China schort beursgangen op na forse koersdalingen

Autoriteiten willen speculatieve handel beteugelen.

Licht herstel Shanghai

Pogingen van de Chinese autoriteiten om de spectaculaire neergang van de beurzen in Shanghai en Shenzhen te stuiten, hebben vandaag maar een bescheiden resultaat opgeleverd.

Na een neergang van 29 procent in de afgelopen twee weken, sloot de grootste Chinese beurs in Shanghai 2,4 procent hoger, terwijl die in Shenzhen 1,4 procent verloor. Afgezet tegen de openingskoersen van vandaag, toen beide beurzen met bijna 8 procent stegen was dat een teken dat de paniek onder 90 miljoen Chinese investeerders nog niet voorbij is.

Na de speculatieve handel van de afgelopen weken, kwam eind vorige week en afgelopen weekeinde de Centrale Volksbank in actie. Staatsbedrijven werd opgedragen grote pakketten eigen aandelen terug te kopen en 21 beursmakelaars moesten gezamenlijk voor 19,4 miljard dollar aan aandelen van topbedrijven kopen.

Verder kreeg de politie opdracht verspreiders van geruchten te arresteren. Ook werden de geplande beursgangen van 28 bedrijven opgeschort. In de loop van de ochtend kregen handelaren van staatsfondsen opdracht alle verkopen zelfs te staken.

Bij de openingen van beide Chinese beurzen stegen de indexen aanvankelijk met bijna 8 procent, maar die winsten verdampten in de loop van de dag, omdat investeerders zich zorgen maken over de afzwakking van de Chinese groei, die voor dit jaar wordt geraamd op 7 procent, het laagste percentage in vijfentwintig jaar.

Sinds 12 juni hebben inmiddels een kwart van de Chinese beleggers meer dan 50 procent verlies geleden. In enkele weken tijd is bijna 3.000 miljard dollar aan papieren kapitaal verdampt, dat is ruim zes maal de totale Griekse buitenlandse schuld en ruim elf jaar lang het bruto binnenlands product van Griekenland.

Chinese autoriteiten zijn bevreesd dat de paniek op de beurzen zal overslaan naar de echte economie. Miljoenen investeerders gebruiken immers hun beurswinsten om appartementen, auto’s en luxegoederen te kopen.

Volgens Chinese media is afgelopen voorjaar het aantal beleggers op de beurs (90 miljoen) voor het eerst groter het aantal leden van de Communistische Partij van China (86,3 miljoen).

Uit nieuw onderzoek van de University of California blijkt dat de recente opgang van de Chinese beurs met 150 procent deels is gefinancierd met 500 miljard dollar aan formele leningen van banken en informele leningen van familieleden – allemaal geld dat aangewend zou zijn door kleine investeerders die geld proberen te verdienen door te speculeren op snelle koersschommelingen.