Column

Business as usual

Bankiers kom uit je mopperhoekje. Die boodschap echoode afgelopen maandagmiddag door de zaal in het Nutshuis in Den Haag. Minister Jeroen Dijsselbloem zei het: „De reactie bij bankiers is te veel: we zijn er even niet, de ophef zal wel weer overwaaien. Ik zou graag ook veel mensen uit de sector zelf willen horen.” Voormalig Tweede Kamerlid Jan Schinkelshoek (CDA) zei het: „Bankiers zouden er goed aan doen zich wat minder wrokkig terug te trekken.”

Voormalig president van De Nederlandsche Bank Nout Wellink zei het: „Bij bankiers is de maatschappelijke antenne aan de korte kant.” Zelfs de moderator van de middag kon het niet laten om te verklappen dat bankiers in aanloop naar het symposium prima bereid waren vertrouwelijk mee te werken aan het onderzoek maar dat „een paneldiscussie in het openbaar” een brug te ver was.

De bankier ligt onder zijn dekbed te wachten tot de woede van het volk overgaat.

Maar, constateerde Schinkelshoek, deze woede gaat al zeven jaar niet over. „Er hangt nog steeds opvallend veel emotie rondom de financiële sector.” Vaak gaat de woede een tijdje na een parlementaire enquête weer liggen. Dat is bij de financiële sector niet zo. Integendeel: hier ligt een open zenuw waar elke keer weer aceton in drupt.

Schinkelshoek was onderdeel van de parlementaire commissie die tussen 2009 en 2012 in fases de financiële crisis van 2008 onderzocht: de oorzaken en de genomen maatregelen. Samen met voorzitter Jan de Wit (SP) deed hij de afgelopen maanden aan zelfonderzoek. Wat was er gedaan met hun aanbevelingen? Is de financiële sector veiliger? Is de cultuur veranderd? Ze spraken met politici, economen, bankiers en wetenschappers.

De deprimerende conclusie van Jan de Wit: zeven jaar na het begin van de crisis is het vertrouwen in de banken niet terug, is hij heel erg bezorgd over de kans op herhaling en spreekt de Tweede Kamer te weinig over de inrichting van het financiële systeem. Bij de banken worden nog steeds hoge bonussen uitgedeeld aan de snelle jongens.

Of de cultuur binnen banken was veranderd? Mwah. De enige die volmondig betoogde van wel, was Han de Jong, hoofdeconoom bij ABN AMRO. De scherpste kritiek op de salarisverhoging bij ABN AMRO kwam uit de bank zelf.

Dus business as usual? Nee. De activiteiten van Nederlandse banken zijn totaal veranderd sinds de crisis. Het „verliesdragend vermogen” van banken is bovendien verhoogd, aldus Dijsselbloem. Maar ja, zei hij ook, een crisis voorkom je daar niet mee. Want je bent altijd de vorige oorlog aan het winnen. De volgende crisis komt uit een ander hoekje.

Financiële crises horen bij het leven als zuurstof. Hoe je de banken ook inricht, – geheel in handen van de staat, gescheiden in zaken- en nutsbanken – crises kennen ze allemaal. Ze zijn alleen zelden zo groot als die van 2008. En: het financiële systeem is ingewikkelder dan ooit. De meest verontrustende opmerking kwam dan ook van Nout Wellink. Niks de vorige oorlog aan het winnen: „We hebben de vorige oorlog niet begrepen.” De oorzaken niet en ook de oplossingen niet. En dat maakt deze crisis eng.

Daarom moeten we blijven uitzoeken wat we gebouwd hebben, hoe makkelijk het financiële stelsel wel of niet instort. Daarbij helpt niet dat politici en bankiers zo ver uit elkaar staan. Er is wederzijds dedain, klonk het die middag. Ik zou zeggen: laat de vijandbeelden los. Bankiers moeten laten zien dat ze willen werken aan een financiële sector die dienstbaar is. Politici moeten over meer debatteren dan salarissen. Zeven jaar na de crisis is doorwrocht debat en onderzoek nog steeds nodig.