Mitch Henriquez: van acht zinnen naar de voorpagina

Mitch Henriquez overleed zondag in Den Haag als gevolg van politiegeweld bij zijn arrestatie, nadat vijf agenten hem tegen de grond hadden gewerkt. Er zijn geen andere verklaringen gevonden, liet het Openbaar Ministerie woensdag weten. Sectie had ook geen sporen van onmatig drank- of drugsgebruik opgeleverd.

Waarom suggereerde NRC Handelsblad dan op dinsdag nog dat Henriquez mogelijk was bezweken aan de gevolgen van een „cocaïnedelier”? Dat was „niet uitgesloten”, citeerde de krant universitair hoofddocent Jaap Timmer in een kader bij het eerste stuk over de zaak en de rellen (Hevige rellen na dood arrestant, 30 juni).

Op Twitter, waar de kwestie snel viraal ging, kreeg de krant ervan langs, toen de doodsoorzaak eenmaal vast stond. Schande!

Ik vroeg redacteur justitie Elsje Jorritsma ernaar, die het stuk schreef. Zij vindt het verwijt van stigmatisering een kwaadwillende lezing van het stuk. „Er vlogen meteen beschuldigingen van racisme en moord in het rond, terwijl nog vrijwel niets zeker was. Daar wilden we iets tegenover zetten: wat weten we nu precies? Wat zijn de andere mogelijke verklaringen?”

Dus kwam ze bij Timmer terecht, die in 2005 promoveerde op politiegeweld. In dat proefschrift behandelt hij ook het verschijnsel ‘geagiteerd delirium’, een vakterm voor een combinatie van opwinding en cocaïnegebruik waardoor arrestanten plotseling in elkaar zakken – en soms overlijden.

Jorritsma sprak twee scenario’s met hem door, zegt ze: zo’n delirium, maar ook het gebruik van de nekklem door de agenten – toen al op Youtube-beelden te zien.

Er lijkt me niets op tegen bij een deskundige navraag te doen, ook over raadselachtige sterfgevallen. Al had ik het zelf ook helemaal niet storend gevonden als de krant even had gewacht met de eigen sectie. Het lag voor de hand dat uitsluitsel over de doodsoorzaak, onder druk van de onrust en de rellen in Den Haag, geen maanden op zich zou laten wachten.

Maar vooral: als je het al doet, hou dan een forse slag om de arm. Maak duidelijk dat het algemene observaties zijn, die nog niks zeggen over een individu. Evenmin „uitgesloten” was toen immers nog dat Henriquez hartpatiënt was of een beroerte had gekregen.

In plaats daarvan stond de opmerking tamelijk plompverloren in een kort kadertje, dat eigenlijk over iets anders ging: de geweldsvoorschriften van de politie (Arrestaties: wat mag een agent?). Vermelding van hardhandig optreden of nekklem ontbrak. Ja, zo gebracht wordt het loze speculatie.

Een langere, veel betere versie van het kadertje stond een dag later in nrc.next. Dat citeerde Timmer ook (in één zin) over drugs, maar ging verder uitgebreid in op het andere scenario dat met hem was besproken en waar sterke aanwijzingen voor bestonden – de nekklem.

Mijn indruk: de redactie liet zich in dat eerste kadertje te veel leiden door de wens om niet mee te gaan in het framen van de zaak als een racistische moord. Ook leerzaam, trouwens: de zaak kreeg zondag al landelijk effect toen RTL-presentator Humberto Tan (551.000 volgers) erover twitterde.

Toch was de zaak in NRC Handelsblad maandag nog maar een ANP-bericht van acht zinnen. De krant haalde daarna veel in, maar was niet bij de eerste rellen in Den Haag of bij de (op tv uitgezonden) persconferentie van het OM.

Tekort aan inzet was er niet: ten minste tien, van dag tot dag wisselende auteurs berichtten over de zaak. In de middagkrant eerst Jorritsma (dinsdag), daarna Kim Bos en Laura Wismans vanuit Den Haag (woensdag) en Marcel Haenen over de politie (donderdag). Hun stukken verschenen ook in nrc.next, dat twee keer met de zaak opende. Op nrc.nl werden de ontwikkelingen gevolgd door Frank Huiskamp (maandag), Huib de Zeeuw (dinsdag), opnieuw Huiskamp (woensdag), Joost Pijpker (woensdag), Casper van der Veen met Sjoerd Klumpenaar (woensdag), en Laura Klompenhouwer (donderdag).

Maar wie was hier nu de gelukkige probleemeigenaar, die met elk aspect van de zaak bezig blijft en bij wie bronnen, of lezers met tips, terecht kunnen?

Voor de site is die snelle wisseling logisch; die werkt met dagdiensten van redacteuren, die allemaal onder naam schrijven. Maar hun stukken bestaan grotendeels niet uit eigen nieuwsgaring, ze zijn samengesteld uit materiaal van persbureaus, sociale media en collega’s („update: Kim Bos is ter plekke”). Dat levert vaak zeer goede overzichten op, maar het is iets anders dan verslaggeving.

Een spijkerharde verslaggeverskrant is NRC Handelsblad volgens het cliché ook nooit geweest – de krant zoekt het in analyse en verdieping. Maar soms ligt het nieuws inderdaad op straat. Alleen, het vinden vereist neus voor nieuws, vasthoudendheid, koesteren van bronnen en opbouwen van expertise. Dan kun je ontwikkelingen soms ook zien aankomen, voordat ze op Teletekst 101 staan.

Een aparte of grotere verslaggeverij bij de krant, waar nu keihard wordt gewerkt in nieuws- en bureaudiensten voor drie platforms, zou denk ik helpen.