‘Nederland zet nieuwe standaard’

Toernooidirecteur Bas van de Goor voelt internationale waardering voor de WK

Het WK-stadion op de Hofvijver, met op de achtergrond het Torentje. Foto Koen van Weel / ANP

Als premier Mark Rutte zich na zijn vrijdagse persconferentie in het perscentrum meldt, verontschuldigt de toernooidirecteur zich. Bas van de Goor moet even op de foto met de man die vanuit zijn kamer in het Torentje zicht heeft op het tijdelijke beachvolleybalveld op de Hofvijver.

Een luxeplaats, dacht Rutte. Even daarvoor keek hij vanuit zijn kamer op een drijvend podium voor klassieke muziek. Hij had zich verkneukeld op een soortgelijk panorama bij de WK beachvolleybal. Tot de steigerbouwers hun werk hadden gedaan en zijn uitzicht een oranje wand bleek te zijn. Weg pret. In ruil voor klassieke klanken dendert het lawaai van publiek en popmuziek zijn kamer binnen. Dusdanig hard dat Rutte voor een rustig telefoongesprek moet uitwijken. Het Griekse vraagstuk en grote landszaken verdragen nu eenmaal niet de herrie van de WK beachvolleybal.

Ruttes ongemak ten spijt is het toernooi nog voor het finaleweekeinde een succes te noemen. Meer dan 100.000 fans kwamen al kijken in de speelsteden Den Haag, Rotterdam, Amsterdam en Apeldoorn. Financieel kan het evenement niet meer stuk. Sportief evenmin, nu Reinder Nummerdor en Christiaan Varenhorst als enige Nederlandse duo de halve finales hebben bereikt. Het koppel zorgde donderdag laat voor een opwindend avondje door twee taaie Amerikanen in een zinderende wedstrijd te verslaan. Zij hebben het toernooi gered.

De schouders van Van de Goor zijn nog net niet beurs geslagen, maar het regent complimenten voor de organisatie, waarvan de 295-voudige oud-international overigens alleen het gezicht is. Het feitelijke werk wordt verricht door het sportmarketingbureau TIG, dat na het afblazen van de kandidatuur voor de Europese Spelen in Nederland wel een oppepper kon gebruiken. TIG speelde, als partner van sportkoepel NOC*NSF, een voorname rol in de geflopte bidprocedure.

Maar over de WK beachvolleybal weinig klachten, ervaart Van de Goor. Vanwege de hoge organisatiegraad, de mooie stadions, de intense publieke belangstelling – maar vooral vanwege het podium dat de volleyballers wordt geboden. Die zijn bij andere toernooien gewend veel wedstrijden op bijvelden voor een man of tien, twintig te spelen. In Nederland staan de spelers elke duel volop in de schijnwerpers. Dat wordt zeer gewaardeerd, vertelt Van de Goor. Zelfs door de Brazilianen die vanwege het doorgaans slechte weer Nederland tot voor kort vervloekten. De drievoudige Amerikaanse olympisch kampioene Kerri Walsh hield tegenover Van de Goor bijna niet op met complimenteren. „En dat kwam uit de grond van haar hart”, zegt de toernooidirecteur.

Van de Goor meldt ook lovende recensies van de internationale volleybalbond FIVB. „Die denken groot en verlangen van elk organiserend land een nieuwe standaard. En daar zijn wij in Nederland in geslaagd, vinden ze bij de bond. Vooral het nieuwe concept van vier speelsteden roept enthousiasme op. Nederland heeft de lat voor de volgende WK hoog gelegd.”

Met recht, vindt Van de Goor, omdat beachvolleybal zich tot een serieuze sport heeft ontwikkeld. Toen hij zijn carrière in de zaal afsloot, was het allerminst vanzelfsprekend dat internationals overstapten naar het frivole beachvolleybal. Maar het indoorvolleybal is intussen voorbijgestreefd, zeker bij de mannen, oordeelt Van de Goor. „Vanwege de dj en de danseressen lijkt beachvolleybal geen serieuze zaak, maar achter de beelden van entertainment schuilt een wereld van professionele topsport. Zie hoe soepel die jongens van ruim twee meter zich in het zand bewegen. Dat kan alleen als je goed getraind bent.”

Van de Goor heeft zelf de kans gehad de overstap te maken. Na de Spelen van Beijing (2008) vroeg Bram Ronnes hem als partner. Maar de speler die in 1996 deel uitmaakte van de olympische kampioensploeg zei bewust nee. „Ik was al drie jaar gestopt en had mijn leven op de kop moeten zetten. Ik had twee keer zo hard moeten trainen om met de top mee te kunnen. Dat paste niet meer bij mijn nieuwe bezigheden.”

Geen spoor van spijt. Hij was op en top een indoorspeler. Dat hij nu het beachvolleybal dient, verrast hem zelf ook. Maar de rol van toernooidirecteur is hem op het lijf geschreven. En de waardering voor beachvolleybal? Die is toegenomen.