Huurstijging bepaald door kwaliteit woning

De kwaliteit van sociale huurwoningen gaat voortaan de jaarlijkse huurverhogingen bepalen. Dat schreef minister Blok (Wonen, VVD) vrijdag in een brief aan de Tweede Kamer. Deze ‘huursombenadering’ vervangt de inkomensafhankelijke huurverhoging.

Vanaf volgend jaar juli mogen woningcorporaties hun huren gemiddeld niet meer laten stijgen dan de inflatie plus 1 procent. Ze moeten de verdeling van de huurstijgingen laten afhangen van de kwaliteit van de individuele woningen. Huurders die weinig betalen in verhouding tot de kwaliteit van hun woning, kunnen hun huur met maximaal 2,5 procent zien stijgen. En bij mensen die relatief veel betalen, kan de huurstijging beperkt blijven tot maximaal de inflatie.

Blok neemt hiermee de kern van het huurakkoord over dat Woonbond (huurders) en Aedes (verhuurders) vorige maand sloten. Maar hij wijkt op twee punten af: de huursombepaling geldt niet voor particuliere verhuurders, en een vijfjaarlijkse inkomenstoets moet de doorstroming van ‘scheefwoners’ stimuleren. Huishoudens met een inkomen boven 38.950 euro – de toelatingsgrens voor een sociale huurwoning – kunnen dan een grotere huurverhoging krijgen van 4 procent.

Blok schrijft in zijn brief dat deze huursombenadering de uitgaven aan huurtoeslag dempen en dat het een „positief effect” heeft voor huurders met een laag inkomen.