Affaire Boom toont worsteling wielrennen met dopingverleden

Lars Boom kreeg vrijdag te horen dat hij niet mocht starten. Zijn ploeg Astana week af van de eigen regels.

Lars Boom reed zaterdag een tegenvallende tijdrit. Hij had 44 seconden meer nodig dan de Australische winnaar Rohan Dennis. Foto ERIC FEFERBERG/afp

Die etappe van morgen, over 223,5 kilometer van Seraing naar Cambrai over zeven stroken gemene kasseien van in totaal 13,3 kilometer. Het terrein waar Lars Boom vorig jaar het Nederlandse wielrennen „van een trauma verloste”, zoals tv-commentator Herbert Dijkstra het treffend omschreef. Negen jaar na Pieter Weening eindelijk weer eens ritwinst, hoogtepunt in de carrière van Boom zelf, een lucratieve transfer naar Astana toe. Waarom morgen niet nog eens toeslaan in de Noord-Franse Hel?

Boom (29) heeft vandaag andere zorgen. De dag voor zijn favoriete kasseienetappe wacht hem een extra medische controle door zijn ploeg Astana, in het bijzijn van een onafhankelijk arts. Op zoek naar een verklaring voor zijn ‘extreem lage’ cortisolgehalte, dat de Tour in het openingsweekeinde op zijn grondvesten deed schudden. Wat een timing van de Mouvement Pour un Cyclisme Crédible (MPCC) om op vrijdagavond bekend te maken dat Boom vanwege zijn te lage waarden niet mocht starten. Gefundenes fressen voor vooral de Duitse tv, na jaren weer terug in de Tour. Dopingrel, uitgerekend bij het toch al gewantrouwde Astana?

Tussen de ploegbussen rond de Jaarbeurs, waar de renners zich zaterdagmiddag opwarmen voor de tijdrit, is Brian Cookson geen moeite teveel om de brand te blussen. De Brit, die in 2013 Pat McQuaid opvolgde als voorzitter van de internationale wielerunie UCI, duikt de bus in van Giant-Alpecin om te praten met ploegbaas Iwan Spekenbrink, vice-voorzitter van de MPCC. Buiten legt hij aan iedereen die het horen wil uit dat er voor de UCI helemaal geen probleem is. „Feit is dat Lars Boom geen enkele UCI- of WADA-regel heeft gebroken.” Dus mag hij ‘gewoon’ meedoen aan de Tour.

„Dit was natuurlijk niet de ideale voorbereiding”, zegt Boom na afloop. Een 23ste plaats, geen meevaller voor een begenadigd tijdrijder als hij. Maar wat wil je? Ontspannen loungend met vrouw en dochtertje op vrijdagmiddag, plotseling de onheilstijding in de Franse krant L’Equipe over zijn mogelijke uitsluiting. Nu al naar huis? Ploeggenoot Alessandro Vanotti wordt snel ingevlogen maar mag hem niet vervangen van de UCI. „Dan start Boom gewoon”, verordonneert ploegbaas Aleksandr Vinokoerov.

Probeer dan maar eens te slapen. Vanaf ’s ochtends vroeg tot vlak voor de start loerende camera’s, steeds opnieuw die vragen. Boom trekt nog wel lachend zijn oranje schoentjes aan, gooit water over zijn hoofd. Maar hoe afgetraind hij ook oogt, ritme vindt hij nooit. Geen focus, stress. „Daardoor was mijn tijdrit slecht, het liep niet.”

Van doping is geen sprake, bezweert de coureur. In de aanloop naar de Tour had hij wat last van de longen, waardoor hij wat meer gebruik maakte van puffers tegen astma. „Maar dat doe ik al tien jaar.” Bij zijn Tourdebuut in 2010 sprak Boom zich in deze krant nog scherp uit tegen dopegebruikers. „Als je eenmaal geprobeerd hebt om de sport belachelijk maken door dingen te doen, moet je de kloten hebben om weg te blijven.” Toch tekende hij vorig jaar bij Astana van voormalig dopingzondaar Vinkokoerov, dat na een aantal dopinggevallen vorig jaar onder verscherpt toezicht staat van de UCI.

De wielersport blijft worstelen met het beladen dopingverleden. In de beruchte Tour van 2007 richtte een aantal ploegen de MPCC op. ‘Het christelijke wielrennen’, schamperde de toenmalige Rabo-directeur Theo de Rooij. Inmiddels zijn negen van de zeventien WorldTourploegen lid van de beweging, die strengere dopingregels stelt dan de UCI. Zoals acht dagen preventieve rust bij een te laag cortisolgehalte, wat kan duiden op gebruik van verboden cortisonen of een verminderde gezondheid. „Een vrijwillige norm”, stelt Spekenbrink. „Maar als je lid wordt van de MPCC dan committeer je je ook aan de cortisolregel en trek je de renner terug.”

Zo ging het bij Theo Bos voor de Vuelta van 2013. Zo ging het eerder dit jaar voor de Giro met de Nieuw-Zeelander George Bennett, al stapte diens ploeg Lotto-Jumbo vervolgens uit de MPPC omdat ze de controle ondeugdelijk achtten. Maar zo gaat het niet met een renner uit de ploeg van Vinoekoerov. Toen Astana vorig jaar lid werd van de MPCC leek dat al een vlucht naar voren. En bij de eerste de beste nadelige consequentie trotseert Vino ‘gewoon’ de regels. „Astana zal zich moeten verantwoorden aan de MPCC”, stelt Spekenbrink. „Dit is niet goed voor Astana, waarschijnlijk zal een exit volgen.”

Legt Astana een bom onder de MPCC? „Ik betreur het dat dit soort zaken zo makkelijk gaat”, houdt Spekenbrink zich op de vlakte. Moet er geen eenduidige regels zijn voor iedereen? „Het lidmaatschap is op vrijwillige basis.” Er zijn wél eenduidige regels in het wielrennen, verzekert Cookson. „Die van de UCI.” Daarbij zijn de leden van de MPCC vrij om extra streng te zijn. „Dat is aan die ploegen en de MPCC, niet aan de UCI,”

En dus start Boom morgen in de kasseienrit. Maar de wielersport heeft zich voor het oog van de wereld weer beschadigd. De renner is speelbal.