Ik dacht dat gitaarspelen alleen voor jongens was

Na een samenwerking met Prince en een muzikale ontdekkingsreis naar haar moederland Jamaica keert Lianne La Havas terug naar North Sea Jazz, dit weekend.

Lianne La Havas

Tot haar achttiende gaf Lianne La Havas (25) weinig om gitaren, vertelt ze op de bank in een ruime Amsterdamse hotelsuite. „Ik studeerde piano en dacht dat gitaarspelen alleen iets was voor jongens”, zegt La Havas. „Pas nadat ik vrouwen verpletterend goed gitaar had zien spelen, raakte ik geïnspireerd dat ook te gaan doen.”

Het was voor haar carrière een cruciale overstap. La Havas: „Ik voelde me nooit verbonden met de piano. Ik beheerste de techniek, maar had er niet veel plezier in. Het gaf me veel meer bevrediging om met mijn vingers aan gitaarsnaren te plukken. Met mijn gitaar kon ik ritmisch en harmonieus talloze kanten op. Het lukte ineens eenvoudig me te uiten. De eerste persoon die de gitaar ontwierp kan nooit geweten hebben hoeveel mogelijkheden dat ene instrument bezat. De gitaar is een wereldwonder van de natuur.”

Nu, zeven jaar later, is de zangeres met haar gitaar een ster in wording. Ze stond twee keer eerder op het programma van North Sea Jazz en maakte indruk met haar soepele stem vol rijke klanken en nuance. Ze werkte samen met Prince, die haar uitnodigde om bij hem in Minnesota in de Paisley Park Studios te komen jammen en die bij haar thuis in Londen – in haar woonkamer – een persconferentie en intiem concert gaf terwijl hij thee met honing dronk, en met wie ze optrad in het Amerikaanse Saturday Night Live. Ook zong ze partijen op zijn album Art Official Age dat vorig jaar uitkwam.

De samenwerking met Prince heeft haar als singer-songwriter veranderd, vertelt La Havas. „Hij heeft me bewust gemaakt van mijn gevoeligheid voor de groove; voor wanneer iets goed voelt en hoe je dat duidelijk kunt maken en regisseren.” Ze observeerde hem tijdens de opnames en optredens waaraan ze meedeed. „De manier waarop Prince spreekt over zijn muziek terwijl hij aan het jammen is en hoe hij aan zijn band duidelijk maakt wat hij wil, heeft veel invloed op me gehad”, zegt La Havas. „Ik heb nu een betere controle over mijn geluid en werk veel meer met live-muzikanten. Ik speel zelf ook een beetje bas en houd alle elementen in de gaten. En hij is natuurlijk de meester op dat gebied.”

Een gitaar en thee. Heel veel thee

Ook een muzikale ontdekkingsreis naar Jamaica, het land van haar moeder en de grootouders die haar hielpen opvoeden, liet diepe sporen na, vertelt La Havas. Ze ging erheen voor een familiereis en keerde terug om aan haar tweede plaat Blood te werken, een fris en zomers popalbum dat eind deze maand verschijnt.

„Ik voelde me op Jamaica meteen thuis”, zegt de Britse. „Ik heb daar geleerd waar ik van houd, waar ik me comfortabel bij voel in de studio. Ik moet me relaxed en alert voelen. Ik moet met mensen werken die ik vertrouw. Ik moet mijn gitaar bij de hand hebben en thee, heel veel thee.”

Ze deed op Jamaica een belangrijke muzikale ontdekking, zegt de zangeres. In de opnamestudio van reggae- en dancehallproducer Stephen ‘Di Genius’ McGregor, zoon van reggaeveteraan Freddie McGregor, leerde ze op een andere en meer spontane manier muziek maken dan ze gewend was.

La Havas: „Ik werkte met Stephen in een studio vol familie en vrienden, hij speelde beats voor me en ik liet mijn geest waaien totdat er ineens melodieën ontstonden waarvan ik niet had gedacht dat ik er ooit op zou komen. Ik bereikte een voor mij nieuw muzikaal niveau – de vrije flow. Gewoon een beat laten lopen en beginnen met zingen op het moment dat het goed voelt, totdat de producer roept: ja, dat is het stukje dat we zoeken.”

Het werken met McGregor op Jamaica beïnvloedde sterk de koers van haar nieuwe album. Als omslagpunt noemt ze de opnames van ‘Midnight’, een warm en opgewekt nummer dat vooral gaat leven wanneer ze met haar stem even flink voluit gaat.

„Ik werkte ontspannen aan de gitaarpartij en toen ik naar Stephen liep om die te laten horen, stond bij hem letterlijk de beat aan die er op de plaat ook onder staat. Dat was echt opwindend: elk element schreef zich bijna vanzelf. We hoefden niets meer toe te voegen. Het refrein ontstond; we lieten de muziek lopen en ik zong wat, totdat Stephen aangaf: ja, dát! We hadden in een vlaag van vijf uur een liedje gemaakt.”

De volgende dag schreef La Havas een tekst die aansloot op het gevoel dat de muziek en haar ervaringen op Jamaica haar gaven. La Havas: „Ik voelde me erg onafhankelijk daar in Kingston zonder mijn ouders. Ik was strijdbaar; het voelde alsof ik mezelf beter had leren kennen en vertrouwen.”

De woorden mogen niet afleiden

Een tekst schrijven op muziek die zo spontaan ontstaat, kan lastig zijn, zegt La Havas. „Je wilt niet dat de woorden afleiden. De melodie komt, en ik weet wanneer ik het mooi vind. Maar je kunt een goede melodie ruïneren met slechte teksten.”

Haar ervaringen op Jamaica nam ze mee terug naar Londen. Bij het schrijven van de liedjes voor haar debuutalbum Is Your Love Big Enough? dat in 2012 uitkwam, was er altijd eerst de melodie. Zo was ze het gewend: op de gitaar tokkelen en zoeken; een eerste idee hebben en dan net zolang experimenteren totdat alle elementen op hun plek vallen.

„Nu is het veel meer gewoon gáán”, zegt La Havas. „Niet zwoegen om iets te maken wat er niet is. Mijn nieuwe liedjes ontstaan vanuit een hiphopachtige manier van schrijven waarbij je begint met het ritme. Dat geeft me muzikaal nieuwe mogelijkheden. Ik hou er nu van om vanaf nul te beginnen; om vanuit niets iets te maken en het liedje zelf te laten doen wat het wil. Dat is zo spannend. Heel het proces is nu meer gebaseerd op gevoel.”