Mart Smeets, een unieke persoonlijkheid

Het werd een Tour de France zonder De Avondetappe, zonder Mart Smeets. Dat nieuws, dat eigenlijk geen nieuws was, leek in de aanloop naar de Tour de France haast belangrijker dan de Tour de France. Mart Smeets dook overal op, vaak in de vorm van een interview, waarin hij het verdwijnen van zijn programma relativeerde, wat in het geval van Mart Smeets nooit helemaal lukt. De VARAgids vroeg hem als gasthoofdredacteur voor de Tour de France-special, hetgeen resulteerde in een schitterende Mart Smeets-special die hij bijna helemaal zelf volschreef. Op de cover stond dan ook volkomen terecht een tekening van zijn hoofd, die dinsdagavond op een groot scherm in het Spoorwegmuseum werd geprojecteerd want met het gasthoofdredacteurschap kwam een Mart Smeets-avond die, heel kinderachtig van de NOS, op het laatste moment toch niet ‘De allerlaatste Avondetappe’ mocht heten. In de zaal een paar honderd liefhebbers van Mart Smeets, die kregen waarvoor ze kwamen: heel veel Mart Smeets.

Goed, de andere vaste gasten uit De Avondetappe waren er ook, en ze zeiden ook zinnige dingen over wielrennen, ex-wielrenner Rob Harmeling oogstte met opmerkingen als ‘Als je dorst hebt, moet je drinken’ en ‘Ik kon niet klimmen, maar dat maakte die berg geen bal uit’ gelach, maar het draaide vooral om Mart Smeets, die het Limburgs van Jean Nelissen probeerde te imiteren en die beelden van de Tour de France van 1980 opnieuw van commentaar voorzag.

„Dan Parijs, ‘de Neel’ en ik zaten daar, ik had al twee brandgaatjes in mijn rechterbroekspijp van de Neel. Joop won hier, dat is 1980, het jaar dat wij met z’n allen gloeiden.”

Het werd wat veel Mart Smeets toen Vic van de Reijt, de deejay van dienst, Franse plaatjes ging draaien en Mart ging meezingen, de zaal zelfs dirigeerde. „Francoise Harvey, de koningin van de jukbeenderen.”

Toen het al drie kwartier was uitgelopen, de mensen dorst kregen, het meisje met de bloemen naast het podium begon te wankelen en Mart dreigde om helemaal niet meer te stoppen, werd eerst voorzichtig, daarna toch wat harder, de eindtune Dalida ingestart. Maar daar trok hij zich geen moer van aan, wat op zich weer helemaal Mart was want als er iemand geen genoeg kon krijgen van Mart Smeets op een podium was het Mart Smeets wel.

Zelden een man zo zien genieten als Mart Smeets na afloop toen hij in zijn bordeauxrode colbert achter een tafeltje onvermoeibaar zijn boeken signeerde en gesprekken voerde met Mart Smeets-fans. Zijn uitgever, Marie-Anne van Wijnen, stond er spinnend naar te kijken en vatte alles samen in een zin: „Wat is hij toch een unieke persoonlijkheid.”

Dat vond hij zelf gelukkig ook.