig scheepswerf in Amsterdam-Noord. Gouden bergen, gastarbeiders, hoop en ontheemding; het is schitterend materiaal voor theatermakers, en op locatietheaterfestival Over het IJ zijn er dan ook veel die de werf en diens historie als uitgangspunt nemen voor hun werk. Soms vallen vorm, inhoud en locatie dan perfect samen: het recept voor een bijzondere theaterbeleving.

Dat gebeurt bijvoorbeeld bij HIER van Marieke van Veen. Zij verdiepte zich in het leven van een gastarbeider uit voormalig Joegoslavië die eind jaren zeventig huis en goed verruilde voor een zwaar en eenzaam bestaan als scheepsbouwmedewerker in een ver, vreemd land. Van Veen schreef een prachtig klein boekje, met schitterende potloodillustraties van Joost Stokhof, dat het dagboek voorstelt van de fictieve Rathko. Dagen van zestien uur maakt hij, behalve op zondag. Hij slaapt in een barak op de Oude Cornelis Douwesweg. Hij leert Nederlands, maakt vrienden en verliest die weer, mist zijn vrouw, kan er niet zijn voor zijn kind. Hij verwondert zich over het Nederlandse landschap en eten. Soms noteert hij alleen: ‘Niets te melden. Werken. Slapen. Werken. Slapen.’

HIER is een ‘theatrale installatie’, en inderdaad gebeurt er niet (veel) meer dan dat de bezoeker op de werf, dus op de plek waar Rathko zou kunnen hebben gelopen, zijn droeve dagboek leest. Maar dan volgt een treffende theatrale trouvaille, waar hier niet te veel over moet worden onthuld, die Rathko en zijn kleine, vergeefse leven, dat symbool staat voor iets groots, plots adembenemend dichtbij brengt.

Dat grootse komt mooi tot uiting in de voorstelling Sun City II van Ivo Schot en Jeek ten Velden. Hierin wandelt actrice Keja Kwestro in de grote Scheepsbouwloods in één dag langs de geschiedenis van de mens, plus een stukje van diens toekomst; van de schepping tot het jaar 2078. Rijden we ’s ochtends nog per koets of te paard, ’s middags zijn er al auto’s en trams, ’s avonds zitten kinderen met hun iPhone in het klimrek. Zo toont Sun City II in vogelvlucht de verbluffende daadkracht van de mens, en alles wat die heeft gepresteerd. Maar het is ook een dystopische waarschuwing, en een opdracht.

De knappe, poëtische tekst van Ten Velden wordt afgewisseld met helaas iets te hermetische rockmuziek. Doordat tijdens de lange nummers theatraal weinig gebeurt, raakt de voorstelling uit het lood. Niettemin worden hier, op de plek die technologische vooruitgang symboliseert, relevante vragen opgeworpen: is er in de toekomst van de mens nog een ander soort progressie denkbaar? Sun City II is een slimme, filosofische voorstelling die het denken prikkelt.

Vast onderdeel op Over het IJ is het uitgebreide zeecontainerprogramma, met onder meer spannende ‘verticale dans’ van het piepjonge gezelschap Luchtwerk&, en het geestig-absurdistische Wurm van Eva Heijnen en Laurien Riha, samen met acteur Tim Schmidt. In dit bevreemdende sprookje over verbeelding en heldenmoed, een variatie op een kort verhaal van Murakami, redden een kikker en de sul Katagiri Amsterdam van een rampzalige aardbeving. Als hun operatie achter de rug is, vouwt de container zich open en toont het geredde gebied: de stad, die ongeschonden blinkt, bruist en glimt aan de overkant van het IJ. Dan kun je de kikker enkel dankbaar zijn.