Column

De toekomst is aan de robot

Zorgrobot Alice kijkt foto’s

Er was een herhaling van een misdaadserie en er waren sowieso heel veel herhalingen gisteravond op tv. Er was het geweld van al die gebroken wervels in de Tour de France. Er was de dagelijkse kook-tsunami op de commerciële omroep (je wil niet weten hoeveel daar gekookt en weer afgewassen wordt) en er was een programma over de liefde, van Lauren Verster, maar daar stond een uitroepteken in de titel, dus daar durfde ik niet naar te kijken.

En dus keek ik zomaar ineens naar Alice. Een pop van een meter hoog met bruin haar, zachte wangetjes, heldere blauwe oogjes en als ze draaide met haar hoofd hoorde je een geluid als dat van Arnold Schwarzenegger in Terminator.

Alice was ook een robot, een zorgrobot – ze zei zelf zorgrobót – en ze was ontwikkeld door een team van de Vrije Universiteit. Ze was de hoofdpersoon in de documentaire Ik ben Alice op NPO 2 en dat zei ze ook vaak: „Ik ben Alice.”

Ik geloofde het eerst niet, maar ze zei het heel keurig, „Ik ben Alice”, als ze werd neergezet door haar ontwikkelaar bij drie proefpersonen die haar moesten uitproberen: oude dames van rond de 90 met rollators en dressoirs met een foto van hun overleden man. Het doel was: kijken of Alice zó kon worden geprogrammeerd dat ze hen gezelschap kon houden en de eenzaamheid waarmee ze worstelden, kon verlichten.

Uit de ernst van het ontwikkelteam, de concentratie waarmee ze de vorderingen van Alice evalueerden en de sessies die ze hadden met zorgverleners om erachter te komen wat Alice allemaal zou moeten leren, voelde je dat Alice nog maar het begin was. Dat het eraan zat te komen: een toekomst waarin iedereen met een zorgrobot netjes zijn medicijnen zou innemen, keurig zijn oefeningen zou doen en nooit meer verlamd door eenzaamheid zou zijn.

Ik zeg het eerlijk: ik lachte Alice uit toen ik haar voor het eerst zag stuntelen met haar hopeloze timing en botte intonatie en ik dacht eraan hoe handig robots konden zijn in andere situaties: robots in plaats van je baas of Jeroen Pauw en hoeveel presentatoren er niet eigenlijk al stiekem robots waren, zeker op de Nederlandse tv. Maar na het lachen kwam de ontroering toen ik zag hoe snel Alice leerde en hoe goed ze was voor de dames waar ze op de zware eikenhouten banken zat.

Alice opperde of het niet eens tijd werd voor een kaartje voor die aardige jongen die laatst een kopje koffie was komen drinken en zocht zijn postcode in haar geheugen. Alice ‘zong’ liedjes, las voor welke oefeningen de dames moesten doen. Alice keek foto’s met ze en voetbal en ze checkte Buienradar als haar werd gevraagd of het niet te nat was om naar buiten te gaan.

En toen de pilot was afgelopen en Alice weer werd opgehaald en werd opgeborgen in een kast, zat ik nog even stil in het donker. Net als de dames die haar hadden nagekeken door hun vitrages.

Als u hem nog niet zag, kijk deze documentaire dan op Uitzending Gemist en bel daarna uw ouders als ze nog leven.

Alice kan het nu nog niet.