Blind begint met povere kaarten

Na eerste twee duels kan het al voorbij zijn voor nieuwe bondscoach met eigenaardig carrièrepad.

In een duo-interview met zijn zoon Daley in de Volkskrant eind vorig jaar gaf Danny Blind een verklaring voor zijn wel erg gestage opmars als speler (tot zijn 24ste bij Sparta). Iets dat we nu ‘laatbloeier’ zouden noemen. „Ik ben als jongen altijd terughoudend, afwachtend en bescheiden geweest. Te bescheiden, misschien wel. Ik was niet wereldwijs.”

Blind heeft nooit voor een buitenlandse werkgever gewerkt, voor iemand met zijn statuur (als speler) een bijzonder gegeven. De parallellen met zijn gestage opmars in het voetbalmanagement zijn er, al valt bescheidenheid uit te sluiten nu hij zich zonder noemenswaardig trainers-cv kennelijk geschikt acht voor het belangrijkste beroep in het Nederlands betaald voetbal.

Ruim tien jaar na zijn eerste en enige aanstelling als hoofdtrainer van een seniorenteam, het eerste van Ajax, is Blind op zijn eigen eigenaardige manier opgeklommen naar het bondscoachschap. De „top van de Nederlandse voetbalpiramide” zoals een van zijn voorgangers, leermeester Louis van Gaal, het ambt noemde.

Op de dag van zijn aanstelling, 1 augustus, wordt Blind 54. Met wisselend succes bekleedde hij na zijn spelerscarrière verschillende functies in het kader bij Ajax, Sparta en Oranje, waarbij hij vaak in de slipstream van Van Gaal opdook. Maar bij diens stap naar Manchester United volgde hij Van Gaal niet, omdat het Blind duidelijk was dat hij bondscoach kon worden. „Ik heb dat toen met volle overtuiging afgehouden”, zegt Blind vandaag in het AD. „Als je gezonde ambitie hebt, wat is mooier dan een keer bondscoach worden?”

Met zijn contract tot en met het WK 2018 stapt Blind, KNVB’s gedroomde kandidaat voor de lange termijn, naar voren op een uiterst roerig moment na het ontslag van Hiddink eerder deze week. Nu wordt hij dan echt verantwoordelijk voor Oranje dat voor directe plaatsing voor het EK feitelijk geen steken mag laten vallen in de resterende vier kwalificatieduels.

Blind heeft zich als enige doel gesteld het EK in 2016 halen, stelt hij in het gisteren uitgebrachte persbericht van de KNVB. „Ik kijk nu niet terug en niet verder vooruit, alleen het halen van het EK telt.” Een behapbare klus, maar wel één die zijn loopbaan als trainer zal definiëren. Op 3 september, een maand en twee dagen na zijn officiële aanstelling, wacht in de Arena dé verrassing van de kwalificatiepoule: koploper IJsland. Drie dagen later al is de onvoorspelbare uitwedstrijd in het afgelegen Konya tegen het altijd grillige Turkse team dat vecht voor een laatste kans om (ten koste van Oranje?) derde te worden.

Ga er maar aan staan. In vier duels coacht hij met de rest van zijn carrière in de waagschaal en het kan na twee duels al gebeurd zijn. De KNVB spreekt in het persbericht van een evaluatiemoment na seizoen 2015/16, wat te lezen is als: zonder plaatsing voor het EK volgende zomer scheiden de wegen direct na het kwalificatietraject.

Blind heeft, kortom, geen beste kaarten toebedeeld gekregen, al kun je deels stellen dat hij zich die slechte hand zelf heeft aangedaan. De kwetsbaarheid van de constructie om iemand uit de boezem van Oranje al het bondscoachschap in het vooruitzicht te stellen, lag in slechte prestaties. En die kwamen. Hij zat erbij toen Hiddink, ondanks de bezweringen van de bondscoach dat hij vier verdedigers voldoende vond, begin september vorig jaar tegen Tsjechië toch switchte naar het WK-systeem: 5-3-2. Met de opgelopen 2-1 nederlaag in Praag raakte Hiddink het stigma van zwalkend stuurman niet meer kwijt.

Blind kreeg meer verantwoordelijkheid van Hiddink. Immers, als assistent onder voorganger Van Gaal was Blinds taakomschrijving nog slechts: „Hij verbindt de analyses van de scouts naar mij [Van Gaal] toe, en doet de training.” Diezelfde Van Gaal zei altijd dat er drie Nederlandse voetballers zijn geweest die als speler al dachten als een coach. Johan Cruijff, „ikzelf” en Blind. „Hij vond zelf de oplossing in het veld. Die spelers zijn er haast niet meer”, zei hij over de aanvoerder van het Ajax-elftal dat de Champions League won in 1995.

Dat de KNVB in Blind een bondscoach zag, daar kon Van Gaal alleen maar hartgrondig mee instemmen. „Als er iemand is die alle lagen van het voetbal heeft doorlopen is het Danny Blind.” Ook zou er niemand zijn met beter zicht op wat Nederland aan voetbaltalent te bieden heeft.

Maar nu, als bondscoach, komt het vooral neer op peoplemanagement en ego-massage van de hoogste orde. Een potentieel interessante verhaallijn is uiteraard de omgang met zoon Daley. Zeker bij een terugkeer op niveau van de geblesseerde Kevin Strootman als concurrent voor de plek als controlerende middenvelder. En dan is er ook nog de kwestie van de spitspositie: (aanvoerder) Robin van Persie versus (afmaker pur sang) Klaas-Jan Huntelaar.

Zoals directeur betaald voetbal van de KNVB Bert van Oostveen zei: „We wensen Danny, met zijn staf, veel succes toe.”