Hobbybeleggers lijden meest van instorting Chinese beurzen

Paniek in China: de koersen kelderen ongekend hard. De beurshype, opgepompt door nieuwe beleggers, is voorbij.

Beleggers op de beurs in Beijing. Beurspensionado’s zorgden voor een casino. Foto’s EPA

In de zalen van de aandelenhuizen in de Chinese beursmetropool Shanghai doen de verkopers van kalmerende pilletjes tegen hartkloppingen en hoge bloeddruk goede zaken, net als de sigarettenwinkels in de buurt. En voor de ogen van een winkelend publiek in het luxueuze centrum om de hoek sprong gisteren kort na sluiting van de instortende Shanghaise beurs een wanhopige vrouw, die volgens haar laatste tweet al haar geld had verloren, haar dood tegemoet.

De dollemansritten op de Chinese beurzen doen investeerders ook in kalmere tijden duizelen, maar na de half jaar durende opmars waarin de beurs in waarde verdubbelde, komt de plotselinge neergang hard aan en groeit de paniek.

Sinds 12 juni hebben de aandelen van alleen in China genoteerde bedrijven (A-shares) 22 procent van hun waarde verloren. In een paar weken tijd is bijna 2.600 miljard dollar verdampt. Vandaag daalden de beurzen van Shanghai en Shenzen met 7,2 en 3,1 procent.

In rook op

Normaal gesproken hebben de bewegingen op de Chinese beurzen weinig nationale, laat staan internationale impact. Maar ditmaal is de Chinese overheid, die worstelt om de daling van de groei tot stilstand te brengen, daar niet gerust op. Of zoals een commentator het vandaag op de Chinese radio zei: „Als 2.600 miljard dollar in rook opgaat betekent dat dat geld niet naar de verkopers van auto’s, huizen en consumentenartikelen gaat.”

Met een hele reeks maatregelen, waaronder een cashinjectie in staatsbedrijven met veel schulden van 500 miljard dollar en versoepeling van de regels voor investeerders die willen lenen om te investeren, proberen de autoriteiten de neergang te stoppen.

Politiek motief

De reden voor de opmerkelijke overheidsbemoeienis is dat gevreesd wordt dat alleen in China genoteerde bedrijven door gebrek aan kapitaal over de kop gaan. Dat willen de autoriteiten in deze tijd van neergang juist vermijden.

Daar komt bij dat de activiteiten van de beursmakelaars vorig jaar goed waren voor bijna een procent van de Chinese groei. Als het dus slecht gaat met deze gespecialiseerde ondernemingen komt de toch al zwakke groei nog zwaarder onder druk te staan. En er is een politiek motief: een neergaande beurs in tijden van een afzwakkende economie kan het internationale vertrouwen in de tweede economie van de wereld beschadigen. Of, zoals een Chinese columnist in The Wall Street Journal vaststelde: „Het kan twijfel zaaien over de bekwaamheid van de Chinese economische managers”.

Overgangsfase

De Chinese premier Li Keqiang die op het ogenblik door Europa reist, wijst deze kritiek van de hand. Hij zei vandaag dat de afzwakkende groei juist goed is voor China en dat zijn land zich in een economische overgangsfase bevindt. China is zich aan het hervormen van een lage lonen/exportland naar een moderne hightech economie met een grote binnenlandse markt. Li zei ook dat de campagnes in China om potentiële investeerders te waarschuwen tegen de risico’s van beleggen zullen worden uitgebreid.

Chinese analisten waarschuwen al maanden dat de Chinese beurshype een luchtbel was. Een luchtbel die door kleine en middelgrote particuliere investeerders – onder wie de beruchte beurspensionado’s en andere hobbyisten – was opgepompt met geleend geld.

Met geleend geld, voorschotten op pensioenen en spaargelden van familieleden begaven de afgelopen maanden honderdduizenden nieuwelingen zich op de beurs, al dan niet met behulp van gratis verkrijgbare apps. In drie jaar is het aantal bezitters van aandelen verdubbeld naar 90 miljoen. Succesverhalen, zoals van twee Shanghaise zusters die miljonair waren geworden na vijf dagen speculeren, gingen door het hele land.

Deze marginale handelaren die van de Chinese beurzen met geleend geld en gehypete koersen casino’s maken, hebben van de recente scherpe dalingen, variërend van 5 tot 7 procent per dag, het meest te lijden.

Vandaar ook dat in winkelcentra, op bruggen en bij het spoor de bewakers opdracht hebben gekregen extra waakzaam te zijn op mensen met zelfmoordplannen.