Moderne snijroos ruikt nergens naar door inactief geurgen

Wie een bos rozen krijgt, steekt tevergeefs zijn neus erin. Snijrozen geuren niet. Het gen dat daarvoor grotendeels verantwoordelijk is, wordt vandaag beschreven door Franse plantenbiologen in Science. Dat gen, met de naam RhNUDX1, is in geurloze rozen uitgeschakeld. Staat het gen in de bloemen wél aan, dan ontvouwt zich een boeket aan rozengeuren.

Dat de rozen in de vaas niet geuren, heeft een reden. Geur gaat niet goed samen met houdbaarheid, legt Ad van Rooijen uit. Hij is hoofd veredeling bij rozenveredelaar De Ruiter Innovations. „Rozen met veel geur gaan sneller open.” Een goede snijroos blijft lang goed, heeft een hoge productie, lange stelen en ‘elegantie’ (mooie kleur en knopvorm). „Geur had geen prioriteit. Maar de laatste tijd krijgen we wel vragen: waar is die geur gebleven?”

Genetische kennis over geurproductie kan de rozenteelt helpen, denken de biologen onder leiding van Sylvie Baudino van de Université de Lyon / Saint-Etienne. Ze vergeleken sterk geurende rassen (zoals de tuinrozen Papa Meilland en Pariser Charme) met niet-geurende rassen (zoals de snijroos Baccara). Zwoel geurende tuinrozen bestaan wél, omdat die niet sterk op andere eigenschappen veredeld zijn.

RhNUDX1 bleek in de geurende rozen vaak meer dan 5.000 keer zo actief als in niet-geurende. Met het gen maakt de roos een enzym dat bijdraagt aan voor de productie van veel rozengeurstoffen. Die geurstoffen zijn aan elkaar verwant, geraniol is de belangrijkste. Baudino: „Ons gen zou kunnen worden gebruikt als marker. Veredelaars kunnen testen of planten zullen geuren, al voor de bloei.”

Volgens veredelaar Van Rooijen kan die kennis nog niet direct toegepast worden. „De technologie met genetische markers wordt nog niet in alle plantensoorten gebruikt. Bij rozen lukt dat alleen nog in onderzoekslabs. Het is lastig en kostbaar.” Het ligt aan het chromosomenaantal: rozen hebben elk chromosoom in viervoud.

Bovendien moeten kwekers dan alsnog de houdbaarheid van geurende snijrozen verbeteren. Van Rooijen: „Er zijn nu maar een paar rassen die geschikt zijn en een vorm van geur hebben. De White Charming komt dicht in de buurt.”