Crisis in de rechtsstaat: een aanhouding kan dodelijk zijn

De uiterst ongemakkelijke waarheid is dat dit weekend de Haagse politie bij een aanhouding een dodelijk slachtoffer maakte. Gisteren maakte het Openbaar Ministerie bekend dat „verstikking” de waarschijnlijke doodsoorzaak is bij de 42-jarige Mitch Henriquez uit Aruba. En dat het zuurstoftekort werd veroorzaakt door politiegeweld bij de aanhouding. De vijf betrokken agenten zijn geschorst en worden beschouwd als verdachten. Dat alles is dus een ramp – voor de betrokkene en zijn familie, voor de getuigen en omstanders, voor de bevolking van Den Haag, voor de politie zelf en voor het vertrouwen tussen burger en overheid. En dus voor de rechtsstaat.

De demonstranten die deze week in de Schilderswijk voor onrust en vernielingen zorgden, zijn in hun vermoedens bevestigd. Politiegeweld wás de oorzaak. Voor de demonstranten past dit incident in een trend. Velen verwijten de politie dat zij zwarten en moslims harder aanpakt dan blanken. Racisme en discriminatie vreten aan de wortels van de democratische rechtsstaat; op de arbeidsmarkt komt het zeker voor. Aanwijzingen dat de politie er ook niet vrij van is, worden sterker. Recent toonde korpschef Bouman zelf zich bezorgd. Of huidskleur bij deze arrestatie een rol speelde is overigens onbekend. Henriquez had de politie uitgelokt door volgens het OM „meerdere keren” te roepen „dat hij een wapen bij zich had”.

Nu behoren tot de fundamenten van een rechtsstaat de algemene beginselen van behoorlijk politieoptreden. Het toetsingskader omvat proportionaliteit en subsidiariteit; daaraan moet zijn voldaan voordat van rechtmatig geweld gesproken kan worden. Gebeurde het op de juiste manier: kon het niet op een andere manier? En: was het ook fatsoenlijk, gematigd en redelijk? Iedereen met toegang tot internet kon een deel van de aanhouding van Henriquez achteraf mee beoordelen dankzij twee filmpjes die omstanders met hun gsm maakten. Te zien is een tegenwerkende arrestant, languit op de grond, met ten minste vier agenten bovenop zich. Een van hen past een nekklem toe. Het tweede filmpje laat een verslapte arrestant zien die door agenten in een ME-bus wordt gehesen.

Die beelden zijn dramatisch en maken het moeilijk om géén conclusies te trekken. Met name de goed zichtbare nekklem, ook wel verstikkingshouding (‘choke hold’) genoemd, is controversieel. Die zou worden gebruikt om terugvechtende arrestanten ‘out’ te laten gaan door de bloedsomloop of de ademhaling te onderbreken. Bij sommige buitenlandse korpsen mag zoiets alleen als de agent zelf in levensgevaar is. Mochten de Haagse agenten deze nekklem wel toepassen in deze omstandigheden? Is een nekklem überhaupt toelaatbaar? De minister en de korpschef hebben iets uit te leggen.